27016035 2025-01-01 2025-12-31 27016035 2025-12-31 bw2-titel9:ConsolidatedMember 27016035 2024-12-31 bw2-titel9:ConsolidatedMember 27016035 2025-01-01 2025-12-31 bw2-titel9:ConsolidatedMember 27016035 2024-01-01 2024-12-31 bw2-titel9:ConsolidatedMember 27016035 2023-12-31 bw2-titel9:ConsolidatedMember 27016035 2024-12-31 bw2-titel9:LegalReservesMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-12-31 bw2-titel9:RevaluationReserveMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-12-31 bw2-titel9:ReservesOtherMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-12-31 bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-01-01 2025-12-31 bw2-titel9:LegalReservesMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-01-01 2025-12-31 bw2-titel9:RevaluationReserveMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-01-01 2025-12-31 bw2-titel9:ReservesOtherMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-01-01 2025-12-31 bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-12-31 bw2-titel9:LegalReservesMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-12-31 bw2-titel9:RevaluationReserveMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-12-31 bw2-titel9:ReservesOtherMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2025-12-31 bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2023-12-31 bw2-titel9:LegalReservesMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2023-12-31 bw2-titel9:RevaluationReserveMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2023-12-31 bw2-titel9:ReservesOtherMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2023-12-31 bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-01-01 2024-12-31 bw2-titel9:LegalReservesMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-01-01 2024-12-31 bw2-titel9:RevaluationReserveMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-01-01 2024-12-31 bw2-titel9:ReservesOtherMember bw2-titel9:SeparateMember 27016035 2024-01-01 2024-12-31 bw2-titel9:SeparateMember iso4217:EUR iso4217:EUR
Spring naar inhoud
Jaarverslag 2025

Profiel

Mensen voorop

Wij zijn Klaverblad: een 100% Nederlandse verzekeraar, al meer dan 175 jaar actief. In 1850 opgericht als coöperatie en betrouwbaar vangnet voor boeren. We zijn een organisatie waar mensen voorop staan, altijd. We zijn onafhankelijk en kijken verder dan winst. We zijn er om continuïteit te bieden aan particulieren en ondernemers. Want als het tegenzit, zijn we er voor ze. 

Onze missie

In 2025 hebben wij onze missie aangescherpt. Zodat die een sterkere basis vormt voor onze strategie richting 2030. 

Wij zijn er voor de aanpakkers. Voor mensen die vooruit willen, verder kijken en er staan als het nodig is. Als coöperatie bewijzen wij dat het anders kan. Bij ons zijn solide verzekeringen, persoonlijke aandacht en duurzame keuzes samen de norm. Zo creëren we meerwaarde die verder gaat dan financiële zekerheid. 

Wat wij beloven

Als zelfstandige coöperatieve verzekeringsmaatschappij beloven we een ruime dekking, een reële prijs en een ongewoon goede service. 

We verzekeren consumenten, zzp’ers, het MKB, veehouders en landbouwers via een landelijke dekking van onafhankelijk adviseurs waar we mee samenwerken. We werken graag met de mensen die de typische aanpakkersmentaliteit hebben waar we zo van houden. Ondernemende doeners en denkers met oog voor hun directe omgeving. 

We verstrekken alleen verzekeringen die écht nodig zijn, inclusief risico’s die minder standaard zijn. Alles binnen verzekeringstechnische kaders en met oog voor duurzaamheid. 

Digitaal als het kan, persoonlijk als het moet. Dat is ons motto. Persoonlijk contact blijft altijd onderdeel van onze dienstverlening, binnen duidelijke en voorspelbare processen en afspraken. 

De vijf van Klaverblad

Bij Klaverblad vinden wij 5 waarden extra belangrijk in hoe we willen werken.   

  1. Fair: we zijn helder en voorspelbaar naar onze klanten en onze partners. 
  2. Vakkundig: we maken onze keuzes onderbouwd, weten waar we over praten. 
  3. Oprecht: we doen wat we beloven, zijn eerlijk. 
  4. Ondernemend: we steunen goede initiatieven, willen samen groeien. 
  5. Attent: we geloven in oprechte aandacht voor elkaar.  

Trends en onze rol

De maatschappij individualiseert. Mensen zijn minder betrokken bij elkaar. Ongelijkheid neemt toe. Winstbejag lijkt voor veel bedrijven het belangrijkste doel. Goed werkgeverschap en zorg voor de klant raken steeds meer op de achtergrond.  

Wij bieden tegenwicht aan deze ontwikkelingen waar we kunnen. Omdat het in ons DNA zit om verbinding op te zoeken. Dat heeft te maken met ons coöperatieve karakter, ons streven om iets te kunnen teruggeven aan de samenleving en onze voorkeur voor persoonlijk contact met mensen die midden in het leven staan. 

Onze ambitie en meerjarenstrategie naar 2030

Onze ambitie is duidelijk: in 2030 is Klaverblad de best gewaardeerde verzekeraar voor de aanpakkers van Nederland! Onze strategie: 

  • We groeien door focus - met de juiste producten, markten en distributiestrategie.  
  • We worden doelgerichter - door soepele processen en door veel intensiever samen te werken en te leren. 
  • En we vergroten onze impact - door meervoudige waardecreatie voor klanten, distributiepartners en de samenleving.

"Het zit in ons DNA om verbinding op te zoeken. Dat heeft te maken met ons coöperatieve karakter"

Duurzame ambities

In de pijler meervoudige waardecreatie klinkt duidelijk onze duurzame ambitie door: op het gebied van onze verzekeringsoplossingen, duurzaam schadeherstel, beleggingen, de manier waarop wij inkopen, ons gebouw beheren en de wijze waarop wij onze medewerkers stimuleren op het gebied van duurzame mobiliteit.

Lokale sponsoring

Ook door sponsoring en partnering dragen we graag bij aan een samenleving waarin we oog hebben voor elkaar. We kiezen bewust voor het lokale verenigingsleven. Juíst verenigingen vervullen een belangrijke rol in onze maatschappij.  

Kerncijfers

Kerncijfers

Solvabiliteit

261%

265% in 2024

Klaverblad Schadeverzekerings-
maatschappij N.V. 156% 
148% in 2024

Netto resultaat

€ 36,0 mln

€ -8,3 mln in 2024

Combined ratio schadeverzekeringen 97% 

95% in 2024

Eigen Vermogen

€ 533 mln

€ 497 mln in 2024

Belegd vermogen € 795 mln 

€ 755 mln in 2024

Brutopremies

€ 271 mln

€ 253 mln in 2024

Uitgekeerde schade

€ 153 mln

€ 147 mln in 2024

Klanttevredenheid

+52 NPS

+51 in 2024

Verzekerings­adviseurs met wie we samenwerken

2.604

2.715 in 2024

Tevredenheid verzekerings­adviseurs

7,9

7,8 in 2024

Verenigingen met Klaverblad als trotse hoofdsponsor

38

40 in 2024

Kerncijfers medewerkers

De medewerkers van Klaverblad hebben een belangrijke rol. Iedereen draagt op zijn of haar plek bij aan de doelstellingen van Klaverblad. De verbondenheid met Klaverblad en met elkaar is groot. Hoe ziet het personeelsbestand van Klaverblad eruit? We kijken naar de situatie per 31 december 2025 en laten gedetacheerden, uitzendkrachten en stagiaires buiten beschouwing.

Bevlogenheid medewerkers

7,2

7,2 in 2024

Aantal medewerkers

420 (389 fte)

397 in 2024 (370 fte)

Verdeling mannen en vrouwen

215 / 205 m/v

205 man / 192 vrouw in 2024

Verdeling leidinggevende functies

20 / 20 m/v

24 man / 17 vrouw in 2024

Voltijd dienstverbanden

73% / 27% m/v

75% man / 25% vrouw in 2024

Deeltijd dienstverbanden

30% / 70% m/v

30% man / 70% vrouw in 2024

Gemiddelde leeftijd en gemiddeld aantal dienstjaren

44 jaar (10 dienstjaren)

45 jaar in 2024 (10 dienstjaren)

Verhouding hoogste en laagste/gemiddelde salaris

5,3

6,0 in 2024

Keuzes die verbinden en vooruithelpen

Onze aanwinsten vertellen

Onze aanwinsten vertellen

In de verhalen van onze collega’s zien we terug hoe het maken van keuzes eigenlijk al in ons DNA zit. Hoe onze mensen door het maken van strategische keuzes niet alleen de organisatie, maar ook zichzelf en hun omgeving verder brengen en met elkaar verbinden.

Zo werkt Annemijn binnen de data & IT-afdeling en maakt zij niet alleen strategische keuzes bij het bouwen aan een sterk datalandschap, ook in haar passie voor bergbeklimmen zijn slimme, doordachte keuzes onmisbaar. Annemijn: “De bergen leren je plannen, risico’s inschatten en doorzetten. En grenzen verleggen, soms letterlijk." Bas is een echte teamspeler en bruggenbouwer, gedreven om de samenleving een stukje mooier te maken. Zowel in zijn werk, als in zijn rol als coach van een handbalteam kiest hij voor vooruitgang. En die ruimte krijgt hij ook bij Klaverblad: “...dat maakt dat je hier echt iets voor elkaar kunt boksen — mits je de handschoen oppakt. Doe je dat? Dan kun je hier echt verschil maken.” Lees de interviews met Annemijn en Bas.  

Annemijn: “Nieuwe hoogtes bereik je door in beweging te blijven”

Elke dag werkt Annemijn aan iets wat groter is dan alleen techniek. “We bouwen aan een datalandschap dat iedereen bij Klaverblad verder helpt. Data die klopt, systemen die samenwerken en collega’s die kunnen vertrouwen op één waarheid. Het gaat niet alleen om het einddoel, maar vooral om de mensen voor wie we het doen.” 

Mevrouw op klimwand
De persoon op de foto is een model

Letterlijk grenzen verleggen

De liefde voor de bergen ontstond in haar studententijd, met een rugzak op pad en weinig voorbereiding. Inmiddels is alpinisme voor Annemijn een serieuze hobby waarin ze haar werkmentaliteit herkent. “De bergen leren je plannen, risico’s inschatten en doorzetten. En grenzen verleggen, soms letterlijk. Je begint klein, leert van wat goed en minder goed gaat, en groeit elke stap.” 

Jaarlijks trekt ze met een paar vrienden richting de Alpen. “Je bent op elkaar aangewezen. Je kiest samen de route en bepaalt het tempo. Net zoals op het werk: veilig boven komen doe je met elkaar.” En als ze niet in de bergen is? Dan stapt ze thuis op haar mountainbike. “Dat geeft ruimte in mijn hoofd en helpt om vooruit te kijken. Ook daar is altijd een stip op de horizon.” 

Bouwen aan een nieuwe route

Diezelfde vastberadenheid gebruikt Annemijn in haar werk. Klaverblad is volop in beweging en haar team speelt daar een grote rol in. “We werken aan een organisatie waarin iedereen dezelfde taal spreekt als het om data gaat. Als iemand vraagt ‘Wat is de premie?’, moet dat antwoord overal hetzelfde zijn. Daarom betrek ik collega’s bewust bij die ontwikkeling. Soms vraagt dat om uitleg en geduld, maar duidelijkheid helpt ons allemaal verder.” 

“Zonder richting stokt de energie"

De kracht van doorzetten

Voor Annemijn start elk project met een helder doel. “Zonder richting stokt de energie. Of het nu gaat om een nieuw datalandschap of een klimtocht: je moet weten waar je heen wilt. En als het even tegenzit, ga je door. Soms met grote stappen, soms met kleine.” Ook tijdens complexe trajecten zorgt ze ervoor dat het loopt. “De werkelijkheid is soms weerbarstig. Maar als de kar eenmaal rolt en iedereen meebeweegt, voel je dat er iets gebeurt. Dan weet je: hier draag ik aan bij. Dat geeft voldoening.” 

“Hier kan ik invloed hebben en gebeurt er écht iets”

Wat voor Annemijn werken bij Klaverblad bijzonder maakt? “We zijn een organisatie waar mensen centraal staan en waar je bijdraagt aan verandering. Als je energie krijgt van vooruitgang, als je kansen ziet en niet bang bent om een pad te verkennen dat nog niet volledig is uitgestippeld, dan pas je hier. Dat maakt dit werk voor mij de moeite waard.” 


Bas: “Bouwen aan verandering – zichtbaar resultaat boeken” 

Bas Koster is sinds 1994 bij ons werkzaam. Hij begon als acceptant en groeide via verschillende rollen door tot Business expert én Productowner bij Productontwikkeling. Een echte teamspeler en bruggenbouwer, gedreven om de samenleving een stukje mooier te maken. Zowel in zijn werk, als in zijn rol als coach van een handbalteam.    

De personen op de foto zijn modellen

Waarom hij, zoals hij zelf zegt, ‘de Klaverblad-schoen' nog steeds past  

“Hier kun je doorgroeien en impact maken. We zitten nu in een IT-transitie: we gaan van een beheer- naar een regieorganisatie. Zo gaaf om daaraan mee te werken!” Als Productowner, met focus op de polisinformatie, zit Bas dicht bij het vuur en denkt mee over vernieuwing en oplossingen. “Onze softwareteams draaien op volle toeren, we werken steeds meer samen met externe partijen, leren van andere bedrijven en boeken zichtbaar resultaten. Dat samenspel én zelf midden in de inhoud staan daar krijg ik een kick van."

Sfeer en samenwerking  

Ook de cultuur binnen Klaverblad past hem goed. “We zijn een overzichtelijke en toegankelijke organisatie met korte lijnen. Je loopt makkelijk bij elkaar binnen, krijgt veel ruimte en kunt snel schakelen. Dat maakt dat je hier echt iets voor elkaar kunt boksen - mits je de handschoen oppakt. Doe je dat? Dan kun je hier écht verschil maken.”   

Winst voor de samenleving – op én buiten het werk 

Dat Klaverblad werkt zonder winstoogmerk en werkt aan winst voor de samenleving, sluit naadloos aan bij Bas’ persoonlijke drijfveren. Al negen jaar is hij coach van een handbalteam voor mensen met een lichamelijke en/of psychische beperking. “Ik help mensen graag en wil iets terugdoen voor de samenleving. Voor mijn teamleden is de training een uitje waar ze naar uitkijken. Ik geef ze graag een gezellige avond – hoe mooi is het als je iemands dag beter kunt maken?”   

"Hoe mooi is het als je iemands dag beter kunt maken?”  

Talenten inzetten – op kantoor en op het veld 

Wat hij bij Klaverblad leert – leiderschap, communicatie en omgaan met verschillende mensen en behoeften – neemt hij mee naar zijn coachrol. “Vertrouwen geven, mensen helpen het beste uit zichzelf te halen, complimenten geven, maar ook durven aanspreken als dat nodig is. De handbalspelers zijn puur en eerlijk: emoties kunnen alle kanten op gaan. Dan is het belangrijk om goed aan te voelen wat er nodig is. Dat empathisch vermogen, die voelsprieten, gebruik ik in mijn werk net zo goed. Bijvoorbeeld waar het gaat om stakeholdersmanagement. Op het handbalveld leer ik dus ook weer dingen die ik in mijn werk bij Klaverblad inzet!”  

Verslag van de directie

Algemeen

De kracht van keuzes

Op 1 november 2025 bestonden wij 175 jaar! Dit bijzondere moment hebben wij groots gevierd met collega’s op een zeer geslaagde feestavond en daarnaast met onze intermediaire relaties tijdens het Groeifestival. In dit verslag kijken we terug op een jaar waarin zowel ons jubileum als onze strategische koers centraal stonden. 

Het jaar 2025 stond nadrukkelijk in het teken van focussen. Aanpakken wat echt moet en de minder urgente zaken even wat minder of geen aandacht geven. We hebben duidelijke keuzes gemaakt om zo het fundament te leggen voor structurele groei in de toekomst. Zowel kwantitatief als kwalitatief.  

Twee projecten hadden daarbij onze topprioriteit. Als eerste stelden we ons als directie de opdracht om te komen tot een nieuwe meerjarenstrategie 2026-2030. Ook werkten we intensief aan de implementatie van het nieuwe IT-systeem Axon, dat in 2026 live gaat. Intussen bleven alle werkzaamheden binnen onze core business erop gericht om onze klanten tevreden te stellen en een positief resultaat te realiseren. 

Financiële ontwikkelingen

We kijken met een goed gevoel terug op de financiële resultaten. Dankzij een gezonde premiegroei van 7%, minder schades en een sterk beleggingsjaar, realiseerden we een winst van € 36 miljoen. De resultaten zijn positief beïnvloed door de rente. Op onze schadeverzekeringen behaalden we een combined ratio van 97%, een resultaat binnen onze doelstelling en met een uitloopresultaat dat goed onder controle bleef.

Hoewel de groei solide was, bleven de volumes achter bij onze ambitie. De redenen hiervoor zijn de vervanging van de backofficesystemen en de daardoor achterblijvende productvernieuwingen en een langzamere maar beheerste opstart van het volmachtkanaal.

Missie als fundament, strategie als kompas

In het voorjaar hebben we samen met collega’s uit de hele organisatie scherp gekeken naar waar we écht goed in zijn en hoe we onze ambities richting 2030 willen waarmaken. Dat leverde geen dikke rapporten op, maar duidelijke keuzes. De strategie is in de zomer vastgesteld en daarna met tientallen collega’s vertaald naar concrete afdelingsplannen. In workshops en verdiepende sessies hebben we het stap voor stap uitvoerbaar gemaakt. Inmiddels staat het niet alleen op papier, maar leeft het in de organisatie.

Als onderdeel van dit traject hebben we ook onze missie aangescherpt. Niet omdat het roer om moest, maar om preciezer te zeggen wie we zijn en waar we voor kiezen. Geen revolutie, wel focus. We zijn er voor de aanpakkers van Nederland: mensen en ondernemers die verantwoordelijkheid nemen en verder kijken. Die missie is het fundament onder onze koers vanaf 2026 – en het kompas voor de keuzes die we vandaag maken. 

Versterking van de directie

Per 1 september heeft Linn Musters de directie versterkt in de (nieuwe) functie van Operationeel Directeur (COO). Met haar komst bestaat de directie uit vier leden met verschillende achtergronden en expertises. Dat heeft de kwaliteit van de besluitvorming zichtbaar vergroot.   

"In het voorjaar hebben we samen met collega’s uit de hele organisatie scherp gekeken naar waar we écht goed in zijn en hoe we onze ambities richting 2030 willen waarmaken"

Oog voor mensen

De klantwaardering is boven de doelstellingen uitgekomen (NPS-score: +52) en de is medewerkersbevlogenheid gelijk gebleven (score: 7,2).

Financieel gezond

Onze solvabiliteit daalde weliswaar iets, maar  blijft met 261% op een zeer robuust niveau. Dit biedt ons een solide basis om te blijven investeren in groei en een toekomstbestendige verzekeringsadministratie. 

De solvabiliteit van dochteronderneming Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. is met 8% punt toegenomen tot 156%.

Risicobeheersing

Klaverblad monitort de belangrijkste risico’s binnen het Solvency II-raamwerk. De jaarlijkse ORSA vormt daarbij de basis voor de beoordeling van de financiële weerbaarheid. Uit het ORSA basisscenario blijkt dat Klaverblad als groep sterk gekapitaliseerd en weerbaar is. Voor de zwaardere stressscenario’s zijn herstelmaatregelen noodzakelijk. Dit speelt met name bij de scenario’s rondom de AOV-portefeuille, de gevoeligheden hiervan zijn opgenomen in het jaarverslag. De winstgevendheid voor de brand- en casco portefeuille is gevoelig voor storm- en hagelschades. De impact hiervan wordt beperkt door onze ingekochte herverzekering. Het is echter wel mogelijk dat deze schades toenemen in de tijd vanwege de verandering van het klimaat. Automatisering en Artificial Intelligence (AI) kunnen invloed hebben op de concurrentiepositie van Klaverblad. In het geval dat concurrenten efficiëntieslagen maken en daardoor kosten kunnen reduceren, terwijl Klaverblad achterblijft, is het mogelijk dat Klaverblad op termijn minder concurrerend wordt.

De motorportefeuille blijft uitdagend. Ondanks premieverhogingen in begin 2025 zien we dat het rendement van de motor portefeuille nog steeds onder druk staat. De onzekerheid van de ontwikkelingen in met name letselschades zorgen ervoor dat we dit nauwgezet blijven volgen en waar nodig additionele maatregelen treffen. In het verslagjaar heeft in de AOV-portefeuille als gevolg van de wet DBA en zware concurrentie in vergelijking tot voorgaande jaren een gemiddeld hoger royement plaatsgevonden. Ook voor 2026 is de verwachting dat dit hogere verval zal doorzetten. In de bepaling van de technische voorziening wordt met dit hogere verval rekening gehouden.

Klaverblad heeft als doel het Control Framework voor integraal risicomanagement verder te ontwikkelen, uit te bouwen, met als ambitie de risicovolwassenheid binnen de organisatie te vergroten. Deze aanpak is gericht op het verbeteren van zowel de kwaliteit van beheersmaatregelen en processen als de aantoonbaarheid daarvan. In 2025 is gestart met het standaardiseren van de vastlegging en rapportage van het Control Framework en het onderbrengen hiervan in een risicomanagementtool. In datzelfde jaar is dit voor een groot deel van de kritieke processen ingevoerd. De overige processen zullen in 2026 worden toegevoegd. In oktober 2025 is aan de overlegstructuur toegevoegd een Operationeel Risk & Compliance Committee (OR&CC). Het doel van het OR&CC is om de beheersing van de operationele risico’s te bespreken en continu te verbeteren.

Transparant over duurzaamheid

Op het gebied van wet- en regelgeving was de wijziging van de CSRD-verplichting een belangrijke ontwikkeling. Door het omnibus pakket is de CSRD-wetgeving niet langer van toepassing op Klaverblad. Deze wijziging betekent niet dat we duurzaamheid in onze rapportering loslaten. We hebben ervoor gekozen te rapporteren volgens de (vrijwillige) VSME-standaard. Zo blijven wij transparant over onze duurzaamheidsimpact.

Een nieuw administratiesysteem

De invoering van een nieuw administratiesysteem heeft nogal wat voeten in de aarde. Hoewel klanten, adviseurs en collega’s in 2025 nog niet concreet met Axon aan de slag konden, is achter de schermen veel werk verzet om het nieuwe systeem medio 2026 te lanceren. Op IT-gebied maken we de beweging naar een regieorganisatie.

Markt in beweging, duidelijke keuzes

De markt was in 2025 volop in beweging, met name door de aanhoudende onzekerheid in de AOV-markt en de verder gaande digitalisering. Deze ontwikkelingen onderstreepten het belang van een duidelijke positionering en focus.

In dit kader kozen wij ervoor ons volledig te richten op de intermediaire markt en volmachten. Een belangrijke strategische consequentie daarvan was het beëindigen van het directe kanaal. Deze keuze sluit aan bij onze schaal, onze coöperatieve identiteit en onze ambitie om kwaliteit en persoonlijke aandacht centraal te stellen. De belangstelling voor onze nieuwe volmachtpropositie vanuit de markt was groot en meerdere nieuwe volmachtkantoren sloten zich aan. Ook hierbij kozen we bewust voor beheerste groei, passend bij onze kwaliteitsambitie.

Daarnaast kreeg maatschappelijke impact in 2025 een stevigere plek in onze koers. Meervoudige waardecreatie is verankerd als pijler in onze strategie. Dit betekent dat we gezond willen groeien, mét ruimte voor maatschappelijke initiatieven, duurzame beleggingen en aandacht voor mens en natuur. We sloten ons aan bij INSVER, introduceerden ons DE&I‑beleid en zetten ook binnen onze beleggingen verdere stappen richting verduurzaming. Biodiversiteit bleef een belangrijk aandachtspunt: ons doel is om in 2026 nog meer te beleggen in bedrijven die bijdragen aan het herstel en de versterking van natuur en biodiversiteit.

"Als directie blijven wij sturen op focus en samenhang. We kiezen er bewust voor om niet alles tegelijk aan te pakken, maar vooral datgene wat bijdraagt aan meer duurzame groei en verhoging van kwaliteit"

Vooruitblik: van koers naar uitvoering

2025 was een jaar van bewuste keuzes maken en bouwen. Als directie hebben wij vertrouwen in de stappen die zijn gezet om de organisatie strategisch, organisatorisch en technologisch klaar te maken voor de volgende fase. Ondanks een complexe veranderagenda zijn we erin geslaagd om onze dienstverlening op niveau te houden. In het kader van de strategische heroriëntatie heeft de directie besloten niet langer door te gaan met Klaverblad Assurantiën als verbonden bemiddelaar. In 2026 zal onderzocht worden wat de beste opties voor dit bedrijfsonderdeel zijn.

Het jaar 2026 markeert de overgang naar uitvoering. Met de livegang van Axon verschuift de aandacht van voorbereiding naar borging en verdere optimalisatie. Dit vraagt om strakke sturing, heldere prioriteiten en consistente besluitvorming. Als directie zijn wij ons ervan bewust dat veranderen altijd onzekerheden met zich meebrengt. Alle mogelijke risico’s binnen de nieuwe meerjarenstrategie zijn nadrukkelijk geadresseerd in besluitvorming, planning en capaciteitsinzet.

Als directie blijven wij sturen op focus en samenhang. We kiezen er bewust voor om niet alles tegelijk aan te pakken, maar vooral datgene wat bijdraagt aan meer duurzame groei en verhoging van kwaliteit. Met ruimte voor productvernieuwing, een nieuwe propositie voor het kleinzakelijke segment, gecontroleerde uitbreiding via volmachten en verdere versterking van onze operationele basis, werken we aan een stevige positie in de markt. 

Directie Klaverblad, 

Sharon van Herel, Jordi van Irsen, Stijn Réz, Linn Musters

Duurzaamheid

Duurzaamheid

Inleiding

Met deze rapportage geven wij inzicht in onze duurzaamheidsinspanningen. De basis hiervoor ligt in de rapportage vereisten uit de Voluntary Sustainability Reporting Standards for Small and Medium Enterprises (hierna de ‘VSME’).

Oorspronkelijk zouden wij in 2026 voor het eerst over het boekjaar 2025 moeten rapporteren volgens de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). In 2025 heeft de Europese Commissie echter nieuwe maatregelen aangenomen om de duurzaamheidsregels te vereenvoudigen. Hierdoor zijn de drempels verhoogd en valt Klaverblad niet langer onder de CSRD. Hoewel deze verplichting is weggevallen, blijven wij ons onverminderd inzetten voor duurzaamheid en de rapportage daarover. Sterker nog: het afgelopen jaar hebben we duurzaamheid verder geïntegreerd in onze bedrijfsstrategie. De rapportagestandaarden uit de VSME bieden ons en onze externe belanghebbenden een herkenbaar kader.

Dit hoofdstuk begint met algemene bedrijfsinformatie. Vervolgens lichten wij het fundament van duurzaamheid toe via de duurzaamheidsvisie, de kaders (principes en wet- en regelgeving) die wij hanteren, en het proces en de resultaten van de materiële duurzaamheidsthema’s die zijn geïdentificeerd via een dubbele materialiteitsanalyse.

Daarna lichten wij in dit hoofdstuk per materieel thema toe: wat onze belangrijkste doelstellingen zijn, welke activiteiten wij hebben uitgevoerd, wat wij het komende jaar gaan doen binnen dat thema en hoe het bijdraagt aan de Sustainable Development Goals (SDG's) van de Verenigde Naties. De indeling van de materiële thema’s is gebaseerd op de hoofdthema’s van ‘ESG’: Environmental, Social en Governance.

Alle informatie in dit hoofdstuk betreft onze bedrijfsvoering, zoals onze medewerkers, het kantoorgebouw en onze verzekeringsportefeuille. Alle inspanningen rondom ons duurzaam beleggingsbeleid zijn opgenomen in het hoofdstuk Duurzaam Vermogensbeheer. We hebben hiervoor bewust gekozen, omdat informatie over onze beleggingen via andere bronnen wordt verzameld. De impact van onze beleggingen is bovendien van een andere orde en vraagt om een andere benadering, waardoor deze splitsing gerechtvaardigd is.

Wij realiseren ons dat wij nog veel stappen moeten zetten voordat wij kunnen stellen dat Klaverblad klimaatneutraal of klimaatpositief is. Zo zien wij bijvoorbeeld een stijging van onze CO2-uitstoot en bevinden wij ons nog in de beginfase van het realiseren van duurzaam schadeherstel. Ook in het verduurzamen van onze verzekeringsproducten is nog veel winst te behalen.

Wij zijn van plan op al deze gebieden in 2026 verdere stappen te zetten. Dit doen wij onder andere door duurzaamheid niet als afzonderlijke stroom te positioneren, maar grotendeels op te nemen in de Klaverblad-brede strategie. Duurzaamheid valt bijna volledig onder strategische pijler drie, Meervoudige Waardecreatie. Het Duurzaamheidshuis laat zien hoe wij duurzaamheid hebben ingericht, dit wordt hierna verder toegelicht.

Algemene informatie

Grondslagen rapportage

Deze rapportage is opgesteld op basis van de Basismodule en de Uitgebreide (Comprehensive) module van de VSME-rapportagestandaard. In de bijlage bij dit verslag is een verwijzingstabel toegevoegd. Hierin is aangegeven waar de verschillende VSME-informatie in dit verslag is terug te vinden. Deze eerste ESG-rapportage bevat de cijfers over het verslagjaar 2025 en daar waar beschikbaar zijn de vergelijkende cijfers over 2024 toegevoegd. In deze rapportage hebben we alle relevante informatie kunnen delen.

De rapportage is opgesteld op geconsolideerde basis, hetgeen betekent dat het de informatie bevat van de Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. en haar dochterondernemingen welke allemaal gevestigd in Zoetermeer. Alle activiteiten vinden plaats in Nederland en zijn te classificeren in bedrijfstak schadeverzekeraars. De onderneming heeft niet de beschikking over specifieke ESG-certificaten.

Algemene kenmerken Eenheid Totaal
Balanstotaal 2025 EUR  831.970.000 
Omzet EUR  270.507.000 
Medewerkers Aantal jaareinde  420 

Organisatorische inbedding duurzaamheid

Vanwege het strategische belang is binnen Klaverblad de eindverantwoordelijkheid voor duurzaamheid belegd bij de CEO. Voor de ontwikkeling van het duurzaamheidsbeleid, de duurzame doelen en de implementatie daarvan is de duurzaamheidsmanager verantwoordelijk.

Duurzaamheidsvisie

Klaverblad is intrinsiek gemotiveerd om mensen te helpen en daarmee bij te dragen aan een samenleving waarin het prettig is om te leven. Een goed functionerende samenleving kan alleen bestaan als er een gezond evenwicht is tussen mens en natuur. Helaas staat deze balans onder druk. Extreem weer, zoals hevige regenval na lange droogteperiodes, en het verdwijnen van planten en diersoorten hebben grote gevolgen. Omdat alles in de natuur met elkaar samenhangt, kan verstoring hiervan een kettingreactie veroorzaken. Wij geloven dat een samenleving die in harmonie leeft met de natuur noodzakelijk is, nu en in de toekomst.

Daarom willen wij een positieve bijdrage leveren aan het herstel en behoud van de natuur. Dit doen wij vanuit drie overwegingen:

  1. Mensen hebben de natuur nodig.
    Buiten zijn en genieten van groen maakt blij, geeft vrijheid, rust en ontspanning en draagt bij aan een goede gezondheid en welzijn.
  2. Natuur gaat over biodiversiteit.
    Onze basale levensbehoeften, zoals voedsel, water en schone lucht, zijn afhankelijk van variatie in bomen, planten en dieren.
  3. Balans in de natuur is belangrijk voor voortdurende economische activiteit.
    Zonder een gezonde natuurlijke omgeving kunnen veel sectoren, zoals landbouw en industrie, niet goed functioneren.

Duurzaamheid is voor ons vanzelfsprekend en komt terug in wat we doen. We dragen bij aan een evenwichtige samenleving via onze verzekeringen, beleggingen en bedrijfsvoering. Ook zien we dat klanten, adviseurs en medewerkers steeds vaker bewust kiezen voor bedrijven met een duidelijke visie op duurzaamheid.

In de figuur duurzaamheidshuis staat visueel hoe wij de inrichting van duurzaamheid bij Klaverblad hebben vormgegeven.

Duurzaamheidshuis

"Duurzaamheid is voor ons vanzelfsprekend en komt terug in wat we doen"

Principes

Onderstaande principes geven richting aan de manier waarop wij onze visie op duurzaamheid vormgeven. Zij beschrijven waar Klaverblad voor staat en bieden handvatten om transparant te kunnen zijn in onze overwegingen, doelen en resultaten.


  1. Wat we doen, doen we goed én op onze eigen Klaverblad-manier.
    Vanuit verbinding en onze waarden: fair, oprecht, attent, ondernemend en vakkundig.
  2. Wij richten ons op de zaken waarop we zelf invloed hebben.
    Onze medewerkers, onze producten en diensten, de manier waarop we onze verzekeringspremies beleggen, onze gebouwen en de partijen met wie we samenwerken. Waar nodig beginnen we klein. Zo beheersen wij het risico dat een plan zoveel aspecten omvat dat het uiteindelijk niet van de grond komt.
  3. Samen komen we verder.
    Daarom inspireren, motiveren en activeren wij onze medewerkers, leden, klanten, adviseurs en leveranciers om met ons mee te doen. We werken samen met en ondersteunen lokale partijen en initiatieven die bijdragen aan het realiseren van onze visie.
  4. Onze medewerkers hebben een verantwoordelijkheid om bij te dragen aan duurzaamheid.
    Ze kennen het belang van onze duurzaamheidsvisie en zijn op de hoogte van de bijbehorende doelstellingen.
  5. Wij zijn transparant en communiceren open over onze visie, ambities, activiteiten en resultaten.
    We zijn duidelijk in wat we wel of niet doen en waarom. Onze rapportages zijn volledig en voldoen aan de daarvoor geldende normen. 
  6. We vinden het belangrijk dat iedereen zich kan verzekeren.
    Daarom baseren wij verzekeringen niet alleen op het risico van één individu. Verzekeren is een gezamenlijk systeem waarin we risico’s samen dragen: het principe van solidariteit. Te vergaande risicoselectie kan leiden tot uitsluiting en discriminatie en ondermijnt daarmee de toegankelijkheid van verzekeringen. Door bewust te kiezen voor solidariteit helpt Klaverblad bij aan een duurzaam en toegankelijk verzekeringsstelsel voor iedereen.

Ethisch kader

In aanvulling op de principes vormt het ethisch kader ons uitgangspunt voor ons duurzaamheidsbeleid. Het beschrijft de normen waarnaar wij handelen, gebaseerd op wet- en regelgeving, ons duurzaam beleggingsbeleid en onze eigen overtuigingen. Vanuit dit kader streven wij de volgende uitgangspunten na:

  • Geen systematische betrokkenheid bij ernstige milieuschade
  • Respecteren van fundamentele mensenrechten
  • Respecteren van fundamentele arbeidsrechten
  • Geen betrokkenheid bij wapens
  • Respecteren van internationale sancties
  • Geen systematische betrokkenheid bij fraude, corruptie of belastingontduiking
  • Geen betrokkenheid bij producten en ondernemingen die schade toebrengen aan de volksgezondheid of dierenwelzijn

Dubbele materialiteitsanalyse

In 2023 zijn we gestart met het bepalen welke duurzaamheidsthema’s voor ons echt belangrijk zijn. Dit hebben we gedaan via een dubbele materialiteitsanalyse. Daarbij hebben we onderzocht welke duurzaamheidszaken invloed hebben op onze organisatie én waarop wij zelf impact hebben. In dat jaar bevonden we ons nog in een leerfase en werkten we aan het scherp formuleren van onze duurzame doelstellingen.

In 2024 hebben we deze doelstellingen verder aangescherpt en SMART geformuleerd (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden). Dit deden we in samenwerking met verschillende afdelingen, waaronder Claims, Acceptatie en Productontwikkeling. Op basis hiervan hebben we vijf belangrijke duurzaamheidsthema’s vastgesteld: klimaat, biodiversiteit, circulariteit, duurzaam werkgeverschap en solidariteit.

In de periode 2024-2025 zijn deze thema’s opnieuw beoordeeld. Door deze tweede materialiteitsanalyse zijn de thema’s verder verduidelijkt en concreter gemaakt. Daarnaast is in kaart gebracht op welke onderdelen van onze waardeketen deze thema’s relevant zijn. Op basis hiervan is een aantal belangrijke wijzigingen doorgevoerd. Solidariteit is niet langer een los thema, maar verweven in al onze duurzaamheidsthema’s. Daarnaast hebben we Consumenten en eindgebruikers en Zakelijk gedrag toegevoegd als materiële thema’s en zijn Klimaat en Biodiversiteit verder uitgewerkt in meer concrete subthema’s.

In de tabel Materiële (sub)thema's is een overzicht gegeven van de materiële onderwerpen en de materiele (sub)thema's met beleid en maatregelen.

Materiële (sub)thema’s Materiële (sub)thema's Beleid, maatregelen en/of toekomstige plannen Openbaar beschikbaar Doelen
Milieu (E)        
Klimaatverandering Ja Ja Ja Ja
• Klimaat adaptatie        
• Klimaat mitigatie        
Verontreiniging Nee - - -
Water en mariene hulpbronnen Nee - - -
Biodiversiteit en ecosystemen Ja Ja Ja Ja
• Verandering in gebruik: landgebruik        
• Landdegradatie        
Materiaalgebruik en circulaire economie Ja Ja Ja Ja
• Materiaalgebruik en herstel bij schade        
• Afval eigen bedrijfsvoering        
         
Sociaal (S)        
Eigen personeel Ja Ja Ja Ja
• Werk- privé balans        
• Mentale gezondheid         
• Inclusiviteit, gelijkwaardigheid en diversiteit        
• Opleiding en ontwikkeling        
Werknemers in de waardeketen Nee - - -
Getroffen gemeenschappen Nee - - -
Consumenten en eindgebruikers Ja Ja Ja Ja
• Privacy        
• Toegang tot producten en diensten
(non-discriminatie en toegang tot informatie)
       
         
Zakelijk gedrag (G)        
Zakelijk gedrag Ja Ja Nee     Nee
• Bedrijfscultuur        
• Betalingspraktijken met leveranciers        

Milieu (Environmental)

Klimaat

Klimaatadaptatie en –mitigatie

Duurzaam ondernemen is voor Klaverblad van groot belang, omdat het direct raakt aan onze kernactiviteiten en invloed heeft op onze bedrijfsvoering. Bovendien kunnen wij als relatief kleine speler, door het goede voorbeeld te geven, andere organisaties inspireren om ook stappen te zetten.

Wij dragen bij aan de energietransitie door de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen te verminderen, onder andere door het gebruik van minder energie en door over te stappen op schonere en hernieuwbare energiebronnen. Wij onderschrijven het Klimaatdoel van Parijs en het Nederlandse Klimaatakkoord, met als doel de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C.

Onze CO2-uitstoot meten wij volgens het standaardkader van het Greenhouse Gas Protocol (GHG-protocol), inclusief de bijbehorende categorisering. Scope 1 en 2 hebben betrekking op onze directe emissies, zoals het energie- en gasverbruik van het kantoorgebouw en het wagenpark.

Hoewel onze belangrijkste doelstellingen gericht zijn op het terugdringen van onze eigen emissies, nemen wij ook relevante scope 3-reducties mee in onze ambitie. Binnen scope 3 vindt namelijk een aanzienlijk deel van de impactvolle uitstoot plaats. Scope 3 omvat alle activiteiten in onze waardeketen, waaronder de uitstoot van leveranciers en schadeherstellers, het woon-werkverkeer van medewerkers en het afval- en waterverbruik van het kantoorgebouw. Het komende jaar willen wij onze scope 3 meting verder uitbreiden voor schadeherstel en overige leveranciers. We verwachten dat met name veel verbeter potentieel te realiseren is voor schadeherstel, bijvoorbeeld op het gebied van circulariteit. Op basis van de uitkomsten van de meting formuleren we concrete vervolgstappen.

Doelstellingen
In 2050 hebben wij een klimaatneutrale operatie (scope 1 en 2). Om deze doelstelling te realiseren, willen wij in 2030 24% minder CO2-uitstoot bereiken ten opzichte van het basisjaar 2023. Dit betekent dat wij jaarlijks streven naar een reductie van 4% in CO2-uitstoot (scope 1 en 2) ten opzichte van het basisjaar 2023.

In 2024 voerden wij een nieuwe CO2-meting uit over 2023. Hieruit bleek een lichte stijging van 900 naar 925 ton CO2. Dit was het gevolg van een toename van het woon-werkverkeer, aangezien veel medewerkers in 2022 (een coronajaar) thuiswerkten en in 2023 terugkeerden naar kantoor. Wij blijven hybride werken ondersteunen en hebben dit in 2024 vastgelegd in onze arbeidsvoorwaarden.

Terugblik activiteiten
De belangrijkste activiteiten die wij in 2025 hebben uitgevoerd, zijn:

  • Verbeterde registratie van woon-werkverkeer: hierdoor sluiten de gegevens beter aan bij de werkelijkheid en voldoen wij aan de rapportageverplichtingen van de Werkgebonden Personenmobiliteit (WPM).
  • Papierreductie: het papierverbruik is sterk verminderd. Wij zijn van één printer per verdieping (13 verdiepingen in totaal) naar drie printers gegaan, waardoor printen wordt ontmoedigd. Ook hebben wij stappen gezet om polisbladen en -voorwaarden te digitaliseren. Het aantal papiercontainers is teruggebracht van 20 naar 8; deze worden nog maar één keer per drie weken geleegd en vanaf 2026 wordt dit teruggebracht naar één keer per vier weken.
  • Uitbreiding van de CO2-meting: wij brengen meer activiteiten in kaart om een vollediger beeld van onze uitstoot te krijgen en gerichte maatregelen te nemen. Zo hebben wij de inkoop van goederen meegenomen, de CO2-uitstoot van verbouwingen berekend en inzichtelijk gemaakt wat de uitstoot is van ingehuurde krachten, zoals consultants.
  • Verbeterde datakwaliteit: het afgelopen jaar is de kwaliteit van de gebruikte data voor onze carbon footprint verder verbeterd. Zo rekenen we onze leaseauto’s door op basis van daadwerkelijk verbruik en hebben we de berekeningen voor woon-verkeer en zakelijk reizen uitgesplitst naar specifiek de gebruikte modaliteiten.
  • Rapportage verbetering: sinds 2025 rapporteren wij direct over het voorgaande jaar, wat een verbetering is ten opzichte van 2024.

Resultaten carbon footprint meting 2025 (B3)
We meten al een aantal jaar onze CO2-uitstoot van de bedrijfsvoering. De belangrijkste bronnen van CO2-uitstoot zijn het energieverbruik in ons kantoor, reizen en emissies die vrijkomen bij onze ingekochte diensten en goederen (inclusief investeringen).

Onze CO2-uitstoot neemt de afgelopen jaren toe. Dit komt omdat we meer gebruik hebben gemaakt van externe (advies)diensten en grotere investeringen hebben gedaan in IT en kantoorrenovaties. Dit doen we om onze interne processen en dienstverlening richting de toekomst te verbeteren.

B3 - Energieverbruik en Broeikasgasemissies Eenheid 2025 2024
Scope 1 tCO2e  192   214 
Scope 2 (locatiegebonden) tCO2e  252   277 
Scope 2 (markt-gebaseerd) tCO2e  30   17 
Totaal scope 1 en 2 (locatiegebonden) tCO2e  444   491 
Totaal scope 1 en 2 (markt-gebaseerd) tCO2e  222   231 
       
Scope 3      
1. Ingekochte goederen en diensten tCO2e  2.016   1.657 
2. Kapitaalgoederen tCO2e  875   477 
3. Brandstof- en energiegerelateerde activiteiten (niet opgenomen in scope 1 of 2) tCO2e  48   54 
4. Upstream transport en distributie tCO2e  -   - 
5. Afval ontstaan uit operationele activiteiten tCO2e  7   13 
6. Zakenreizen tCO2e  15   8 
7. Woon-werkverkeer van werknemers tCO2e  223   199 
Totaal scope 3 tCO2e  3.184   2.408 
       
Totaal scope 1, 2 en 3 (locatiegebonden) tCO2e  3.628   2.899 
Totaal scope 1, 2 en 3 (markt-gebaseerd) tCO2e  3.406   2.639 

Onze footprint is samengesteld op basis van het GHG-protocol in CO2-equivalenten. De footprint gaat over onze bedrijfsvoering. Emissies die horen bij schadeherstel (scope 3.1), verhuur van panden (scope 3.13) en beleggingen (scope 3.15) zijn niet meegenomen in deze footprint. De meeste berekeningen zijn gedaan op basis van activiteitendata (kWh, m³, km, kg of liters). Een deel van de emissies in scope 3.1 en 3.2 is spend-based berekend.

De GHG-emissie intensiteit per omzet voor 2025 is in de tabel GHG-emissie intensiteit per omzet weergegeven.

GHG-emissie intensiteit per omzet Emissie intensiteit in tCO2e
Scope 1, 2 en 3 GHG emissie intensiteit (locatiegebonden) 0,0000134
Scope 1, 2 en 3 GHG emissie intensiteit (markt-gebaseerd) 0,0000126

Energieverbruik (B3)
Ons energieverbruik is iets gedaald in 2025 t.o.v. 2024. Het aandeel hernieuwbare energie is toegenomen in 2025. Belangrijke maatregelen die we nemen zijn de inkoop van groene elektriciteit voor ons kantoor en de uitfasering van leaseauto’s die rijden op fossiele brandstoffen.

B3 - Energiemix Eenheid 2025 2024 Delta
Hernieuwbaar MWh  995   970  3%
Niet-hernieuwbaar MWh  876   920  -5%
Totaal energieverbruik MWh  1.871   1.889  -1%

Het totale energieverbruik is gebaseerd op de identieke grenzen en inputs die zijn gebruikt voor de berekeningen van scope 1 en 2 van de carbon footprint. Het benzine- en dieselverbruik (in liters) is omgezet in MWh-verbruik, gebaseerd op de lower heating values van benzine (E10) en diesel (B7) volgens het GLEC-raamwerk V3. Van het elektriciteitsverbruik wordt alle aangeschafte groene elektriciteit geclassificeerd als 100% hernieuwbaar. Ingekochte elektriciteit voor leaseauto’s is gealloceerd op basis van de EMBER-opwekdata voor Nederland.

Water (B6) en Afval (B7)
Het waterverbruik van Klaverblad betreft het gebruik van leidingwater op kantoor. Er wordt geen water verbruikt voor productie. Het waterverbruik is gedaald in 2025 t.o.v. 2024 met 32%.

Het afval dat wij produceren is afkomstig van ons kantoor. We scheiden ons afval en proberen het volume te reduceren. Dit is gelukt in 2025 met een afname van 27% t.o.v. 2024. We produceren een kleine hoeveelheid KCA wat is geclassificeerd als gevaarlijk afval.

B6 - Water Eenheid 2025 2024 Delta
Wateronttrekking m3  3.268   4.836  -32%
Wateronttrekking in gebieden met hoge waterstress m3  -   -   - 
Waterverbruik voor productieprocessen m3  -   -   - 
B7 - Afval Eenheid 2025 2024 Delta
Totale hoeveelheid gevaarlijk afval kg  224   67  234%
Totale hoeveelheid niet-gevaarlijk afval kg  16.931   23.285  -27%
Totale hoeveelheid afval kg  17.155   23.352  -27%

Klimaatrisico’s

Via onze schadeverzekeringsportefeuille zijn we indirect blootgesteld aan klimaat gerelateerde risico’s. Extreme neerslag, hagel en stormen kunnen bijvoorbeeld leiden tot overstromingen en schade aan onder meer woningen, voertuigen en landbouwobjecten. We analyseren deze risico’s onder andere in de ORSA door de impact van klimaat gerelateerde risico’s door te rekenen. Hierbij kijken we naar klimaatveranderingen die kunnen leiden tot een mogelijke natuurramp en naar een scenario waarin technologische en beleidsmatige ontwikkelingen maximale impact hebben. We zien daarbij op korte en middellange termijn dat onze solvabiliteitspositie van het schadebedrijf onder druk komt te staan, maar zijn voldoende gekapitaliseerd om neerwaartse druk op de winstgevendheid te kunnen opvangen door middel van beheersmaatregelen. We werken aan het verder integreren van lange termijn scenario’s voor klimaatverandering in de ORSA. Hiermee kunnen we de impact op de premieontwikkeling, schadelast, herverzekeringskosten en de kapitaalpositie beoordelen over een lange(re)termijn horizon.

Onze premies worden jaarlijks beoordeeld en kunnen op prolongatiemomenten worden aangepast op basis van schadeontwikkelingen. Langjarige trends in weerschades worden geleidelijk in de premievorming meegenomen. We verkennen de komende periode hoe inzichten van herverzekeraars en sectorale klimaatmodellen gebruikt kunnen worden om onze analyses verder te versterken.

Via dit thema dragen we bij aan de doelstelling van SDG 13 

Klimaatactie: Het aanpakken van door mensen veroorzaakte klimaatverandering en op het verminderen van de daaruit voortvloeiende negatieve effecten.

Biodiversiteit

Verandering in landgebruik en landdegradatie

Biodiversiteit is de verscheidenheid aan leven van planten, dieren, micro-organismen en schimmels. Het gaat zowel om de variatie tussen soorten en tussen ecosystemen. In Nederland is de biodiversiteit de afgelopen decennia sterk afgenomen: tussen de 40 en 60% van de verschillende insectengroepen is verdwenen in de afgelopen 27 jaar[1]. Het beschermen van biodiversiteit betekent het voorkomen van uitsterven van dieren en planten, het tegengaan van monoculturen van niet-inheemse organismen en het bevorderen van een zo groot mogelijke natuurlijke diversiteit.

Biodiversiteit sluit nauw aan bij onze ambitie om ons in te zetten voor behoud en herstel van natuur, omdat natuur bijdraagt aan een prettiger leven en onlosmakelijk verbonden is met een gezonde economie. Het is een sterk opkomend thema waarmee wij ons willen onderscheiden van andere verzekeraars. Wij hebben ons aan dit thema verbonden door de ondertekening van de ‘Finance for Biodiversity Pledge’, waarmee wij onze impact op het gebied van biodiversiteit meten en hierop concrete doelen stellen.

Wij geven dit thema primair invulling via ons duurzaam beleggingsbeleid, waarmee wij onze grootste impact realiseren. Daarnaast streven wij ernaar om ook concreet bij te dragen aan de versterking van de biodiversiteit in Nederland.

Een aanzienlijk deel van onze klanten is actief in de agrarische sector, waarin biodiversiteit een belangrijk en relevant thema vormt en waar Klaverblad indirect substantiële invloed kan uitoefenen. De agrarische sector heeft een directe invloed op natuurlijke ecosystemen, zowel op het land als indirect via waterkwaliteit en de daarmee samenhangende ecologische kringlopen.

Doelstellingen
In 2050 willen wij per saldo niet meer bijdragen aan het verlies van biodiversiteit ('no net loss') via onze verzekeringsportefeuille. In 2026 willen wij daarvoor de volgende stappen zetten:

  • In 2026 voeren wij een biodiversiteitsassessment uit om de impact van onze verzekeringsportefeuille op de natuur in Nederland in kaart te brengen.
  • In 2026 vergroenen wij ons buitenterrein om ruimte te maken voor meer groen en inheemse planten.

Terugblik activiteiten
Wij hebben een rondetafelgesprek georganiseerd met onze verzekeringsadviseurs om hun behoeften op het gebied van biodiversiteit in kaart te brengen. De verkregen inzichten zijn gebruikt bij het aanscherpen van onze doelstellingen.

Daarnaast hebben wij via de LEAP-methodiek een intern biodiversiteitsassessment uitgevoerd. De uitkomsten varieerden in omvang en complexiteit. Ook zijn er kansen geïdentificeerd waarop al acties zijn ondernomen, zoals het vergroenen van ons eigen bedrijventerrein.

We concluderen dat er meer behoefte is aan expertise om een dergelijk assessment zorgvuldig uit te voeren. De resultaten boden ons onvoldoende aanknopingspunten om binnen onze verzekeringsportefeuille actie te ondernemen. Daarom zullen wij in 2026, met ondersteuning van een gespecialiseerd bureau, een analyse uitvoeren op onze verzekeringsportefeuille. Het doel is om inzicht te krijgen in onze impact op de natuur in Nederland via onze verzekeringen en te onderzoeken hoe wij negatieve effecten kunnen beperken en positieve effecten kunnen versterken.

Tot slot hebben wij via een laagdrempelige campagne aandacht gevraagd voor biodiversiteit en het bewustzijn hierover vergroot. Dit hebben wij gedaan door bij te dragen aan de campagne ‘Voer de Bij Bij’, in samenwerking met Sustainers. Aan al onze verzekeringsadviseurs en medewerkers zijn zaadjes voor wildbloemen uitgedeeld.

Via dit thema dragen wij bij aan de doelstellingen van SDG 14 en SDG 15:

SDG 14 – Leven in het water: Het voorkomen van vervuiling en het duurzaam gebruiken van het waterecosysteem zijn belangrijke aandachtspunten.

SDG 15 – Leven op het land: Het beschermen en herstellen van de natuur.

[1] Staatsbosbeheer, Meer ruimte voor insecten, Meer ruimte voor insecten (staatsbosbeheer.nl)

Circulariteit

Afval eigen bedrijfsvoering en materiaalgebruik bij herstel van schade

Circulariteit is gericht op het verlagen van de druk op de planeet door efficiënter gebruik van grondstoffen. Het doel is de aarde niet uit te putten en zo min mogelijk nieuwe grondstoffen gebruiken. Circulariteit gaat over vermindering van afval, het recyclen en hergebruiken van materialen en het gebruik van hernieuwbare grondstoffen. 

Voor ons speelt dit thema een belangrijke rol bij de afwikkeling van materiële schades. Via onze polisvoorwaarden kunnen wij schadeherstel stimuleren in plaats van vervanging, waardoor hergebruik wordt bevorderd. Daarnaast dragen wij bij aan circulariteit door herstel te koppelen aan het gebruik van hernieuwbare grondstoffen. Ook binnen onze eigen bedrijfsvoering, inkoop en faciliteiten staat circulariteit centraal. Voorbeelden hiervan zijn de inkoop van circulaire producten zoals meubels en kantoorartikelen, hergebruik van materialen en het beperken van afval. Binnen ons beleggingsbeleid is circulariteit ook een belangrijk criterium.

Doelstellingen
In 2030 is duurzaam schadeherstel de norm. In 2026 starten we met het fundament voor het duurzaam schadeherstel.

Terugblik activiteiten
In 2025 zijn projecten gestart rond het herstel van elektronische mobiele apparatuur. Zo hebben wij in 2025 250 gebruikte laptops overhandigd aan Stichting EcoWare uit Zoetermeer. Deze worden gebruikt in leer-werktrajecten of gegeven aan mensen met weinig geld. Deze actie past bij onze visie om (waardevolle) spullen slim en, waar mogelijk, sociaal opnieuw te gebruiken. In 2026 gaan we circulaire oplossingen voor elektronische mobiele apparatuur verder verkennen en uitbreiden.

Voor dit thema hebben wij ook een laagdrempelige interne awareness-campagne uitgevoerd. In samenwerking met Remake Society organiseerden wij een tweedehands kledingmarkt op kantoor, waarbij collega’s hun kleding konden inleveren voor hergebruik door anderen. Daarnaast konden kapotte kledingstukken ter plekke worden gerepareerd of omgevormd tot een nieuw item. Deze campagne werd ook ondersteund door Green Habits (nu Sustainers).

Binnen ons eigen kantoorgebouw zijn wij begonnen met afval scheiden. Naast papier scheiden we nu ook GFT en plastic, wat heeft geleid tot een aanzienlijke vermindering van de hoeveelheid restafval. Daarnaast is bij de verbouwing van ons hoofdkantoor afgelopen jaar gekozen voor het vervangen van de oude verlichting door LED-verlichting.

Via dit thema dragen wij bij aan de doelstellingen van SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie: Verantwoorde consumptie richt zich op het bevorderen van het duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen, het verminderen van afval en het stimuleren van hergebruik en recycling.

Deze doelstelling sluit nauw aan bij circulariteit, omdat het draait om grondstoffenefficiëntie en het minimaliseren van milieubelasting. Door duurzaam schadeherstel toe te passen en ons eigen afval te beperken, leveren wij vanuit het thema circulariteit een concrete bijdrage aan SDG 12.

Social

Onze medewerkers en duurzaam werkgeverschap

Medewerkers zijn één van onze belangrijkste stakeholdergroepen. Zij dragen de kern van onze dienstverlening en hebben grote invloed op onze positie in de markt en in de maatschappij. Duurzaam werkgeverschap is daarom cruciaal. Het stelt medewerkers in staat om de ambitie en visie van Klaverblad te begrijpen en in de praktijk te brengen. Duurzaam werkgeverschap wordt vormgegeven en ondersteund door HR en richt zich op thema’s als duurzame inzetbaarheid (bijvoorbeeld persoonlijke ontwikkeling en vitaliteit) en diversiteit en inclusie.

Doelstellingen
De onderstaande doelstellingen vullen de HR-specifieke doelstellingen aan, zoals vastgelegd in het HR-jaarplan en de Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie (DE&I)-beleidsregel:

  • Het bewustzijn over duurzaamheid wordt vergroot; medewerkers zien het belang hiervan in. Dit wordt gemeten via periodieke medewerkersonderzoeken.
  • Klaverblad blijft een gendersensitieve organisatie en hanteert een zero tolerance-beleid voor discriminatie, verankert in beleid en actief uitgedragen binnen de organisatie.
  • De verdeling tussen vrouwen en mannen blijft evenwichtig, met 50% vrouwen en 50% mannen op directieniveau, in het managementteam en in de raad van commissarissen.

Meer informatie over de uitwerking van deze doelstellingen en ons personeelsbestand is terug te vinden in het hoofdstuk Medewerkers.

Terugblik activiteiten
Binnen het subthema DE&I zijn in 2025 de eerste stappen gezet. Zo zijn klankbordsessies met interne collega’s georganiseerd, waaruit de DE&I-beleidsregel is voortgekomen. In 2026 worden de eerste concrete activiteiten uitgevoerd die bijdragen aan de doelstellingen uit deze beleidsregel.

Daarnaast hebben wij diverse initiatieven opgezet om medewerkers te ondersteunen in duurzame en gezonde keuzes:

  • Medewerkers ontvangen sinds 2025 een NS-businesscard om het gebruik van het openbaar vervoer te vergemakkelijken.
  • Een gezondheidsonderzoek is uitgevoerd en tijdens de Vitaliteitsweek is extra aandacht besteed aan vitaliteit.
  • Er is een Klaverblad-specifieke leerlijn rondom duurzaamheid gelanceerd, inclusief een zelf regisserende podcastserie waarin medewerkers meer leren over de verschillende focusthema’s.

Op deze manier dragen wij bij aan de doelstellingen van SDG 8 – Eerlijk werk en economische groei:

Doel 8.5: Gelijke kansen en gelijke beloning voor mannen en vrouwen.

Doel 8.8: Fatsoenlijke arbeidsomstandigheden en een veilige werkomgeving.

Door hieraan invulling te geven, bevorderen wij een zinvolle en productieve werkomgeving waarin medewerkers zich kunnen ontwikkelen en actief kunnen participeren.

Consumenten en eindgebruikers

Onze eindgebruikers, onze klanten, bereiken wij via onze distributiepartners. Dit zijn verzekeringsadviseurs en gevolmachtigde agenten. Zij geven input en sturen mee via de materialiteitsanalyse aan ons duurzaamheidsbeleid.

Doelstellingen
In 2026 voeren wij een klantpanel uit met als focus duurzaamheid. Ook organiseren wij een productdialoog waar duurzaamheid een onderdeel van is. Wij nodigen hiervoor onze distributiepartners uit; het doel is om input te verzamelen over de inrichting van onze duurzaamheidsinitiatieven en inzicht te krijgen in mogelijke verbeterpunten.

Ook maken wij in 2026 de duurzaamheidsinformatie op onze website toegankelijker en transparanter.

Terugblik activiteiten
In 2025 zijn wij lid geworden van Stichting INSVER, een platform dat de verduurzaming van de verzekeringsbranche stimuleert. INSVER werkt samen met verzekeraars, verzekeringsadviseurs en andere branchepartijen om kennis, inzichten en best practices te delen. Door ons lidmaatschap kunnen wij verzekeringsadviseurs beter ondersteunen, wat uiteindelijk ook ten goede komt aan onze klanten. Daarnaast versterkt deze samenwerking onze uitvoeringskracht door gezamenlijke initiatieven met andere branchepartijen.

Zakelijk gedrag (Governance)

Het thema Zakelijk gedrag bestaat uit twee subthema’s: bedrijfscultuur en betalingspraktijken met leveranciers.

Bedrijfscultuur

De bedrijfscultuur bij Klaverblad vormt de basis voor een respectvolle, inclusieve werkomgeving en stimuleert bevlogenheid. Jaarlijks meten wij de medewerkerbevlogenheid via ons medewerkerbevlogenheidsonderzoek, waarin ook verdiepende vragen over ongewenst gedrag worden gesteld. Om ongewenst gedrag te voorkomen en veilig melden mogelijk te maken, beschikt Klaverblad over verschillende instrumenten en richtlijnen, zoals onze procedure voor het melden van misstanden en ongewenst gedrag en onze richtlijn interne incidenten. Meer informatie hierover is ook te vinden in het hoofdstuk Medewerkers.

Procedure melden misstanden en ongewenst gedrag
Klaverblad streeft naar een open en integere cultuur waarin medewerkers veilig kunnen werken. Ongewenste of niet-integere situaties, zogenaamde ‘misstanden’, kunnen door medewerkers worden gemeld. 

Richtlijn interne incidenten
Deze richtlijn beschrijft de stappen bij een integriteitsincident, wie betrokken moet zijn en hoe het proces van melding tot hoor en wederhoor wordt toegepast en vastgelegd.

Anti-corruptie en omkoping
In de verslagperiode zijn geen veroordelingen of sancties aan Klaverblad opgelegd die verband houden met overtredingen van anti corruptie- en anti-omkopingswetgeving.

Gedragscode Klaverblad
In de gedragscode leggen wij afspraken vast over eerlijk en integer handelen, inclusief richtlijnen over belangenverstrengeling, nevenactiviteiten en de meldprocedure voor incidenten.

Daarnaast onderschrijft Klaverblad de Gedragscode Verzekeraars van het Verbond van Verzekeraars. Door deze instrumenten waarborgen wij een veilige, integere en respectvolle werkcultuur, waarin diversiteit en inclusie worden geborgd.

Betalingspraktijken met leveranciers

Beleid Inkoop- en Contractenmanagement

Ons inkoopproces, beheerd door het inkoopteam, is gericht op transparantie, integriteit en duurzame samenwerking. Bij nieuwe inkooptrajecten vragen wij leveranciers om aanvullende informatie over hun milieu- en maatschappelijke doelstellingen.

Wij hanteren standaard een betalingstermijn van 30 dagen, tenzij anders overeengekomen met de leverancier. De interne jurist monitort naleving van de wettelijke en contractuele verplichtingen; er zijn het afgelopen jaar geen juridische procedures wegens te late betalingen geweest.

Doelstelling
In 2026 wordt het inkoopbeleid uitgebreid om de basis te leggen voor duurzaam inkopen.

Via dit thema dragen wij bij aan SDG 8 – Waardig werk en economische groei en SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie.

SDG 8 – Waardig werk en economische groei
Een gezonde en inclusieve bedrijfscultuur draagt bij aan waardig werk, gelijke kansen en duurzame economische groei. Door processen in te richten die het welzijn en de integriteit op de werkvloer versterken, vergroten wij de betrokkenheid en langdurige inzetbaarheid van onze medewerkers.

SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie
Eerlijke en tijdige betalingspraktijken maken onderdeel uit van verantwoorde bedrijfsvoering binnen onze keten. Door leveranciers op een zorgvuldige en betrouwbare manier te behandelen, draagt Klaverblad bij aan duurzame relaties, financiële stabiliteit bij partners en een veerkrachtige waardeketen, in lijn met SDG 12.

Onze medewerkers

Onze medewerkers

Om duurzame groei en succes voor elkaar te krijgen, investeren we in de ontwikkeling van onze medewerkers, creëren we een positieve werkomgeving en bieden we de juiste middelen om talent optimaal te in te zetten. Met gemotiveerde en goed opgeleide professionals kunnen we blijven innoveren, concurreren en inspelen op een continu veranderende markt.

Vanuit Klaverblad identificeerden we vier thema’s die belangrijk zijn om als duurzame werkgever aandacht aan te besteden.

  • Werk-privébalans;
  • Mentale gezondheid;
  • Diversiteit en inclusiviteit;
  • Opleiding en ontwikkeling.

In dit hoofdstuk presenteren wij algemene kenmerken van ons personeelsbestand, gevolgd door een verdieping per subthema. Volgens de VSME-richtlijn rapporteren wij over beleid, doelen en resultaten. En over sociale risico’s en de maatregelen die we nemen om deze te beheersen. 

Algemene kenmerken van ons personeelsbestand

Klaverblad is alleen actief op de Nederlandse arbeidsmarkt. We geven inzicht in de samenstelling van ons personeelsbestand, type arbeidsovereenkomsten en het verloop.

In 2025 hebben we de ingezette lijn van innovatie, vernieuwing en verbetering uit 2024 verder door gezet. Waar wij in 2024 de eerste stappen zetten op het gebied van employer branding en de implementatie van een nieuw recruitmentsysteem, verlegden we in 2025 de focus naar de verdere uitwerking en optimalisatie van onze arbeidsmarktcommunicatie, kandidaat ervaring en het onboardingproces.

Ondanks deze inspanningen blijft de arbeidsmarkt voor een groot aantal functies krap. Het aantal vacatures was in 2025 hoog en naar verwachting geldt dit ook voor 2026. Om het risico op arbeidsmarktschaarste tegen te gaan zullen wij een intensievere werving opstarten.

In 2025 steeg het aantal medewerkers van 397 naar 420. Dit komt overeen met 389 fte (2024: 370 fte).

Aantal werknemers naar geslacht en contract
  2025 2024
  Man Vrouw Totaal Man Vrouw Totaal
Aantal werknemers 215 205 420 205 192 397
Aantal onbepaalde tijd 175 170 345 168 157 325
Aantal bepaalde tijd / tijdelijk 40 35 75 37 35 72
             
Voltijd 151 55 206 142 48 190
Deeltijd 64 150 214 63 144 207
Totaal werknemers 215 205 420 205 192 397
             
Aantal medewerkers in fte 210 179 389 205 165 370
             
Aantal externen 116 17 133 112 17 129
Aantal externen in fte 76 14 90 67 13 80
             

In 2025 sloten 81 nieuwe medewerkers zich bij ons aan. 58 medewerkers verlieten Klaverblad, waarvan er drie medewerkers met pensioen gingen en twee medewerkers gebruik hebben gemaakt van de Regeling voor Vervroegde Uitdiensttreding (RVU). In 2026 richten we ons op versterking van onboarding, coaching en loopbaanpaden voor starters.

Naast de behoefte aan vaste medewerkers, was er in 2025 een relatief hoge behoefte aan externe inhuur. Dit is deels te verklaren door de hoge vraag naar (tijdelijke) specialistische kennis en ervaring bij een aantal grote en complexe veranderprojecten.

Het totaal personeelsverloop in 2025 bedraagt 15,9%.

Personeelsverloop
         
  2025 2024
  Vaste werknemers Externe medewerkers Vaste werknemers Externe medewerkers
instroom 81 101 68 122
uitstroom 58 97 29 101
doorstroom 33 nvt 79 nvt

Klaverblad beschikt over een richtlijn voor het inhuren van externe medewerkers, die is opgesteld in lijn met de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). De doelstelling van de richtlijn is drieledig:

  1. garanderen van gelijke behandeling volgens onze eigen normen en waarden;
  2. waarborgen beheersing formatie;
  3. voldoen aan wet- en regelgeving met als gevolg het minimaliseren van het risico op schijnzelfstandigheid en transparantie bieden in het proces.

Hoewel externe medewerkers geen onderdeel uitmaken van het eigen personeelsbestand, hanteren we dezelfde verwachtingen op het gebied van sociale veiligheid, gedragscodes en arbeidsomstandigheden. We beoordelen leveranciers hier expliciet op, via contractuele verplichtingen en inkoopvoorwaarden. Klaverblad registreert de nevenactiviteiten van interne en externe medewerkers, volgens de richtlijn nevenactiviteiten.

Genderverdeling

De man-vrouw verhouding binnen Klaverblad bleef in 2025 vrijwel gelijk ten opzichte van 2024. Eind 2025 bestond ons personeelsbestand uit 215 (51%) mannen en 205 (49%) vrouwen. Ter vergelijking: op 31 december 2024 waren er 205 (52%) mannen en 192 (48%) vrouwen in dienst. Deze algemene verdeling zien we ook terug in de leidinggevende posities. Op 31 december 2025 waren er 20 (50%) mannen en 20 (50%) vrouwen met een leidinggevende functie. De verhouding binnen de Directie en Raad van Commissarissen in 2025 is gelijk verdeeld.

Genderverdeling
  2025 2024
  Man Vrouw Man Vrouw
Raad van Commissarissen 2 50% 2 50% 1 33% 2 67%
Directie 2 50% 2 50% 2 67% 1 33%
Afdelingshoofden / managers 8 44% 10 56% 8 42% 11 58%
Teamleiders 10 56% 8 44% 13 68% 6 32%
Overig 195 51% 185 49% 182 51% 174 49%
Ondernemingsraad* 5 45% 6 55% 5 45% 6 55%

Bij Klaverblad is de groep medewerkers in de leeftijdscategorie tussen de 30 en 50 jaar het sterkst vertegenwoordigd. De gemiddelde leeftijd binnen Klaverblad bedraagt 44 jaar (2024: 45 jaar). Het gemiddelde aantal dienstjaren is 10.

Werknemers naar leeftijdscategorie
  2025 2024
Jonger dan 30 jaar 47 46
Tussen 30 en 50 jaar 209 204
Ouder dan 50 jaar 164 147

Salarisstructuur en gelijk loon

Klaverblad is aangesloten bij de collectieve arbeidsovereenkomst voor het Verzekeringsbedrijf. Alle medewerkers (100%) in loondienst vallen onder deze cao.

Met ingang van 1 januari 2025 ging de nieuwe cao in. Deze cao heeft een looptijd van 18 maanden en verloopt daarmee op 30 juni 2026. De cao-partijen spraken een getrapte salarisverhoging af van 3% per 1 januari 2025, 2% per 1 juli 2025 en 2% per 1 januari 2026.

Het beloningsbeleid van Klaverblad is erop gericht om als aantrekkelijke werkgever, goede mensen aan te trekken en aan ons te binden. Hierbij koppelen we een juiste beloning aan onze bedrijfsdoelstellingen. Die doelstellingen zijn: het voeren van integere beheerste bedrijfsvoering die toekomstbestendig is, het beheersen van risico’s en een zorgvuldige integere behandeling van klanten en medewerkers. Als randvoorwaarde dient het beloningsbeleid ook bij te dragen aan de beheersing van de kosten gezien de toekomstbestendige bedrijfsvoering.

Voor verslagjaar 2025 is het cijfer over eventuele loonverschillen tussen mannelijke en vrouwelijke medewerkers nog niet beschikbaar. Wij richten ons in 2026 op het opzetten van een gestandaardiseerde methodiek voor het analyseren van beloningsverhoudingen. Na afronding daarvan zullen wij vanaf verslagjaar 2026 transparant rapporteren over eventuele loonverschillen.

Opleiding en ontwikkeling van medewerkers

Klaverblad wil een lerende organisatie zijn, die investeert in kennis, vaardigheden en ontwikkeling van haar medewerkers. De opleidingsregeling van HR voorziet in verschillende categorieën opleidingen en biedt daarmee ruimte voor vergoeding van opleiding.

Ook is Klaverblad een erkend werk- en leerbedrijf. In 2025 boden we zes stagiaires de kans om praktijkervaring op te doen of een scriptieopdracht te voltooien. Alle zes de stagiaires rondden hun stage of scriptie succesvol af. Wij hechten veel waarde aan het bieden van stage- en afstudeerplekken, omdat we zo niet alleen bijdragen aan de ontwikkeling van jong talent, maar ook een steentje bijdragen aan de maatschappij en de carrières van toekomstige professionals. 

Het gebruik van de opleidingsregeling is terug te zien in de cijfers. Klaverblad heeft in 2025 € 725.327 (2024: € 922.761) geïnvesteerd in opleidingen en coaching. Dit is 2,2% van de totale loonsom. Van de totale opleidingsuitgaven is 76% vakinhoudelijk en 24% coaching.

Klaverblad heeft geen informatie beschikbaar over het gemiddelde aantal opleidingsuren per werknemer gedurende 2025. Wel heeft Klaverblad de beschikking over een online leerplatform. Volgens de informatie van dit platvorm blijkt dat Klaverblad medewerkers gemiddeld 1,12 uur (op jaarbasis) op het leerplatform allerlei opleidingen hebben gevolgd. Dit is exclusief de trainingen die op externe locaties zijn gevolgd.

Vitale medewerkers

Bij Klaverblad geloven we dat gelukkige en vitale medewerkers minder verzuimen en meer plezier in hun werk ervaren. In 2025 was het gemiddelde verzuim 4,8% (ten opzichte van doelstelling 4%). Gedurende het jaar zagen wij vanaf Q4 een toename van het langdurige verzuim. Daarom investeren we actief in preventie en duurzame inzetbaarheid. Dit doen we door middel van verschillende initiatieven. Onder andere door het organiseren van de vitaliteitsweek waarin meerdere thema’s aan bod komen.

De dagelijkse ondersteuning binnen Klaverblad wordt aangevuld door de inzet van een vaste casemanager vanuit De Arbodienst die Klaverblad en haar medewerkers ondersteuning biedt bij zowel preventie, als verzuimbegeleiding. Hierbij is er ook extra aandacht is voor frequent verzuim. Daarnaast voorziet Klaverblad in maatwerk interventies en ondersteuning zoals loopbaanbegeleiding, een werkplekonderzoek door onze ergonoom, coaching en specifieke specialistische interventies. 

Klaverblad heeft in 2025 geen te registreren arbeidsongevallen met betrekking tot het eigen personeel gehad.

Verzuimcijfers
  Totaal 0-7 dagen 8-42 dagen 43-365 dagen >365 dagen Meldings-
frequentie*
2025 4,8% 0,8% 0,6% 2,4% 1,1% 1,1%

Werk-privébalans

Klaverblad hecht veel waarde aan een gezonde werk-privébalans. Afhankelijk van de functie hebben medewerkers de vrijheid hun agenda zelf in te delen, met focus op afspraken en tastbare resultaten. Uit het jaarlijkse medewerkersonderzoek scoorde de werk-privébalans een 7,3. Dat is 0,3 hoger dan het branchegemiddelde.

Werkdruk blijft een belangrijk aandachtspunt. In 2025 gaf 27% van de medewerkers aan de werkdruk als hoog (te) ervaren, een verhoging ten opzichte van 26% in 2024. Om de werkdruk te verlagen wordt er vanuit Recruitment gewerkt om openstaande vacatures snel en zorgvuldig in te vullen. Ook moet aanname van extra externe medewerkers op (verander)trajecten werkdruk bij het personeel verminderen.

Diversiteit, gelijkheid en inclusie

In vervolg op het onderzoek uit 2024 gingen wij aan de slag met het opstellen van een diversiteit en inclusiebeleidsregel. Dit is uitgebreid naar een diversiteit-, gelijkheid- en inclusiebeleidsregel. Deze beleidsregel is in 2025 geïmplementeerd en bepaalt de koers die we willen inzetten rondom dit thema, met bijbehorende doelstellingen en activiteiten.

De beleidsregel leidt tot een DE&I in de praktijkplan, dat opgebouwd is uit periodieke activiteiten, cursussen of campagnes, waarin aandacht wordt gegeven per onderdeel uit het beleid (diversiteit, gelijkheid en inclusie). In dat kader gaan wij de samenwerking aan met verschillende bureaus om actief bij te dragen aan de cultuur van gelijkwaardigheid, respect en samenwerking.

Gedragscode

Klaverblad hecht daarnaast groot belang aan een integere, transparante en respectvolle werkomgeving. Om dit te borgen stelden we in 2025 een nieuwe gedragscode vast. Deze introduceerden we organisatiebreed. In de gedragscode staan duidelijke afspraken en richtlijnen over de wijze waarop medewerkers met elkaar, met klanten en met externe partners omgaan. Daarbij besteden we onder meer aandacht aan thema’s zoals inclusie, privacybescherming, integriteit, het voorkomen van ongewenst gedrag, het melden van incidenten en het zorgvuldig omgaan met (mogelijke) belangenverstrengeling. Met de invoering van de gedragscode streven wij naar eenduidige normen en waarden binnen de organisatie, het behouden en versterken van vertrouwen bij klanten, toezichthouders en medewerkers, en het expliciet maken van verantwoordelijkheden voor iedereen, ongeacht functie of afdeling.

Ongewenst gedrag

Vanuit het jaarlijkse medewerkerstevredenheidsonderzoek bleek dat 8% van de medewerkers ongewenst gedrag heeft ervaren vanuit interne maar ook vanuit klant-/leveranciers contacten. Dit is 1% hoger dan in 2024. Het meest voorkomende ongewenste gedrag wordt ervaren door personeel in verbale vorm.

In 71% van de gevallen geeft de medewerker aan dat hij tevreden is over de opvang door de organisatie, nadat hij de melding heeft gedaan. De norm ligt op 90%. Er is dus ruimte voor verbetering. Hier werken wij in 2026 verder aan.

Klaverblad beschikt over een klachtenafhandelingsmechanisme voor haar eigen personeel. De interne vertrouwenspersonen kregen in 2025 15 meldingen. De externe vertrouwenspersonen ontvingen 12 meldingen en het LIK (Loket Interne Klachten) ontving in 2025 2 meldingen. Hiervan is één melding (klacht 1) weer ingetrokken en de andere klacht is na grondig onderzoek ongegrond verklaard. Alle meldingen zijn vertrouwelijk geregistreerd, met inachtneming van de privacyregels en geheimhoudingsplicht. De medewerkers zijn ondersteund met persoonlijke gesprekken. Klaverblad heeft geen ernstige negatieve incidenten met betrekking tot mensenrechten in relatie tot haar eigen personeel bevestigd en heeft geen kennis van dergelijke incidenten in de waardeketen. 

Binnen Klaverblad vonden er initiatieven plaats ter preventie en bewustwording, onder andere door communicatie, voorlichtingsactiviteiten en beleidsadvies. Zo stelden we in 2025 ook de Gedragscode op in samenwerking met compliance en de ondernemingssecretaris. 

Vermogensbeheer

Vermogensbeheer: ons duurzaam beleggingsbeleid

Vermogensbeheer: ons duurzaam beleggingsbeleid

Ontwikkelingen in 2025

We blijven ons beleggingsbeleid en de bijbehorende beleggingsmandaten voortdurend verbeteren. De basis van het beleggingsbeleid is dat bedrijven en organisaties waar Klaverblad zaken mee doet, aan de sociaal-ethische principes van Klaverblad moeten voldoen. Deze principes, die als leidraad dienen, omvatten alle Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties (hierna: SDG). De ethische principes zijn gebaseerd op internationale richtlijnen, beginselen en verdragen, zoals de Principles for Responsible Investment (PRI), de Global Compact van de Verenigde Naties en de OESO-richtlijnen.

Naast het ethische kader heeft Klaverblad vier duurzame thema’s gedefinieerd:

  1. Klimaat
    • SDG 7 – Betaalbare en duurzame energie
    • SDG 13 – Klimaatactie
  2. Biodiversiteit/Land
    • SDG 14 – Leven in het water
    • SDG 15 – Leven op het land
  3. Water
    • SDG 6 – Schoon water en sanitair
  4. Circulariteit
    • SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie

In 2022 stelde Klaverblad een klimaatactieplan op om haar klimaatdoel te realiseren. De langetermijndoelstelling voor onze beleggingen is om in 2050 een netto nul emissie te realiseren, om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5°C. Het tussendoel is om de broeikasgasintensiteit van de beleggingen met ten minste 50% te verminderen in 2030, ten opzichte van het niveau in 2020. De klimaatdoelstelling is in lijn met kwantitatieve projecties in het 1,5 graden-scenario van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), uitgaande van een verwachte gemiddelde jaarlijkse CO2-reductie van 7%. Daarmee is de doelstelling in lijn met de ambities van het Parijs akkoord en het EU Climate Target Plan. We herzien de doelstellingen om de 3 tot 5 jaar. En als dit nodig is, scherpen we deze aan. In 2025 was de  CO2-reductie 6%. Alhoewel  we licht achterblijven op het jaarlijkse doel, ligt de afname ten opzichte van 2020 ruim onder de doelstelling. In 2030 moet de CO2-reductie gehalveerd te zijn en dit is reeds gerealiseerd. Ten opzichte van 2020 nam de CO2-reductie met ruim 68% af. 

In 2023 stelden we ook voor het thema biodiversiteit een actieplan op. Klaverblad heeft als doel om in 2050 niet meer bij te dragen aan het verlies van biodiversiteit (‘no net loss’) en in 2030 per saldo niet meer bij te dragen aan ontbossing. Dit sluit aan bij de ‘Biodiversity Pledge’ die Klaverblad ondertekende. In 2025 ontwikkelden we een methode om de biodiversiteitsfootprint van de aandelenportefeuille te meten. Op basis daarvan is de biodiversiteitsfootprint van de aandelenportefeuille 50% van de benchmark.

De thema’s water en circulariteit maken ook onderdeel uit van de actieplannen biodiversiteit en klimaat. Onze portefeuilles worden beoordeeld op de volgende hoofddoelstellingen behorende bij deze thema’s: 

  • Water:
    Klaverblad streeft naar water neutrale portefeuilles in 2030. Dit betekent dat de portefeuille niet mag bijdragen aan het onttrekken van water uit een omgeving waar water schaars is en waar de natuur de schaarste niet uit zichzelf kan aanvullen.
  • Circulariteit:
    Klaverblad heeft als doel om circulariteit te stimuleren waar mogelijk. We zien circulariteit als oplossingsrichting om de druk op de planeet te verlagen. In 2030 is ons doel de afvalproductie van de bedrijven waar wij in investeren, met 50% verlaagd te hebben ten opzichte van 2020.

Implementatie

Klaverblad voert aanpassingen in de portefeuille stapsgewijs in. Als belegger beschikken we over verschillende mogelijkheden om onze doelstellingen te realiseren. Wij hanteren de volgende instrumenten: 

1. Selectie van managers
Klaverblad belegt in vastgoed, staatsobligaties, onderhandse leningen, aandelen, bedrijfsobligaties en hypotheken. Met uitzondering van de beleggingscategorie vastgoed maakt Klaverblad voor de uitvoering van het vermogensbeheer gebruik van de expertise van externe managers. De managers worden per beleggingscategorie geselecteerd. In het selectieproces neemt Klaverblad de duurzame en verantwoorde principes, criteria en uitgangspunten mee die zij belangrijk vindt. Om invloed uit te oefenen in de portefeuilles weegt in het selectieproces de mogelijkheid om via discretionaire mandaten te beleggen zwaar. Door niet in fondsen te beleggen, zijn we niet afhankelijk van het duurzame beleggingsbeleid van de vermogensbeheerder en kunnen we volledig het Klaverblad-beleid implementeren. Om te analyseren of de beleggingen voldoen aan de duurzame ambities, worden ieder kwartaal de portefeuille op regelniveau gescreend.

2. Uitsluitings- en insluitingsbeleid
Op dit moment sluiten we op basis van het ethische kader en onze thema’s de volgende bedrijven, sectoren en landen uit:

  • tabaksindustrie - meer dan 5% productie en 10% distributie;
  • bedrijven die meer dan 5% omzet genereren uit de exploratie en winning van onconventionele olie & gas, zoals oliezanden; olieschalie (ketogeenrijke deposits), schaliegas, schalieolie, steenkoolgas, methaan uit steenkoollagen en arctische olie & gas;
  • bedrijven waarvan de steenkoolextractie meer dan 10% van de omzet uitmaakt; in feite betekent deze aanpak dat er niet wordt belegd in bedrijven die jaarlijks meer dan 10 megaton thermische kolen produceren;
  • bedrijven met uitbreidingsplannen voor nieuwe kolencentrales;
  • wapenindustrie - meer dan 5% productie van conventionele wapens, munitie en aanverwante wapensystemen;
  • pornografische industrie - meer dan 5% betrokkenheid;
  • bedrijven met een omzet van meer dan 5% uit het aanbieden, exploiteren, produceren, in licentie geven of ondersteunen van gok-, loterij- en wedstrijdspelen of uit het vervaardigen en verkopen van relevante apparatuur;
  • bedrijven handelend in strijd met de UN Global Compact Principles en de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen;
  • staten in strijd met (democratische) vrijheid. We baseren ons hierbij op Freedom House en sluiten staten uit met de classificatie ‘Not Free’;
  • staten met een hoge mate van corruptie. We baseren ons hierbij op Corruption perceptions index en sluiten staten uit met een CPI-score < 30.

3. Actief aandeelhouderschap
Via stemmen en het voeren van dialoog, ofwel engagement, kunnen we bedrijven stimuleren om te veranderen op het gebied van duurzaamheid. In 2024 legden we dit vast in een aparte beleidsregel. We zijn in het hele financiële spectrum een relatief kleine belegger, waarbij onze invloed op het gedrag van bedrijven gering is. Wij zijn er wel van overtuigd dat het onze verantwoordelijkheid is onze stem te laten horen. Om onze impact te vergroten doen we dat bij voorkeur samen met anderen. We doen mee aan het stem- en engagementbeleid van de vermogensbeheerders en monitoren of dit in lijn is met ons beleid. Als dit niet het geval is, dan gaan we hierover in gesprek met onze vermogensbeheerders. Daarnaast ondersteunen we actief brede engagementinitiatieven in de sector die aansluiten bij onze doelen. In 2025 zette Klaverblad het engagementbeleid actief voort. We nemen deel aan verschillende collectieve engagementinitiatieven. En via onze duurzame adviseur wordt actief engagement uitgevoerd richting de grootste uitstoters in de portefeuille. Daarnaast participeren we in de expertgroep Duurzaamheid van het Verbond van Verzekeraars en zijn actief betrokken bij de initiatieven die gericht zijn op biodiversiteit en voedsel & gezondheid. De belangrijkste verbeterpunten liggen bij het systematisch monitoren en meten van engagementresultaten. En bij het vaker optreden als directe ondertekenaar bij collectieve trajecten. Hieraan is in 2025 gewerkt en in 2026 zetten we verdere stappen in professionalisering.

4. Directe investeringen
De laatste pijler bij het nemen van een beleggingsbeslissing, is ons streven om met onze beleggingen daadwerkelijk positieve impact te realiseren. Dit doen we door te investeren in duurzame obligaties en/of kapitaal beschikbaar te stellen voor projecten en/of bedrijven die dat geld direct gebruiken om positieve verandering te realiseren.

In 2023 is besloten een deel van ons kapitaal te alloceren aan leningen voor het Nederlandse MKB. Door deze directe investeringen kunnen we dicht bij huis onze maatschappelijke doelen realiseren. In 2024 hebben we daarnaast vermogen toegezegd aan een venture capital fund dat zich richt op het bouwen van eerlijkere voedselketens, het vinden van oplossingen om pesticiden te verminderen, het bestrijden van voedselverspilling en het ontwikkelen van plantaardige eiwitalternatieven. Hoewel deze allocatie relatief klein is, sluit het aan bij onze ambitie om met onze beleggingen impact te maken. Het sluit aan bij onze overtuiging: ‘Als je niet ergens start vindt verandering nooit plaats’. In 2025 verhoogden we wederom ons aandeel in duurzame obligaties. In 2025 voerden we de ALM studie uit. Als gevolg daarvan ontwikkelen we in 2026 een implementatievoorstel om 5% van de aandelen in de Coöperatie af te bouwen ten gunste van impactbeleggingen.

Aandelen

BNPP Asset Management beheert onze Europese aandelenportefeuille via een discretionair mandaat. De benchmark hanteren wij voor het begrenzen van het universum. De vermogensbeheerder is niet gebonden aan een tracking error, waardoor maximale ruimte ontstaat om stap voor stap, volgens de duurzame doelstellingen, te beleggen. De beleggingen vinden plaats op basis van het duurzaam beleggingsbeleid van Klaverblad, aangevuld met het duurzame beleid van BNPP Asset Management. 

Het mandaat is gericht op de reductie-doelstelling en stelt grenzen voor onze Environment Social Governance (ESG)-beleggingen. In eerste instantie worden bedrijven met sociale controverses uitgesloten. Daarna worden 5% van de bedrijven die het slechtst scoren op omgeving en nog eens 5% bedrijven die het slechtst scoren op social verwijderd. 

Daarnaast bestaat 5% van de portefeuille uit ‘groene aandelen’. Dit betreffen benchmarkaandelen met meer dan 50% omzet, gerelateerd aan de energie- en ecologische transitie, onafhankelijk van hun activiteitensector. Of een aandeel in aanmerking komt, wordt beoordeeld op basis van de criteria van de EU-taxonomie. Een aandeel dat in aanmerking komt wordt overwogen ten opzichte van de benchmark. Bij het bepalen van de beleggingsgrenzen investeren we niet alleen in bedrijven met een hoge ESG-score, maar ook in bedrijven met een lage ESG-score en een helder beleid. En die een voornemen hebben om te verbeteren. In 2025 implementeerden we de biodiversiteitsoverlay in onze aandelenportefeuille. Dit houdt in dat de Corporate Biodiversity Footprint van de aandelenportefeuille minder dan 50% bedraagt van de Corporate Biodiversity Footprint van de Benchmark. Daarnaast leggen we in het mandaat nadruk op de door ons geselecteerde SDG’s. Bedrijven die goed scoren op de door ons geselecteerde SDG’s, krijgen een extra gewicht in de beleggingsportefeuille.

Bedrijfsobligaties

Candriam beheert onze bedrijfsobligatieportefeuille op basis van een discretionair mandaat. Net als bij aandelen wordt de benchmark gehanteerd voor het begrenzen van het universum. De tracking error wordt losgelaten, waardoor maximale ruimte ontstaat om stap voor stap, volgens de duurzame doelstellingen, te beleggen. Door niet gebonden te zijn aan de tracking error konden we de doelstelling, om eind 2024 12% van de obligatieportefeuille in duurzame obligaties te beleggen, goed realiseren. Vanaf 2025 is het doel deze weging te behouden. De beleggingen vinden plaats op basis van het duurzaam beleggingsbeleid van Klaverblad, aangevuld met het duurzame beleid van Candriam.

Voor een goede vergelijking met marktdata rapporteert Klaverblad voor haar beleggingen zoveel mogelijk volgens de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Voor Klaverblad is dit geen verplichting, maar een logische resultante van het ingezette duurzame beleggingsbeleid in 2019.

Klimaatverandering

De aarde warmt op en het klimaat verandert. Wij bereiden ons daarom voor op de effecten van klimaatverandering. Dit heet klimaatadaptatie. Daarnaast moeten we verdere klimaatverandering zoveel mogelijk tegengaan: dat heet klimaatmitigatie. Mitigatie kan door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen of door CO2 uit de atmosfeer te verwijderen met nieuwe technologieën.

Acties

In het afgelopen jaar hebben we de volgende acties ondernomen om zowel klimaatadaptie en klimaatmitigatie te bevorderen.

Impactobligaties
Via impactobligaties investeren wij in oplossingen die de uitstoot van broeikasgassen verminderen, afvangen en/of opslaan of die een duurzame energievoorziening vergroten. Zie hiervoor het overzicht in de paragraaf ‘Impactobligaties’.

Uitsluitingen
We sluiten bedrijven, instellingen en overheden uit die onvoldoende capaciteit hebben om de transitie te maken naar een koolstofarme economie. Het afgelopen jaar zijn er bedrijven uitgesloten omdat zij geen geloofwaardige strategieën of doelstellingen hebben om hun afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen, blijven investeren in activiteiten met een hoge CO2-uitstoot, en/of niet het vermogen of de bereidheid tonen om hun klimaat gerelateerde risico’s te verminderen.

Doelstellingen

De langetermijndoelstelling voor onze beleggingen is om in 2050 een netto nul emissie te realiseren om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 graden Celsius. Het tussendoel is om de broeikasgasintensiteit van de beleggingen met ten minste 50% te verminderen in 2030 ten opzichte van het niveau in 2020.

Indicatoren en CO2-voetafdruk
De carbon footprint (CO2-voetafdruk) van beleggingen wordt berekend aan de hand van de methode van het Partnership Carbon Accounting Financials (PCAF). De carbon footprint bestaat uit de som van CO2-uitstoot in scope 1, scope 2 en scope 3 van de entiteiten waarin we investeren. De uitstoot wordt uitgedrukt in tonnen van CO2-equivalenten en omvat daarom verschillende broeikasgassen. Op basis van het aandeel van de ondernemingswaarde, van de onderneming waarin belegd wordt via belegging in aandelen of een belegging in obligaties, wordt een deel van de totale CO2e-uitstoot van de entiteiten toegewezen aan de beleggingen. De CO2-uitstoot is berekend op basis van het gemiddelde van de vier kwartaaleinden van 2025. 

Om voor een zo groot mogelijk deel van onze portefeuille de CO2e-voetafdruk te kunnen berekenen, gebruiken we de emissies gerapporteerd door een onderneming via bijvoorbeeld het Carbon Disclosure Project (CDP), hun jaarverslag of hun duurzaamheidsverslag. Als ondernemingen deze emissies niet rapporteren, gebruiken we schattingen gemaakt door dataleveranciers. We meten de voortgang in CO2e-reductie van de bedrijven waarin we beleggen.

In CO2e-uitstoot wordt er onderscheid gemaakt naar:

  • Scope 1: omvat de directe CO2-uitstoot veroorzaakt door interne bronnen van de betreffende belegging (eigen gebouw-, vervoer- en productie gerelateerde activiteiten);
  • Scope 2: omvat de indirecte CO2-uitstoot veroorzaakt door opwekking van verbruikte elektriciteit of warmte namens de betreffende belegging;
  • Scope 3: omvatten de indirecte CO2-uitstoot die vrij komt bij het gebruik van grondstoffen, basismaterialen en de uitstoot die wordt veroorzaakt door het gebruik van de producten na verkoop.
CO₂e-uitstoot voor scope 1,2 en 3 per beleggingscategorie
Beleggingscategorie Totaal gemiddeld beheerd vermogen in omvang
(duizend euro)
Dekking voor absolute emissies1
(%)
Absolute emissies
(miljoen ton CO
2e)
Economische emissie-intensiteit
(ton CO
2e per geïnvesteerde miljoen euro)
Gewogen gemiddelde emissie-intensiteit
(ton CO
2e per miljoen euro omzet)
PCAF data kwaliteitsscore voor absolute emissies
Scope 1 & 2 Scope 3 Scope 1 & 2 Scope 3 Scope 1 & 2 Scope 3 Scope 1 & 2 Scope 3
Beursgenoteerde aandelen € 257.821   100,0%  6.741 79.667 26,1 309,0 44,3 606,5 2,0 4,0
Bedrijfsobligaties € 140.359   100,0%  4.748 34.016 33,8 242,3 225,1 606,2 2,0 4,0
Hypotheken  € 109.317   100,0%  850 N.v.t. 7,8  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t. 2,0  N.v.t.
Staatobligaties  € 188.582   94,5%  20.736 19.881 116,3 111,5 N.v.t. N.v.t. 4,1 4,1
Private Debt  € 26.550   3,5%  79 71 84,6 76,2 1,4 302,6 3,7 4,0
Totaal  € 722.630   95,0%  33.154 133.635 48,3 231,4 107,8 605,7 2,5 4,0

Ontwikkeling CO2-voetafdruk van de portefeuille van het afgelopen jaar
Samengevat is de ontwikkeling van de CO2-voetafdruk over het jaar 2025 ten opzichte van 2024 weergegeven in tabel ontwikkeling CO2e-uitstoot.

Ontwikkeling CO₂e-uitstoot
  Verschil in absolute emissies t.o.v. 2024 (%) Verschil in gewogen gemiddelde emissie-intensiteit t.o.v. 2024
Beleggingscategorie Scope 1 & 2 Scope 3 Scope 1 & 2 Scope 3
Beursgenoteerde aandelen -0,2%  7,2%  -0,6%  6,6% 
Bedrijfsobligaties 0,3%  -1,3%  -10,8%  -12,3% 
Hypotheken -4,4%  N.v.t.  -7,4%  N.v.t. 
Staatobligaties -8,7%  34,3%  -8,3%  34,9% 
Private debt N.v.t.  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t. 
Private equity  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t. 
Totaal -3,2%  8,0%  -8,6%  21,3% 
         

Scope 1 & 2 emissies

  • Voor beursgenoteerde aandelen is de CO2e-intensiteit scope 1 & 2 met 0,6% gedaald
  • Voor beursgenoteerde aandelen zijn de absolute CO2e-emissies scope 1 & 2 gelijk gebleven
  • Voor bedrijfsobligaties is de CO2e-intensiteit scope 1 & 2 met 10,8% gedaald
  • Voor bedrijfsobligaties zijn de absolute CO2e-emissies scope 1 & 2 gelijk gebleven
  • Voor staatobligaties is de CO2e-intensiteit scope 1 & 2 met 8,3% gedaald
  • Voor staatobligaties zijn de absolute CO2e-emissies scope 1 & 2 met 8,7% gedaald 
  • Voor hypotheken is de CO2e-intensiteit scope 1 & 2 met 7,4% gedaald
  • Voor hypotheken zijn de absolute CO2e-emissies scope 1 & 2 met 4,4% gedaald

Beursgenoteerde aandelen
Binnen de categorie beursgenoteerde aandelen zijn de CO2e-emissies voor scope 1 en 2, zowel absoluut als per miljoen belegde euro, over het algemeen gelijk gebleven. De lichte daling in CO2e-emissies per miljoen belegde euro voor scope 1 en 2 wordt gecompenseerd, doordat Klaverblad meer is gaan beleggen in beursgenoteerde aandelen. De absolute uitstoot op totaalniveau blijft daardoor gelijk.

Bedrijfsobligaties
Binnen de categorie bedrijfsobligaties zijn de CO2e-emissies per miljoen belegde euro gedaald, terwijl de absolute uitstoot gelijk is gebleven door een toename van het belegd vermogen. De daling per miljoen belegde euro wordt verklaard door een afname van de CO2e-intensiteit bij de onderliggende bedrijven waarin Klaverblad is belegd, ondanks een stijging van de uitstoot in de luchtvaartsector en het feit dat Klaverblad is gaan beleggen in de metalen- en mijnbouwindustrie. De CO2e-intensiteit afgenomen in van nature CO2e-intensieve sectoren, zoals elektriciteitsbedrijven en de bouwmaterialenindustrie. Ook is Klaverblad minder gaan beleggen in de olie- en gassector.

Staatsobligaties*
Binnen de categorie staatsobligaties is de absolute scope 1 en 2 uitstoot gedaald. Dit is te verklaren door een afname van de scope 1 en 2 intensiteit in de gerapporteerde data van de landen waarin wordt belegd.

Ten opzichte van het targetjaar 2020 ziet het verloop van de CO2-reductie ten opzichte van de benchmark er als volgt uit:

Ontwikkeling carbonfootprint Scope 1 & 2 (intensity)

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Date Carbon Scope 1 and 2 - Intensity (actual) Carbon Scope 1 and 2 - Intensity (target)
dec-19  153,75   153,75 
dec-20  100,71   142,74 
dec-21  86,76   132,52 
dec-22  69,75   123,03 
mrt-23  68,68   120,77 
jun-23  66,23   118,55 
sep-23  64,85   116,37 
dec-23  65,86   114,23 
mrt-24  50,57   112,13 
jun-24  51,29   110,06 
sep-24  52,57   108,04 
dec-24  55,48   106,05 
mrt-25  48,29   104,10 
jun-25  49,55   102,18 
sep-25  47,66   100,30 
dec-25  48,25   98,46 

* Vanwege de vertraging in gerapporteerde data wordt zowel voor het jaarverslag van 2025 als per eind 2024 gebruik gemaakt van CO2 van landen van 2024.

Scope 3 emissies

  • Voor beursgenoteerde aandelen is de CO2-intensiteit scope 3 met 6,6% gestegen
  • Voor beursgenoteerde aandelen zijn de absolute CO2-emissies scope 3 met 7,2% gestegen
  • Voor bedrijfsobligaties is de CO2-intensiteit scope 3 met 12,3% gedaald
  • Voor bedrijfsobligaties zijn de absolute CO2-emissies scope 3 met 1,3% gedaald
  • Voor staatsobligaties is de CO2-intensiteit scope 3 met 34,9% gestegen
  • Voor staatsobligaties zijn de absolute CO2-emissies scope 3 met 34,3% gestegen

Beursgenoteerde aandelen
Voor de categorie beursgenoteerde aandelen zijn zowel de CO2e-emissies per miljoen belegde euro als de absolute uitstoot voor scope 3 toegenomen. De stijging in intensiteit wordt vooral veroorzaakt door een toename in de intensiteit voor de transport- en logistieksector en de bankensector, die van nature hoge scope 3 emissies hebben. Klaverblad is bovendien meer gaan beleggen in deze sectoren. Deze toename zorgt voor een stijging van de absolute emissies van de sectoren. Tegelijkertijd wordt de stijging van de absolute emissies voor beursgenoteerde aandelen op totaalniveau deels gecompenseerd doordat Klaverblad minder is gaan beleggen in de olie- en gassector.

Bedrijfsobligaties
Net als bij de scope 1- en 2-emissies van bedrijfsobligaties wordt de daling in scope 3-emissies voor een groot deel veroorzaakt door een lagere CO2-intensiteit binnen de olie- en gassector, waarin Klaverblad minder is gaan beleggen. Daarnaast is ook de intensiteit afgenomen in de sectoren bouwmaterialen en papier- en verpakkingsmaterialen, hoewel deze sectoren een kleinere impact hebben op de totale scope 3 uitstoot binnen de categorie bedrijfsobligaties.

Staatsobligaties
Bij staatsobligaties zien we een toename van de absolute scope 3 CO2-emissies, veroorzaakt door een stijging van de scope 3-emissies per miljoen euro belegd. Terwijl de scope 1 en 2 emissies in deze categorie zijn gedaald, zijn de scope 3-emissies gestegen. Dit komt door een relatief grotere allocatie naar landen met een hogere scope 3- intensiteit, zoals Nederland en Oostenrijk, ten opzichte van Duitsland en Frankrijk.

Klimaatrisico’s

We gebruiken scenarioanalyse vanwege de complexiteit. Daarbij wordt voorspeld in welke mate de aarde zal opwarmen als gevolg van klimaatverandering. Deze kunnen bestaan uit beleidsonzekerheid, meerdere omslagpunten op milieugebied en potentiële technologische vooruitgang. Elk scenario bestaat uit een mate van opwarming en een maatstaf voor het financiële risico (we zetten dit neer als een verlies voor de portefeuille). Met andere woorden: wat we verwachten dat het financiële verlies zal zijn, gebaseerd op een bepaalde mate van opwarming. We gebruiken hiervoor twee scenario’s:

  • 1,5°C (het op Parijs afgestemd transitiescenario): Dit is ons doel. Er wordt van uitgegaan dat er maatregelen worden genomen die de stijging binnen de perken houden.
  • 2°C (scenario van late transitie): Dit is een voorspelling van wat wij denken dat er zal gebeuren. Er wordt van uitgegaan dat er maatregelen worden ingevoerd om de klimaatverandering aan te pakken, maar dat deze te laat worden ingevoerd om aan de Overeenkomst van Parijs te voldoen.

Deze scenario’s benadrukken de impact van fysieke risico’s en transitierisico’s in verschillende situaties, waardoor we conclusies kunnen trekken over de verschillende componenten van aan klimaatverandering gerelateerde risico’s en kansen.

Klimaatrisico’s
    1,5°C scenario 2°C scenario
Beleggingscategorie Dekkingspercentage totaal1 waarvan transitie-risico’s waarvan potentiële klimaat-kansen waarvan fysieke risico’s totaal waarvan transitie-risico’s waarvan potentiële klimaat-kansen waarvan fysieke risico’s
Beursgenoteerde aandelen 99,9%  -12,1%  -13,2%  2,5%  -0,8%  -5,5%  -4,5%  0,4%  -1,4% 
Bedrijfsobligaties 77,8%  -5,5%  -6,2%  0,1%  0,0%  -1,3%  -1,3%  0,0%  0,0% 
Totaal 92,2%  -10,1%  -11,1%  1,8%  -0,6%  -4,3%  -3,5%  0,3%  -1,0% 

In 2025 verbeterden we onze manier om klimaatrisico’s te meten. We gebruiken nu twee klimaatscenario’s van het Network for Greening the Financial System (NGFS). Dit is een wereldwijd netwerk van centrale banken en toezichthouders dat helpt bij het inschatten van klimaatrisico’s. De twee scenario’s die we gebruiken zijn:

  • Net Zero 2050 (1,5°C – Orderly)
  • Delayed Transition (2°C – Disorderly)

Deze scenario’s zijn, in tegenstelling tot de oude scenario’s gebaseerd op meerdere modellen. Dit zorgt voor een betere en betrouwbaardere inschatting. Deze scenario's worden gezien als de marktstandaard. Door verbetering van de methodiek is er geen vergelijking mogelijk met 2024.

De klimaatrisico’s voor bedrijfsobligaties zijn doorgaans lager dan die voor aandelen. De belangrijkste reden hiervoor is dat obligaties doorgaans een kortere looptijd hebben en er een vastgestelde aflooptijd bestaat. Hiermee blijft het risico met betrekking tot de beleggingshorizon beperkt. Daarnaast hebben obligatiehouders bij faillissement een grotere kans een deel van het ingelegd vermogen terug te krijgen, waarmee een groot deel van de financiële risico’s wordt beperkt.

Ook de potentiële klimaatkansen zijn laag in de bedrijfsobligatie portefeuilles. Klimaatkansen worden gedreven door bedrijven die producten of diensten aanbieden die nodig zijn om hernieuwbare energie op te wekken of energiebesparing te realiseren. Dit valt lager uit voor obligaties vanwege het lagere risico rendement profiel. De risico’s door veranderende marktomstandigheden of strikter klimaatbeleid zullen naar verwachting voor veel bedrijven groter zijn dan de kansen. Ook zijn de fysieke risico’s voor veel bedrijven, met name in opkomende markten, substantieel.

Voor de scenario’s zien we dat de transitierisico’s lager zijn bij hogere temperatuurstijgingen. Dit komt doordat bedrijven minder hebben hoeven doen aan de transitie bij het hogere temperatuurscenario. Daarentegen nemen de fysieke risico’s toe bij de hoogste temperatuurstijgingen, als gevolg van de toegenomen weersomstandigheden. Dit is weer een gevolg van klimaatverandering.

Een beperking van de scenario’s is dat we de volgende activaklassen niet hebben kunnen opnemen: staatsobligaties op staatsobligaties, groene, sociale en duurzame obligaties, hypotheken en contant geld. Daarnaast is de dekking van data over de categorie private debt zeer beperkt.

Methodologie

Het bovenstaande analyse hebben we gebruikt gemaakt van de methodologie die MSCI heeft ontwikkeld om de Climate Value at Risk (CVaR) te berekenen en het financiële verlies te schatten. Zonder de hele gebruikte methodologie te behandelen, worden grofweg twee soorten risico's in aanmerking genomen:

Transitierisico's en klimaatkansen: 

Het transitierisico wordt berekend door rekening te houden met de blootstelling van een bedrijf aan de uitstoot van broeikasgassen en een veronderstelde CO2-prijs. Omdat die CO2-prijs momenteel niet is ingebed in de kostenbasis van het bedrijf, verhoogt dit de kosten voor het bedrijf, wat een verlies aan winstgevendheid tot gevolg heeft. De aannames over de CO2-prijs zijn gekoppeld aan het gekozen klimaatveranderingsscenario. Er wordt aangenomen dat in een 1,5°C-scenario de CO2-prijzen sneller zullen stijgen dan in een 2°C-scenario, waardoor op de korte termijn meer transitierisico's voor bedrijven ontstaan. Met andere woorden: de kosten die met de transitie gepaard gaan (bijvoorbeeld het overstappen op een andere energiebron, het aanpassen van gebouwen, de uitrol van elektrische voertuigen) worden op de korte termijn verondersteld hoger te zijn. Tot het transitierisico behoren ook oplossingen, waarbij gekeken wordt naar groene inkomsten en patenten en ervan wordt uitgegaan dat, voor zover bedrijven deze hebben, deze in de toekomst een steeds groter deel van de omzet van een bedrijf zullen uitmaken, waardoor mogelijk een deel van de negatieve gevolgen van de transitie en fysieke risico’s worden gecompenseerd. Deze zullen waardevoller zijn in snellere transitiescenario’s. 

Fysieke risico's: 

Dit risico kijkt naar de potentiële verliezen die kunnen optreden als gevolg van extremere fysieke risico's voor elk bedrijf in onze portefeuille, met name over de komende vijftien jaar, en is gebaseerd op modellering van de blootstelling aan bedrijfsrisico's. Dit omvat acute fysieke risico’s door extreme weersomstandigheden zoals overstromingen en bosbranden. Vanwege beperkingen in de modellering houdt dit geen rekening met de chronische fysieke risico’s en de economische gevolgen die hogere temperaturen kunnen hebben, bijvoorbeeld een vertraging van de economische groei.

Water en mariene hulpbronnen

Als gevolg van klimaatverandering komen overstromingen, schaarste en droogte met een steeds hogere frequentie voor. Tegelijkertijd zijn veel bedrijven voor hun productieproces afhankelijk van water. Dat maakt water een materieel risico in beleggingsportefeuilles. Hierom is het belangrijk om transparant te zijn over deze waterrisico's, het water gerelateerd risicomanagement te verbeteren en de watervoetafdruk van bedrijfsprocessen en productie te verlagen.

Acties

In het afgelopen jaar hebben we de volgende acties ondernomen op het gebied van water en mariene hulpbronnen.

Impactobligaties
Via impactobligaties investeren wij in voorzieningen voor waterrecycling en de verbetering van afvalwaterbeheer. Zie hiervoor het overzicht in de paragraaf ‘Impactobligaties’.

Uitsluitingen
Ongeacht de materialiteit, moeten  bedrijven de (lokale) wet- en regelgeving op het gebied van water en internationale normen respecteren. Wij monitoren daarom controverses rondom watergebruik wat kan leiden tot uitsluiting.

Doelstellingen

Als gevolg van klimaatverandering en de onttrekking van water door de maatschappij komen schaarste en droogte met een steeds hogere frequentie voor. Wij zetten daarom in op circulaire wateroplossingen en we hebben ons tot doel gesteld in 2030 een water neutrale beleggingsportefeuille te realiseren.

Indicatoren

Watervoetafdruk
Om de voortgang ten opzichte van de waterneutraliteitsdoelstelling te monitoren, wordt het gebruik van schaars water in de portefeuille gemeten. Schaars watergebruik is de absolute waterconsumptie van bedrijfsactiviteiten in sectoren en gebieden met een hoge waterschaarste. De watervoetafdruk wordt daarom slechts berekend voor de beleggingen in bedrijven die actief zijn in gebieden met waterschaarste. Voor staatsobligaties wordt geen watervoetafdruk berekend.

In 2025 hebben we onze waterdata verbeterd door een nieuwe methode van MSCI te gebruiken. Dit geeft betrouwbaardere en stabielere informatie over watergebruik en waterschaarste in de portefeuille. De geschatte waterdataset van MSCI is geïntegreerd, terwijl we waterstress blijven gebruiken als proxy voor waterschaarste door het waterverbruik te vermenigvuldigen met de stresspercentages.

Door verbetering van de methodiek is er geen vergelijking mogelijk met 2024. De doelstelling om geen water te onttrekken in gebieden met waterschaarste wordt daarom vanaf 31 december 2025 herijkt.

Beursgenoteerde aandelen hebben een hoger percentage waterconsumptie in gebieden met waterschaarste en hoger intensiteit van watergebruik dan bedrijfsobligaties. Voor private debt is er geen betrouwbare data beschikbaar over watergebruik.

Schaars watergebruik
Beleggingscategorie Totaal beheerd vermogen in omvang
(miljoen euro)
Deel portefeuille in gebieden met waterschaarste
(%)
Absoluut waterverbruik (duizend liter) Verschil in absoluut waterverbruik t.o.v. 2024
(%)
Intensiteit van waterverbruik
(duizend liter per geïnvesteerde miljoen euro)
Verschil in intensiteit van waterverbruik t.o.v. 2024
(%)
Beursgenoteerde aandelen  € 257.821   11,5%  3.767   N.v.t.  14,7  N.v.t. 
Bedrijfsobligaties  € 140.359   12,1%  2.786   N.v.t.  26,1  N.v.t. 
Private debt  € 26.550   N.v.t.  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t.  N.v.t. 
Totaal  € 424.730   11,7%  6.554   N.v.t.  18,0   N.v.t. 

Impactobligaties

Impactobligaties passen bij de ambitie om zo breed mogelijk bij te dragen aan de financiering van duurzame activiteiten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën van impactobligaties, waarbij er wordt aangesloten bij Internationale standaarden zoals de Green Bond Principles:

  • Groen
  • Sociaal
  • Duurzaam (sustainable & sustainability-linked)

Gemiddeld over 2025 is er ongeveer € 48 miljoen belegd in impactobligaties, een toename van ongeveer € 6 miljoen ten opzichte van 2024. Daarmee is gemiddeld over 2025 14,6% van de vastrentende portefeuille (exclusief hypotheken en private debt) in impactobligaties belegd, vergeleken met 12,8% in 2024.

Overzicht impact obligaties
Beleggingscategorie Type impactobligatie Gemiddeld belegd vermogen in impactobligaties
(duizend euro)
Percentage van vastrentende portefeuille
(%)
Bedrijfsobligaties Groen  32.291  9,8% 
  Sociaal  1.307  0,4% 
  Duurzaam  7.720  2,3% 
Staatsobligaties Groen  1.783  0,5% 
  Sociaal  2.113  0,6% 
  Duurzaam  2.677  0,8% 
Totaal Totaal  47.891  14,6% 

EU-Taxonomie

De EU-Taxonomie is een nieuwe Europese regelgeving die van grote ondernemingen vraagt transparant te zijn over de ecologische duurzaamheid van hun activiteiten en bijbehorende financiële stromen. Dit maakt inzichtelijk welk deel van de economische activiteiten van ondernemingen kan worden aangemerkt als een activiteit die bijdraagt aan de milieudoelstellingen van de EU. 

De Europese Commissie classificeert ecologisch duurzame activiteiten in zogenoemde ‘annexen’. Er zijn zes groepen van activiteiten die volgens de EU ecologisch duurzaam zijn; gerelateerd aan de zes EU-milieudoelstellingen: klimaatmitigatie (concreet: emissiereductie), klimaatadaptatie (concreet: beperking risico’s klimaatverandering), water, circulaire economie, verontreiniging en biodiversiteit. In deze annexen staan ook de criteria waaraan een activiteit moet voldoen voordat we het mogen classificeren als ecologisch duurzaam. De annexen voor klimaatmitigatie en klimaatadaptatie gelden al. De annexen voor de overige vier milieudoelstellingen zijn in ontwikkeling. Alhoewel het voor Klaverblad niet verplicht is, vinden wij het wel belangrijk om volgens de EU-Taxonomie te rapporteren.

Ten opzichte van eind 2022 is het percentage van de beleggingen (gehele portefeuille), dat in lijn is met de eerste twee milieudoelstellingen en op omzet gebaseerd, toegenomen van 3,5% naar 4,8% (streefpercentage is 7% in 2030). De metingen zijn tot nu toe schattingen op basis van de aandelen- en obligatieportefeuilles.

Taxonomy-alignment van beleggingen inclusief staatsobligaties
Taxonomy-alignment van beleggingen exclusief staatsobligaties

De EU hanteert twee stappen in de classificatie van ecologisch duurzame activiteit:

  • Stap 1: Taxonomy-eligible–activiteiten die op een annexlijst voorkomen en in aanmerking komen voor Taxonomy-alignment;
  • Stap 2: Taxonomy-aligned–activiteiten die voldoen aan de criteria, zoals beschreven in de annex en die volgens de EU ecologisch duurzaam zijn.

De criteria om te worden geclassificeerd als Taxonomy-aligned houden in dat een activiteit een belangrijke bijdrage aan een milieudoelstelling levert, terwijl het de andere milieudoelstellingen niet schaadt en voldoet aan specifiek voorgeschreven sociale minimumvereisten op het gebied van mensenrechten.

De twee Taxonomy-alignment grafieken tonen in het groen het percentage investeringen dat is afgestemd op de EU-taxonomie (Taxonomy-alignment). Omdat er geen geschikte methodologie bestaat om de Taxonomy-alignment van staatsobligaties te bepalen, toont de eerste grafiek de Taxonomy-alignment met betrekking tot alle beleggingen, inclusief staatsobligaties. Terwijl de tweede grafiek de Taxonomy-alignment alleen toont met betrekking tot de beleggingen van anders dan staatsobligaties.

In de tabel Taxonomy-alignment milieudoelstellingen zijn de bijdragen aan de zes ecologische doelstellingen zoals omschreven in artikel 9 van de Taxonomieverordening weergegeven. Deze is afgestemd op de EU-taxonomie en omzet gebaseerd.

Taxonomy-alignment milieudoelstellingen Inclusief staatsobligaties Exclusief staatsobligaties
Mitigatie van klimaatverandering 4,75% 6,43%
Adaptatie aan klimaatverandering 0,00% 0,00%
Duurzaam gebruik en de bescherming van water en mariene hulpbronnen 0,00% 0,00%
Transitie naar een circulaire economie 0,17% 0,23%
Preventie en bestrijding van verontreiniging 0,01% 0,01%
Bescherming en het herstel van de biodiversiteit en ecosystemen 0,00% 0,00%
Niet geclassificeerd 0,40% 0,54%
Totaal 5,33% 7,21%

SDG-bijdragen

We investeren in bedrijven die bijdragen aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties, oftewel de Sustainable Development Goals (SDG's). Aan de basis van onze beleggingen ligt een ethisch kader dat bijdraagt aan alle SDG's.

Onderstaande tabel bevat een overzicht van de gefinancierde bijdrage aan de SDG's, uitgedrukt in een percentage van het belegde vermogen dat belegd is in bedrijven die bijdragen aan verschillende SDG's. Dit is een gemiddeld percentage over 2025.

    SDG 1 & 2 SDG 3 SDG 4 SDG 6 SDG 7 SDG 8 SDG 11 SDG 14
Beleggingscategorie Gemiddeld beheerd vermogen in omvang (duizend euro) Geen armoede of honger Goede gezondheid en welzijn Kwaliteits-onderwijs Schoon water en sanitatie Betaalbare en duurzame energie Fatsoenlijke banen en economische groei Duurzame steden en gemeen-schappen Leven in het water
Beursgenoteerde aandelen € 257.821 3,6% 13,6% 0,3% 8,9% 30,6% 8,2% 2,0% 3,8%
Bedrijfsobligaties € 140.359 2,3% 4,9% 0,6% 2,8% 34,0% 22,6% 2,9% 2,9%
Totaal € 398.180 3,1% 10,5% 0,4% 6,8% 31,8% 13,3% 2,3% 3,5%

Financiële prestaties

Financiële prestaties

Klaverblad realiseerde over het boekjaar 2025 een winst van € 36 miljoen. In 2024 was dit een verlies van € 8 miljoen, vanwege een schattingswijziging met een impact van € 27 miljoen. Het nettoresultaat 2025 is vergeleken met het resultaat 2024 zonder schattingswijzing, ook hoger uitgevallen door een verbetering van het technisch resultaat en uitstekende beleggingsresultaten. De aandelenkoersen stegen flink. De hogere rente heeft een negatieve impact op de waarde van de obligaties, maar de waardedaling van de verplichtingen was groter.

Een groot deel van de technische winst in 2025 is te danken aan een goed resultaat op arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Daarnaast presteerden onze schadeverzekeringen stabieler en zijn de doelen voor beheersing van het uitloopresultaat gehaald. Per saldo leverden de schadeverzekeringen ook een winst op. Mede vanwege het uitblijven van grote schades door bijvoorbeeld stormen of overstromingen.

Resultaatoverzicht
(x € 1 miljoen) 2025   2024
Bruto premies 271   253
       
Verdiende premies 278   216
Schaden eigen rekening 164   161
Bedrijfskosten 82   75
Technisch resultaat 32   -20
Toegerekende beleggingsresultaten technisch -12   3
Resultaat technische rekening 20   -17
Beleggingsresultaat niet-technisch 46   27
Andere baten en lasten -17   -21
Resultaat voor belastingen 49   -11
Belastingen 13   -3
Resultaat na belasting 36   -8

Premieontwikkeling (bruto premies)

De bruto premies groeiden in 2025 met 7% tot een bedrag van € 271 miljoen.

Anderhalf jaar geleden brachten we een verbeterde personenautoverzekering op de markt. We zien dat het product goed verkoopt. Naast premiegroei zorgt het voor een gezondere samenstelling van onze autoportefeuille. De brandportefeuille groeide in 2025, maar minder dan we vooraf hadden verwacht. Qua groei  hadden we in 2025 focus op particulieren en (agrarische) ondernemerssegmenten.

In 2025 brachten we een nieuwe arbeidsongeschiktheidsverzekering op de markt. Ondanks dat het product in de markt zeer positief is ontvangen, viel de verkoop tegen. Dit komt door uitdagende marktomstandigheden, gekenmerkt door krimp, stevige concurrentie en onduidelijkheid over de mogelijke invoering van een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen.

In 2025 werden we actief in de volmachtmarkt. Inmiddels hebben we met bijna 20 ambitieuze volmachtkantoren een samenwerking. Naast onze deelnames in pools, richtten we samen met de volmachtkantoren, de Klaverblad-producten technisch in. Hierdoor kunnen we nu eigen producten aanbieden via het volmacht distributiekanaal. De bijdrage aan de groei was in 2025 nog minimaal en kan worden beschouwd als een aanloopjaar. In 2026 verwachten we via dit distributiekanaal volop te kunnen doorgroeien.

Bruto premieontwikkeling

"We zetten in op sterke groei met gezond een rendement voor de gehele verzekeringsportefeuille"

Zoals in het resultaatoverzicht is te zien, wijkt de verdiende premie tussen de twee boekjaren significant af van de geboekte premie. Dit komt doordat de verdiende premie de toekomstige resultaten van de nieuwe productie arbeidsongeschiktheidsverzekeringen bevat. De toekomstige resultaten zijn gevoelig door de schattingen in de technische voorziening en afhankelijkheid van de renteontwikkeling.

In zowel 2024 als in 2025 voerden we een schattingswijziging door in de premievoorziening voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Afhankelijk van de omvang en of dit verhogend of verlagend is op de voorziening, kan dit tot een eenmalige bate of een last leiden. In 2024 leidde het tot een grote eenmalige last. In 2025 is de omvang en impact minder groot.

Schadelast

De combined ratio over 2025 bedraagt 97% en is stabiel gebleven ten opzichte van 2024 (95%). Over de gehele schadeverzekeringsportefeuille is sprake van een gemiddeld lagere schadefrequentie. De gemiddelde schade nam per claim, door inflatie en kostbaardere schades, vooral bij personenauto’s toe.

Marktbreed zien wij de schade- en herstelkosten toenemen als gevolg van stijgende prijzen voor arbeid en materialen, inflatie en hogere schade- en herstelkosten vanwege kostbaardere technologie. Deze prijsstijgingen zijn hoger dan de gemiddelde inflatie voor huishoudens. De schadelastontwikkeling in de brandportefeuille was positief door het uitblijven van grote stormen of overstromingen dit jaar. Wel blijft op de langere termijn de invloed van klimaatschade structureel toenemen. En dit doet zich niet alleen meer voor in de herfst en de winter, maar ook in de zomermaanden.

In 2023 legden wij de basis om dossierreserveringen te gebruiken voor de bepaling van de actuariële voorzieningen en deden we onderzoek naar de schadereserveringen, wat leidde tot een herziening van de letselschades. We zien nu dat die inspanning zich uitbetaalt en dat het uitloopresultaat nu twee jaar achter elkaar een stabiel resultaat geeft en voldoet aan onze interne norm.

Bij de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen wordt het resultaat positief beïnvloed door de stijging van de rente. Een deel van de verplichtingen uit hoofde van deze verzekeringen wordt, op basis van kasstromen, economisch gematcht met een obligatieportefeuille. Verder zien we dat het aantal invalideringen iets aan het afnemen is, maar klanten juist weer minder snel revalideren. In 2025 heeft dit ook geleid tot een last, maar is de omvang en impact minder groot.

Bedrijfskostenontwikkeling

De toename van de provisielast is in lijn met de groei van de premieontwikkeling en onze toetreding in de volmachtmarkt, al is de omvang daarvan nog beperkt. De overige bedrijfskosten zijn, in vergelijking tot een jaar eerder, gestegen. We willen de omvang van de bedrijfskosten structureel verlagen en de bedrijfskostenratio verder verbeteren naar een marktconform niveau.

In 2025 startten we met een project om te komen tot een toekomstbestendige, verzekeringstechnische administratie. De introductie en de migratie realiseren we komend jaar. Tot die tijd accepteren we dat de bedrijfskosten relatief hoog zijn. In de jaren erna moet de kostenratio omlaag door het uitzetten van oude systemen en efficiëntere bedrijfsvoering met het nieuwe verzekeringssysteem. En waar mogelijk de inzet van AI en de aanpassing van de organisatie als gevolg van een gewijzigde distributie- en productverdeling.

Bedrijfskostenontwikkeling

Positieve rendementen op beleggingen

Net als in 2024 was ook 2025 een goed beleggingsjaar, terwijl 2023 een uitzonderlijk goed jaar was. De waarde van de beleggingen steeg dankzij hogere aandelenkoersen, terwijl de waarde van staatsobligaties daalde door de gestegen rente. Per saldo is het beleggingsresultaat € 34 miljoen positief. In 2024 was sprake van een positief beleggingsresultaat van € 30 miljoen. 

2025 was een bewogen beursjaar. Het begon met veel politieke onrust: de president van de VS kondigde stevige importtarieven aan. Dat zorgde in april voor een flinke schok op de beurs: wereldwijde aandelen zakten in korte tijd, maar de koersen herstelden ook weer snel. Wereldwijd sloten de indices voor het derde jaar op rij het jaar positief af.  

Geholpen door renteverlagingen van de Europese Centrale Bank en forse investeringen in infrastructuur- en defensie-uitgaven deden Europese aandelen het verrassend goed en fors beter dan aandelen in andere regio's.

De hoge inflatie van 2023-2024 is geleidelijk weggeëbd, waarbij de inflatie in de Eurozone in 2025 op de inflatiedoelstellingen van 2% uitkomt. Dit zorgt voor een rustiger rentebeleid van de Europese Centrale Bank, waardoor de rente de laatste maanden van 2025 stabiel is gebleven. In Nederland is de inflatie nog boven het Europees gemiddelde.

Ontwikkeling beleggingsresultaten

Rentewijzigingen hebben impact op de waarde van de staatsobligaties, hypotheekfondsen en bedrijfsobligaties. Een deel van de vastrentende beleggingsportefeuille staat tegenover de langlopende verzekeringsverplichtingen, die vanwege de gestegen rente een daling laten zien. 

Doordat Klaverblad aandelen in haar beleggingsportefeuille aanhoudt (strategische mix Klaverblad Schade 25% en de Coöperatie 40%), is het beleggingsresultaat gevoelig voor bewegingen in de aandelenkoersen. Afgelopen drie jaar pakte dit positief uit. Klaverblad belegt uitsluitend in Europese aandelen. Doordat Europese aandelen een duidelijk hoger resultaat behaalden dan de aandelen in andere regio's, heeft deze focus in 2025 positief bijgedragen aan het rendement.

Solvabiliteit

Solvabiliteit

De solvabiliteitsratio van de Groep bedraagt 261% (2024: 265%) en ligt daarmee ruim boven de interne norm van 200%. Het aanwezig vermogen bestaat uitsluitend uit Tier 1-vermogen. De toename van de own funds komt door de toevoeging van het resultaat over 2025.Het vereiste kapitaal (SCR) is sterker toegenomen dan de own funds. De ontwikkeling van de SCR is hierna in de volgende paragrafen toegelicht. 

De solvabiliteitsratio is pas definitief nadat deze is ingediend bij de regelgevende instanties.

Solvabiliteit 2025 2024
Vrij kapitaal 331.988 313.120
Vereist vermogen (SCR) 206.114 189.333
Own Funds 538.102 502.453
     
Solvabiliteit 261% 265%

Vereist eigen vermogen

Het basis vereist vermogen (BSCR) en het vereist vermogen (SCR) worden vastgesteld met de standaardformule van de Solvency II richtlijnen.

SCR Groep 2025 2024
Marktrisico 150.528 123.311
Medisch risico 133.659 141.040
Schaderisico 69.005 70.069
Tegenpartijrisico 3.937 3.836
Diversificatie SCR -109.369 -106.277
Basis SCR (BSCR) 247.760 231.979
Fiscale compensatie -50.423 -50.836
Operationeel risico 8.777 8.191
Vereist vermogen (SCR) 206.114 189.333

SCR naar risicocategorie

Verdeling naar SCR risicocategorie Klaverblad Verzekeringen is als volgt:

Marktrisico

Het marktrisico is sterk gestegen ten opzichte van 2024. Binnen het marktrisico is vooral het aandelenrisico toegenomen. Dit komt door de gestegen aandelenkoersen. Het renterisico is toegenomen door de gestegen marktrente.

SCR Marktrisico 2025 2024
Renterisico 15.431 12.606
Aandelenrisico 126.025 100.365
Vastgoedrisico 11.666 11.157
Spreadrisico 11.189 10.041
Valutarisico 18.180 17.153
Concentratierisico 1.436 -
Diversificatie marktrisico -33.399 -28.011
Marktrisico 150.528 123.311

Verzekeringstechnisch risico

Medische verzekeringen

Het vereiste kapitaal voor medische verzekeringen is gedaald ten opzichte van 2024 door model- en parameteraanpassingen en de stijging van de rente.

SCR Medisch 2025 2024
Langlevenrisico (SLT) 823 917
Invaliditeit (SLT) 51.719 63.626
Royementrisico (SLT) 92.238 91.262
Kostenrisico (SLT) 26.948 28.627
Herzieningrisico (SLT) 20.848 22.183
Catastroferisico 2.338 2.310
Premierisico (NSLT) 6.299 6.257
Royementrisico (NSLT) 89 -
Diversificatie medisch -67.643 -74.142
  133.659 141.040

Schadeverzekeringen

Het vereiste kapitaal voor schadeverzekeringen steeg. Dit komt voornamelijk door de stijging van het premie- en reserverisico. Het premie- en reserverisico nam vooral toe door groei van de verzekeringsportefeuille. Het catastroferisico is gedaald door een nieuw gesloten herverzekeringscontract.

SCR Schade 2025 2024
Premie- en reserverisico 54.402 52.617
Royementrisico 4.226 3.598
Catastroferisico 30.775 34.816
Diversificatie schaderisico -20.398 -20.962
  69.005 70.069

Operationeel risico

De hoogte van het vereiste kapitaal voor het operationeel risico steeg in 2025 iets ten opzichte van een jaar eerder.

Verlies absorberend vermogen belastingen (LAC-DT)

Bij de vaststelling van de solvabiliteit mag rekening gehouden worden met fiscale compensatie (LAC-DT). De vastgestelde LAC-DT bedraagt ultimo 2025 € 50,4 miljoen (2024: € 50,8 miljoen). De onderbouwing van dit bedrag is op basis van de Solvency II balanspositie voor en na schok, de carry back, het verwachte toekomstige resultaat na schok en de mate waarin winsten en verliezen als gevolg van de schok verrekenbaar zijn.

Governance en risicomanagement

Governance en risicomanagement

‘Governance’ is de manier waarop een organisatie wordt bestuurd en beheerst en het toezicht daarop. Wij hechten veel waarde aan een goede governance. Wij hebben onze bedrijfsvoering zo ingericht dat een goede werking van de governance is gewaarborgd. In onze bedrijfsvoering wegen wij de belangen van alle stakeholders, waaronder de belangen van de klanten, evenwichtig af. In dit hoofdstuk laten we zien hoe onze governance en ons risicomanagement zijn vormgegeven.

Juridische structuur Klaverblad

Klaverblad is een verzekeringsgroep met aan het hoofd Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. (hierna ‘de Coöperatie’). Daaronder vallen een verzekeringsmaatschappij Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. en twee besloten vennootschappen: Klaverblad Assurantiën B.V. en Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. 

De juridische structuur ziet er schematisch als volgt uit:

In organisatorisch opzicht is de groep één geheel. De Groep zorgt voor de governance van de hele groep.  Alle medewerkers zijn in dienst van de Coöperatie en leggen uiteindelijk verantwoording af aan de directie. Als een medewerker zich uit hoofde van zijn functie onafhankelijk van de directie moet kunnen opstellen, dan is dat gewaarborgd door middel van charters en reglementen.

Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.

Klaverblad is een Coöperatie. De leden zijn natuurlijke en rechtspersonen die een lopende verzekering hebben bij Klaverblad Verzekeringen.

Op de Coöperatie is het verplichte structuurregime van toepassing. Op grond daarvan heeft zij een directie en een raad van commissarissen. De algemene vergadering van leden (ledenvergadering) benoemt directeuren en commissarissen op basis van een (bindende) voordracht van de raad van commissarissen. Ook stelt zij de jaarrekening vast. De ledenvergadering heeft geen wettelijke taak bij het besturen van de Coöperatie of het toezicht daarop. De ledenvergadering vindt in ieder geval één keer per jaar plaats. Als het nodig is, dan kunnen extra ledenvergaderingen worden gehouden. De ledenvergadering wordt bijeengeroepen door advertenties in twee landelijke dagbladen.

In de statuten van de Coöperatie zijn onder andere de omvang, samenstelling, taken en bevoegdheden van de directie en de raad van commissarissen vastgelegd. Ook staan in de statuten regels over de ledenvergadering. Op voorstel van de directie of van de raad van commissarissen kan de ledenvergadering besluiten de statuten te wijzigen. Hiervoor is een tweederdemeerderheid nodig van de stemmen die worden uitgebracht tijdens de ledenvergadering.

Dochterondernemingen

De Coöperatie is enig aandeelhoudster van de volgende dochterondernemingen:

  • Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. is verantwoordelijk voor de uitvoering van het schadeverzekeringsbedrijf.
  • Klaverblad Assurantiën B.V. bemiddelt in schadeverzekeringen van Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V.
  • Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. exploiteert kantoorgebouwen waaronder het kantorencomplex van Klaverblad Verzekeringen.

De directie en de raad van commissarissen van de Coöperatie zijn ook de directie en de raad van commissarissen van de verzekeringsmaatschappij. Een deel van de directie van de Coöperatie is ook de directie van de besloten vennootschappen.

Stichting

Klaverblad heeft een band met de Klaverblad Rechtsbijstand Stichting. Deze onafhankelijke stichting is verantwoordelijk voor de uitvoering van rechtsbijstand voor verzekerden van Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. De stichting maakt daarbij gebruik van de faciliteiten die de Coöperatie aan haar beschikbaar stelt.

Bestuur, toezicht en verantwoording

Directie

Klaverblad wordt bestuurd door één statutaire directie die eindverantwoordelijk is voor Klaverblad. De statutaire directie bestaat uit vier personen.

De directie bepaalt het dagelijks beleid van Klaverblad. Directieleden worden voor een termijn van vier jaar benoemd door de ledenvergadering op basis van een bindende voordracht van de raad van commissarissen. Herbenoeming is mogelijk steeds voor een termijn van maximaal vier jaar per keer. De betrouwbaarheid van directieleden is getoetst door Klaverblad zelf en door De Nederlandsche Bank. Directieleden beschikken over de kennis,  vaardigheden en het professionele gedrag die volgens regelgeving en maatschappelijke opvattingen noodzakelijk zijn om als bestuurder van een verzekeringsmaatschappij te kunnen functioneren. De directie streeft naar een evenwichtige verdeling tussen mannen en vrouwen. De directie bestaat in de huidige samenstelling uit twee vrouwen en twee mannen en voldoet daarmee aan de wet ‘Evenwichtiger verhouding vrouwen en mannen in het bestuur en de raad van commissarissen’.

Om de juiste samenstelling van de directie en de geschiktheid van de directeuren te waarborgen, maken de raad van commissarissen en de directie bij een vacature gebruik van een vastgelegde procedure, een geschiktheidsmatrix en een profielschets.

Binnen Klaverblad functioneert onder de directie een aantal divisiemanagers. De directie en de divisiemanagers vormen samen het managementteam en overleggen wekelijks. In dit overleg wordt gestreefd naar consensus. Als dit niet bereikt wordt, dan beslist de directie.

Onder het managementteam functioneert een aantal managers en/of teamleiders. Een manager geeft leiding aan een afdeling en zorgt voor de realisatie van beleid voor zover de afdeling daarvoor verantwoordelijk is. De manager levert een bijdrage aan ontwikkelingen binnen het bedrijf en adviseert het managementteam en collega’s over het eigen werkgebied. Een aantal managers sturen één of meerdere teamleiders aan. De teamleiders zijn elk verantwoordelijk voor een team met een eigen, afgebakend takenpakket.

Raad van commissarissen

De raad van commissarissen houdt toezicht op het beleid van de directie en op de algemene gang van zaken binnen Klaverblad en voorziet de directie van advies. De taken en verantwoordelijkheden van de raad zijn vastgelegd in het Reglement raad van commissarissen. Dit reglement is te vinden op de website van Klaverblad.

De raad van commissarissen bestaat uit vier leden en voldoet hiermee aan de wettelijke vereisten. Commissarissen worden voor een periode van vier jaar benoemd door de ledenvergadering op voordracht van de raad. De geschiktheid van de commissarissen wordt vooraf getoetst door Klaverblad zelf en door De Nederlandsche Bank. Een commissaris kan één keer worden herbenoemd voor een termijn van vier jaar. Daarna kan een commissaris één keer worden herbenoemd voor een termijn van twee jaar, die vervolgens  met maximaal twee jaar kan worden verlengd. Herbenoeming na acht jaar moet gemotiveerd worden in het verslag van de raad van commissarissen. Met deze zittingstermijnen sluiten we aan op de geldende Nederlandse Corporate Governance Code 2025.

Om de juiste samenstelling van de raad en de geschiktheid van commissarissen te waarborgen, maakt de raad bij een vacature gebruik van een vastgelegde procedure, een geschiktheidsmatrix, een profielschets en een introductieprogramma voor nieuwe commissarissen. Bij een voorgenomen (her)benoeming beoordeelt De Nederlandsche Bank de geschiktheid van commissarissen. De raad streeft naar een evenwichtige verdeling tussen mannen en vrouwen en bestaat op dit moment uit twee vrouwen en twee mannen.

De raad van commissarissen evalueert jaarlijks zijn functioneren. Eenmaal in de drie jaar vindt deze evaluatie plaats  met externe begeleiding. De raad evalueert daarnaast jaarlijks het functioneren van de directie.

Auditcommissie

De auditcommissie bereidt de besluitvorming van de raad voor en adviseert op het gebied van financiële verslaggeving, de aanbevelingen van de sleutelfuncties (actuarieel, compliance, interne audit en risicomanagement) en de relatie met de externe accountant. De auditcommissie bestaat uit minstens twee leden waaronder de voorzitter. Deze leden zijn ook lid van de raad van commissarissen. De commissie is ingesteld door de raad van commissarissen. De taken en verantwoordelijkheden van de auditcommissie zijn vastgelegd in het Reglement Auditcommissie. Dit reglement is te vinden op de website van Klaverblad.

Remuneratie- en benoemingscommissie

De remuneratie- en benoemingscommissie bereidt besluitvorming van de raad voor en adviseert op het gebied van het beloningsbeleid van Klaverblad, de beloning van de raad van commissarissen en directie, (her)benoemingen, evaluaties van het functioneren van raad van commissarissen en directie en permanente educatie. De remuneratie- en benoemingscommissie bestaat uit minstens twee leden waaronder een voorzitter. Deze leden zijn ook lid van de raad van commissarissen. De commissie is ingesteld door de raad van commissarissen. De taken en verantwoordelijkheden van de remuneratie- en benoemingscommissie zijn vastgelegd in het Reglement Remuneratie- en benoemingscommissie, dat op de website van Klaverblad is gepubliceerd.

Permanente educatie directeuren en commissarissen

Directieleden en commissarissen volgen een permanent educatieprogramma. De directie en de raad van commissarissen stellen zelf de inhoud en het programma van de permanente educatie vast. De voorzitter van de raad van commissarissen ziet toe op de permanente educatie. De educatie kan betrekking hebben op relevante ontwikkelingen binnen Klaverblad, de financiële sector in het algemeen en de verzekeringssector in het bijzonder, op corporate governance in het algemeen en die van de financiële sector in het bijzonder, op de zorgplicht tegenover de leden, integriteit, risicomanagement, informatiebeveiliging en cybersecurity, financiële verslaggeving, beloningsbeleid, ESG en audit.

De educatie bestaat onder meer uit trainingen en/of opleidingen door professionele opleidingsinstituten. Daarnaast worden onderwerpen in eigen beheer behandeld om zo voldoende deskundig te blijven op de verschillende aandachtsgebieden. De directievoorzitter rapporteert jaarlijks aan de raad van commissarissen over het educatieprogramma dat de directieleden gevolgd hebben en zullen volgen. De raad van commissarissen evalueert jaarlijks zijn eigen educatie.

Jaarverslag

In het jaarverslag legt de directie jaarlijks verantwoording af over het beleid dat zij heeft gevoerd, de financiële resultaten en de governance van Klaverblad. Het jaarverslag geeft ook inzicht in de beloning van directieleden en commissarissen en de achterliggende systematiek.

Integere en beheerste bedrijfsvoering

Wij hechten veel waarde aan een aantoonbaar integere en beheerste bedrijfsvoering. Wij vinden het vanzelfsprekend dat we plannen maken, verkeerde prikkels voorkomen, eerlijke producten verkopen, verantwoording afleggen en dat er toezicht is.

Bedrijfscultuur

Een gezonde en integere bedrijfscultuur is een belangrijke voorwaarde voor een goede bedrijfsvoering. Onze bedrijfscultuur kenmerkt zich door een ‘no-nonsense’-mentaliteit. Iedere medewerker heeft een belangrijke rol in de bedrijfsvoering en draagt daarmee bij aan de doelstellingen van Klaverblad. Medewerkers voelen zich verantwoordelijk voor en zijn sterk betrokken bij Klaverblad.

Integriteit vinden wij van groot belang. Centraal staat dat we ons aan de regels houden. Alle medewerkers van Klaverblad hebben de Gedragscode van Klaverblad ondertekend. Hierin staan regels voor en afspraken over eerlijk en goed gedrag. Onderwerpen die hierin onder andere aan de orde komen zijn: omgang met elkaar, ongewenst gedrag, belangenverstrengeling, huisregels, nevenactiviteiten, incidenten en klachten.

De commissarissen, de leden van het managementteam en de medewerkers van Klaverblad hebben een eed of een belofte volgens de ‘Regeling eed of belofte financiële sector’ afgelegd. Hiermee zweren of beloven zij dat zij:

  • hun functie integer en zorgvuldig uitoefenen;
  • een zorgvuldige afweging zullen maken tussen alle belangen die bij de onderneming betrokken zijn en dat zij in die afweging het belang van de klant centraal stellen;
  • zich zullen gedragen naar de wetten, reglementen en gedragscodes die op hen van toepassing zijn.

Beloningsbeleid

Ons beloningsbeleid is beheerst en vermijdt prikkels die mogelijk aanzetten tot het nemen van risico’s en niet integer gedrag richting klanten  en collega’s. We kennen dan ook geen koppeling tussen beoordeling en beloning en ook geen prestatie gedreven variabele beloning. Op de website van Klaverblad staat een samenvatting van het beloningsbeleid.

"Iedere medewerker heeft een belangrijke rol in de bedrijfsvoering en draagt daarmee bij aan de doelstellingen van Klaverblad"

Directeuren

Directeuren ontvangen een vast maandsalaris dat eventueel wordt aangepast conform de cao voor de verzekeringsbedrijfstak. Directeuren nemen deel aan de pensioenregeling die gelijk is aan die van de Klaverblad medewerker en welke is gebaseerd op de basispensioenregeling van de cao voor de bedrijfstak.

Commissarissen

Commissarissen ontvangen een vast bedrag voor hun werkzaamheden en daarnaast een beperkte vergoeding voor onkosten. De bedragen zijn niet geïndexeerd. Hun beloning is op geen enkele manier afhankelijk van de groei of de resultaten van Klaverblad.

Beloningsonderzoek

Periodiek laten wij extern onderzoek doen naar de hoogte van de beloningen van directeuren en commissarissen in relatie tot vergelijkbare bedrijven.

Diversiteit en inclusie

Klaverblad wil, mede vanuit haar maatschappelijke rol, een goede afspiegeling van de samenleving zijn. Om dit te realiseren zijn er verschillende initiatieven om alle doelgroepen binnen Klaverblad te kunnen verwelkomen. Neutrale vacatureteksten, het inzetten van wervingskanalen voor kandidaten met een afstand tot de arbeidsmarkt en selectieassessments dragen  hieraan bij. Daarnaast vinden wij het belangrijk dat iedere medewerker, ongeacht achtergrond, geslacht, leeftijd, cultuur, religie, seksuele geaardheid of andere persoonlijke kenmerken zich welkom voelt en gelijke kansen krijgt.

Duurzaamheid

Duurzaamheid is een groeiend thema en van steeds groter belang voor Klaverblad. Wij streven ernaar om in alle onderdelen van onze bedrijfsvoering, van onze beleggingen tot onze verzekeringen en het kantoorgebouw, te verduurzamen. Wij focussen ons op de thema’s biodiversiteit, klimaat, circulariteit, solidariteit en goed werkgeverschap. Op deze manier willen wij een goede werkgever zijn voor onze medewerkers en een bijdrage leveren aan een positieve balans tussen mens en natuur. Dit betekent dat wij stappen zetten om klimaatneutraal te opereren, een positieve bijdrage te leveren aan de biodiversiteit in Nederland en de bedrijven en klanten om ons heen te stimuleren dit ook te doen.

Risicomanagementsysteem

Klaverblad hanteert bij haar risicobeheersing een integrale aanpak, gebaseerd op het COSO-ERM 2017-model. Er wordt gebruikgemaakt van diverse instrumenten, zoals de Strategische Risicoanalyse (SRA), de Risk en Control Self Assessment (RCSA), de Own Risk and Solvency Assessment (ORSA) en de Systematische Integriteit Risico Analyse (SIRA). Vanuit de integrale aanpak is het Control Framework opgezet. Ons Control Framework is een belangrijke bouwsteen van het interne beheersingsraamwerk. Het doel hiervan is dat Klaverblad risico’s aantoonbaar beheerst. Dit kan ook inhouden dat Klaverblad weloverwogen besluit om bepaalde risico’s te nemen, als dat bijdraagt aan het realiseren van strategische doelstellingen. Het doel van het risicomanagementsysteem is dat er samenhang en balans ontstaat tussen het beheersen van risico’s en het realiseren van doelstellingen.

De afdeling Risicomanagement & Actuarieel evalueert het risicomanagementsysteem periodiek om de effectiviteit te verbeteren. De uitkomsten worden besproken met de directie en de auditcommissie. Daarnaast werken wij continu aan het actueel houden van procesbeschrijvingen (administratieve organisatie - AO) en het verbeteren van de beheersing van deze processen (interne controle - IC). Dit is met name nodig om de risicobeoordeling en risicomitigatie aantoonbaar, juist en volledig uit te kunnen voeren. Hierna lichten we enkele elementen uit de figuur toe.

Risicomanagementsysteem

Intern beheersingsraamwerk

Het interne beheersingsraamwerk betreft het geheel van  processen, eigenaarschap en verantwoordelijkheden binnen onze organisatie en de beheersing daarvan. Ons Control Framework is een belangrijke bouwsteen van dit interne beheersingsraamwerk.

Missie, visie, strategie en filosofie

Onze missie, visie, strategie en filosofie vormen de uitgangspunten voor alles wat we doen en staan centraal bij de inrichting van risicomanagement binnen de organisatie. Klaverblad levert een belangrijke bijdrage aan het goed functioneren van de samenleving. Via onze verzekeringen dragen we eraan bij dat mensen prettig en onbezorgd kunnen leven. Dit doen wij via een consistent en voorspelbaar beleid, gericht op de lange termijn. Als zelfstandige coöperatieve verzekeringsmaatschappij willen wij ons hierbij onderscheiden door een afgewogen combinatie te bieden van een ruime dekking, een reële prijs en een ongewoon goede service. Wij willen op onze eigen wijze onze lange termijn missie, visie en strategie realiseren en zien het zelfstandig voortbestaan als de enige manier om dit zeker te stellen. Om deze zelfstandigheid te waarborgen zijn voldoende groei en rendement noodzakelijk. Ons risicomanagementsysteem ondersteunt het behalen van deze doelstellingen door deze uitgangspunten te integreren in de risicomanagementprocessen.

Risicobereidheid

We zijn ons bewust van onze risico’s en realiseren ons dat het nemen van risico’s inherent is aan ondernemen. Bij besluitvorming wegen wij het rendement af tegen de bijbehorende risico’s. In samenhang met de strategische doelstellingen formuleren we onze risicobereidheid, die wordt vastgelegd in kwalitatieve en kwantitatieve risicobereidheidsstatements. De risicobereidheid en bijbehorende limieten zijn beschreven in de Risicobereidheidsverklaring van Klaverblad (RIB). In alle plannen - strategisch, tactisch, operationeel - vormt deze risicobereidheid het uitgangspunt. De risicorespons op elk niveau is hiervan afgeleid. Maandelijkse rapportages, inclusief KPI’s en KRI’s, ondersteunen het monitoren en rapporteren over risico’s en doelstellingen. Deze wijze van rapporteren en beheersen wordt continu doorontwikkeld.

Bedrijfs- en risicocultuur

De bedrijfscultuur binnen Klaverblad vormt een essentieel onderdeel van een effectieve uitvoering van risicomanagement. Deze cultuur ligt vast in de kernwaarden: fair, ondernemend, vakkundig, oprecht en attent. Wij werken graag eenvoudig en overzichtelijk, met korte lijnen en persoonlijke betrokkenheid en we streven voortdurend naar verbetering. Winst maken is geen primaire drijfveer. Van  medewerkers wordt verwacht dat zij verantwoordelijkheid nemen, ook voor het uitdragen van deze kernwaarden. Klaverblad streeft naar een organisatie waarbij risico-denken een integraal onderdeel vormt van de besluitvorming en operationele uitvoering.

Beleidshuis

Het beleidshuis vormt een samenhangend geheel van beleid, richtlijnen en procedures per functioneel gebied binnen Klaverblad. Het ondersteunt de strategische doelstellingen en zorgt voor een consistente uitvoering van het beleid binnen de organisatie. Beleidsdocumenten worden periodiek geëvalueerd en waar nodig aangepast aan wet- en regelgeving, interne ontwikkelingen en externe omstandigheden. De directie is verantwoordelijk voor vaststelling van het beleid, tenzij expliciet anders is bepaald.

Risicomanagementcyclus

De risicomanagementcyclus maakt integraal onderdeel uit van de strategische besturingscyclus van Klaverblad. De cyclus beschrijft het continu proces van identificeren, analyseren, beoordelen, mitigeren, monitoren en rapporteren van risico’s op strategisch, tactisch en operationeel niveau. De risicomanagementcyclus vormt daarmee de leidraad voor het tijdig herkennen en beheersen van risico’s binnen alle bedrijfsprocessen. Het doel van deze cyclus is om risico’s op een gestructureerde en samenhangende wijze te beheersen en daarmee de haalbaarheid van de strategische doelstellingen te vergroten. De cyclus geeft inzicht in de wijze waarop we vanuit het perspectief van risicomanagement naar onze bedrijfsprocessen kijken en deze aansturen.

De risicomanagementcyclus is een doorlopend proces. De risicomanagementfunctie rapporteert periodiek aan de directie en de raad van commissarissen over alle potentiële materiële risico’s en de effectiviteit van de getroffen beheersmaatregelen. Daarnaast monitort de risicomanagementfunctie de naleving van het risicomanagementbeleid en signaleert zij tijdig relevante ontwikkelingen die aanleiding kunnen geven tot bijsturing.

Risicomanagementprocessen

Binnen Klaverblad maken wij  gebruik  van verschillende risicomanagementprocessen die samen het risicomanagementsysteem vormen. Deze processen omvatten onder meer de Strategische Risico Analyse (SRA), het Voorbereidend Crisisplan (VCP) en de Own Risk & Solvency Assessment (ORSA), aangevuld met processen op operationeel niveau zoals Risk & Control Self Assessments (RCSA), de Systematische Integriteit Risico Analyse (SIRA) en actie- en incidentmanagement. De SRA, ORSA en SIRA worden minimaal jaarlijks uitgevoerd of herijkt. De RCSA wordt zowel periodiek als ad hoc ingezet. terwijl actie- en incidentmanagement een doorlopend proces is.

Risico-organisatie

De risico-organisatie van Klaverblad is ingericht om de gelopen en te lopen risico’s inzichtelijk te maken en om keuzes ten aanzien van risico’s op een transparante en beheersbare wijze te onderbouwen. Daarbij staat een duidelijke rol- en verantwoordelijkheidsverdeling centraal. Klaverblad past hiertoe het ‘Three lines’ model toe, dat is ingericht conform de Solvency II richtlijnen.

De directie is eindverantwoordelijk voor een effectief risicomanagementsysteem. De directie, managers en teamleiders zijn verantwoordelijk voor de dagelijkse bedrijfsvoering, de besluitvorming, de risicobeheersing en de rapportage hierover.

De tweede lijn bestaat uit Risicomanagement-, Actuariële en Compliance functie. Deze functies zijn verantwoordelijk voor het vaststellen en onderhouden van kaders, beleid en richtlijnen voor risicobeheersing en interne controle. Daarnaast ondersteunen en adviseren zij de eerste lijn, faciliteren zij de uitvoering van risicomanagement, monitoren zij de effectiviteit van de beheersmaatregelen en rapporteren zij hierover aan de directie en de raad van commissarissen.

Interne Audit vormt de derde lijn binnen het 'Three lines'-model. Interne audit levert onafhankelijke en objectieve assurance- en adviesdiensten en draagt daarmee bij aan het realiseren van de doelstellingen van Klaverblad. De functie beoordeelt de opzet, het bestaan en de werking van de processen op het gebied van governance, risicomanagement en interne beheersing. Dit gebeurt op basis van een systematische en gedisciplineerde werkwijze, waarbij sprake is van een voortdurende risico-inventarisatie en -evaluatie.

De drie tweedelijns functies en de derdelijns functie worden sleutelfuncties genoemd. Elke sleutelfunctie heeft één sleutelfunctiehouder die primair verantwoordelijk is voor het functioneren van de sleutelfunctie. De sleutelfunctiehouders en hun medewerkers zijn objectief en onafhankelijk van de eerste lijn en van elkaar en staan los van de dagelijkse lijnactiviteiten.

De sleutelfunctiehouders rapporteren periodiek aan de directie en aan de raad van commissarissen. Zij hebben toegang tot alle informatie die noodzakelijk is, of kan zijn, voor een effectieve uitoefening van hun functie. In geval van ernstig en blijvend verschil van mening tussen sleutelfunctiehouders en de directie zijn afzonderlijke escalatielijnen ingericht naar de (leden van de) raad van commissarissen.

De CISO-functie (Chief Information Security Officer) is geen sleutelfunctie maar is zodanig gepositioneerd in de tweedelijn en is daarmee objectief en onafhankelijk van de eerste- en derdelijn en de overige tweedelijns sleutelfuncties.

Risico-organisatie

Extern toezicht

De Nederlandsche Bank (DNB) is belast met het zogenoemde prudentieel toezicht. Dit toezicht betreft de solvabiliteit, liquiditeit en een beheerste en integere bedrijfsvoering van Klaverblad.

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt toezicht op het gedrag van ondernemingen en de informatieverstrekking op de financiële markten. Het toezicht van de AFM op Klaverblad Verzekeringen richt zich met name de informatieverstrekking aan verzekeringnemers, het zakendoen met deskundige en betrouwbare verzekeringsadviseurs en het handelen in effecten.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) is de onafhankelijke toezichthouder in Nederland die de bescherming van persoonsgegevens bevordert en bewaakt. Het toezicht van de AP betreft de naleving door Klaverblad van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).

De externe accountant controleert of de jaarrekeningen van de Coöperatie en haar verzekeringsdochter een getrouw beeld geven van de financiële resultaten en van de omvang en de samenstelling van het vermogen.

Risicotaxonomie Klaverblad Verzekeringen

De risicotaxonomie is de indeling van risico’s aan de hand waarvan wij onze risico’s structureren, analyseren en het risicoprofiel monitoren. De vastgestelde risicobereidheidsstatements zijn gekoppeld aan deze taxonomie. 

De risico’s zijn ingedeeld in de volgende zes risicocategorieën:

  1. Bedrijfsrisico’s
  2. Verzekeringstechnische risico’s
  3. Financiële risico’s
  4. Operationele risico’s
  5. IT-risico’s
  6. Compliance risico’s

Binnen de risicocategorieën is een standaard set aan risico’s gedefinieerd.

Risicomanagement

Ontwikkelingen in 2025

Klaverblad heeft als doel het Control Framework voor integraal risicomanagement verder te ontwikkelen, uit te bouwen, met als ambitie de risicovolwassenheid binnen de organisatie te vergroten. Deze aanpak is gericht op het verbeteren van zowel de kwaliteit van beheersmaatregelen en processen als de aantoonbaarheid daarvan.

In 2025 is gestart met het standaardiseren van de vastlegging en rapportage van het Control Framework en het onderbrengen hiervan in een risicomanagementtool. In datzelfde jaar is dit voor een groot deel van de kritieke processen ingevoerd. De overige processen zullen in 2026 worden toegevoegd.

Strategische risico’s

We hebben strategische doelstellingen geformuleerd. In samenhang hiermee zijn strategische risico’s geïdentificeerd die zich met name op de langere termijn kunnen voordoen en de realisatie van deze doelstellingen kunnen beïnvloeden. De strategische risico’s zijn geplot op de risicotaxonomie.

Aan de strategische risico’s zijn KPI’s en/of KRI’s gekoppeld, die periodiek worden gemonitord, gerapporteerd en besproken met de directie. Jaarlijks wordt de set van strategische risico’s geëvalueerd en waar nodig aangepast.

De grootste strategische risico’s die Klaverblad heeft onderkend zijn:

  • onvoldoende klimaatneutrale operatie (bedrijfsrisico);
  • propositie/productaanbod sluit onvoldoende aan bij wensen klant- en distributiepartner (bedrijfsrisico);
  • groei van de portefeuille (bedrijfsrisico);
  • onvoldoende toekomstbestendige operatie (operationeel risico);
  • onvoldoende technisch fundament en inrichting IT-organisatie (IT-risico);
  • onvoldoende IT-beveiliging (operationeel risico).

Compliance

Compliance ziet toe op de naleving van toepasselijke wet- en regelgeving en op een aantoonbaar beheerste en integere inrichting en werking van de bedrijfsvoering binnen de door de wetgever gestelde kaders. Daarnaast richt compliance zich op het handelen van medewerkers en relaties, die integer dienen te zijn en zich in de uitvoering van hun werkzaamheden verbinden aan de geldende regels, normen en waarden. 

Het aandachtgebied van compliance omvat naast wet- en regelgeving ook de interne normen en waarden van Klaverblad. Deze zijn richtinggevend voor de wijze waarop Klaverblad haar doelstellingen realiseert, sluiten aan bij het imago van en geven invulling aan moreel en sociaal aanvaardbaar gedrag.

Bij een integere organisatie past een zorgvuldige omgang met (verwerking van) persoonsgegevens. Klaverblad schenkt doorlopend aandacht aan passende technische en organisatorische maatregelen om gegevens zo goed mogelijk te beveiligen tegen datalekken. Daarnaast worden relaties gescreend om te voorkomen dat zaken worden gedaan met personen die voorkomen op nationale of internationale sanctielijsten.

Hoewel de Wet ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering (Wwft) niet van toepassing is op Klaverblad, hecht Klaverblad vanuit maatschappelijk oogpunt belang aan het expliciet adresseren van deze risico's om witwassen en terrorismefinanciering te voorkomen. Daarom maken deze thema’s onderdeel uit van de jaarlijkse Systematische Integriteit Risico Analyse (SIRA).

In het kader van een integere dienstverlening heeft Klaverblad een productontwikkeling-, review- en goedkeuringsproces (PARP) ingericht, waarmee wordt geborgd dat producten in het belang van klanten zijn.

In 2025 is aandacht besteed aan de onderwerpen klachtenafhandeling en belangenverstrengeling, aan de implementatie van het volmachtkanaal en de verdere inrichting van een integraal Control Framework in een risicomanagementtool, waarin ook de compliancerisico's zijn opgenomen.

Voor 2026 ligt de focus op het beoordelen en aantoonbare naleving van de relevante wet- en regelgeving voor onze samenwerkings- en uitbestedingspartners en de naleving van de AVG-normen. Daarnaast wordt gewerkt aan het ontwikkelen van kaders voor het gebruik van artificiële intelligentie (AI), als verdere invulling van een integere en beheerste bedrijfsvoering.

Informatiebeveiliging

Klaverblad Verzekeringen houdt zich primair bezig met het verzekeren van risico’s van consumenten, zelfstandigen, agrariërs en ondernemers in het midden- en kleinbedrijf. Informatie is één van de belangrijkste bedrijfsmiddelen van Klaverblad en binnen onze bedrijfsprocessen wordt veel essentiële en vertrouwelijke informatie verwerkt.

Door de toenemende wereldwijde cyberdreigingen, de voortdurende wedloop tussen cybercriminaliteit en cybersecurity, de snelle ontwikkeling van AI en de hiermee samenhangende stijging van IT  en cyberrisico’s, heeft de beveiliging van informatie een hoge prioriteit. Aan de continuïteit, data integriteit en bescherming van informatie worden hoge eisen gesteld. Deze eisen sluiten aan bij de structuur en principes van ISO 27001, voldoen aan de relevante wettelijke kaders en omvatten onder meer de AVG, de AI Act en de DORA vereisten.

Klaverblad hanteert een governance-model volgens het ‘three lines’-model principe. De eerste lijn bestaat onder meer uit securityspecialisten, securitymanagers en (security)architecten. In de tweede lijn is de CISO functie gepositioneerd. De kaderstellende, monitorende, risicomanagement  en rapportagetaken van de CISO worden onafhankelijk uitgevoerd, in afstemming met de securityfunctie in de eerste lijn en de overige tweedelijns sleutelfuncties (Compliance, Risicomanagement en Actuarieel). De CISO rapporteert periodiek aan de directie, die eindverantwoordelijk is voor informatiebeveiliging, en aan de Raad van Commissarissen.

Het normenkader voor informatiebeveiliging bestaat uit het Klaverblad Beleid Informatiebeveiliging en onderliggende kaders, waarin de vereisten vanuit DORA integraal zijn opgenomen. Dit wordt gemonitord middels het daaraan gekoppelde control framework.

In de afgelopen jaren is Klaverblad voor haar IT organisatie overgestapt naar een regiemodel. Naast interne kwaliteits-, beheer- en regiefuncties is een deel van het IT beheer overgedragen aan externe IT serviceproviders of gemigreerd naar clouddiensten (SaaS). Een belangrijke beveiligingsmaatregel vormt de externe SIEM/SOC dienst, die 24/7 de IT systemen van Klaverblad monitort en waar nodig direct tijdelijke of structurele maatregelen kan treffen.

Ter versterking van de cyberweerbaarheid zijn business continuity plannen opgesteld en worden periodiek (maandelijks en jaarlijks) hersteltesten uitgevoerd. De uitkomsten hiervan worden geëvalueerd en waar nodig verwerkt in verbetermaatregelen.

"Ook in 2026 zullen we waar mogelijk aanhaken bij de strategische thema's, met de nadruk op het versterken van een slagvaardige bedrijfsvoering"

Interne audit

Interne audit beoordeelt de opzet en effectieve werking van het risicomanagementsysteem.

In 2025 is het auditjaarplan grotendeels gerealiseerd. Dit risicogebaseerde auditplan omvatte onderzoeken gericht op onze operationele bedrijfsvoering, governance en strategische projecten. De focus lag onder meer op informatiebeveiliging, waaronder DORA-regelgeving, op procesuitvoering en op nieuwe initiatieven zoals het volmacht kanaal. Door de koppeling met strategische projecten en het actief bespreken van bevindingen heeft interne audit de organisatie in beweging gebracht. 

Ook in 2026 zullen we waar mogelijk aanhaken bij de strategische thema's, met de nadruk op het versterken van een slagvaardige bedrijfsvoering. Naast reguliere procesaudits zullen meer ketenoverstijgende thema's op de agenda staan. Zo maakt organisatiecultuur van de divisie IT & Change onderdeel uit van de auditplanning. Evenals datagovernance en datakwaliteit, mede in het licht van de verdere ontwikkeling naar een meer datagedreven organisatie.

Risicobeheersing

Risicobeheersing

Verzekeringsrisico algemeen

Het sluiten van verzekeringen is onze kernactiviteit. Een verzekering die binnen onze acceptatienormen valt, levert geen onaanvaardbaar risico op. Toch kunnen zich binnen onze verzekeringsactiviteiten risico's voordoen die ongewenst of zelfs onaanvaardbaar zijn.

Het verzekeringsrisico is inherent aan het verzekeringsbedrijf. Het belangrijkste risico is dat de schadefrequentie en de omvang van de schades per geval ongunstig afwijken van de verwachtingen. Wij zijn actief in standaard schadeverzekeringen en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en richten ons op verzekeringen voor particulieren en ondernemers in het midden- en kleinbedrijf. Ziektekostenverzekeringen zijn geen onderdeel van onze portefeuille.

De risico’s bepalen wij met behulp van het standaardmodel van Solvency II.

Acceptatie

Bij het afsluiten van schadeverzekeringen bestaat het risico dat verzekeringen worden geaccepteerd op basis van onvoldoende of onjuist toegepaste acceptatieregels. Wij beperken dit risico door duidelijke acceptatieregels vast te stellen en deze consequent toe te passen. De acceptatieregels voor schadeverzekeringen en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen zijn in de loop der jaren ontwikkeld en verder verfijnd.

Veranderend risicoprofiel

Tijdens de looptijd van de verzekeringen kan het risicoprofiel van de portefeuille veranderen, waardoor dit niet langer aansluit op de gehanteerde premies. Onze schadeverzekeringen zijn jaarlijks opzegbaar en premies en voorwaarden kunnen tussentijds worden aangepast. Voor vrijwel alle arbeidsongeschiktheidsverzekeringen geldt dat premies en voorwaarden jaarlijks kunnen worden herzien.

Herverzekering

Wij hebben het catastroferisico herverzekerd op basis van analyses van de verwachte schade bij een catastrofale gebeurtenis, zoals storm of overstroming (casco). Daarnaast hebben wij een excess-of-losscontracten afgesloten voor motorrijtuigenaansprakelijkheid, reisverzekeringen en brandrisico’s. Het eigen behoud is afhankelijk van de soort en omvang van het risico. Jaarlijks beoordelen wij of de herverzekeringscontracten nog passend zijn.

Verzekeringstechnisch risico

Op de arbeidsongeschiktheids- en schadeverzekeringen lopen wij verschillende verzekeringstechnische risico’s waaronder: invaliditeitrisico, royementrisico, kostenrisico, herzieningsrisico, premie- en reserverisico en catastroferisico. Hieronder lichten wij deze risico’s en de beheersmaatregelen toe.

Risico’s arbeidsongeschiktheidsverzekeringen

Invaliditeitrisico

Dit is het risico dat meer verzekerden arbeidsongeschikt raken en minder verzekerden herstellen dan verwacht. In ons acceptatiebeleid stellen we gezondheidsvragen aan nieuwe polishouders, zodat wij een goed beeld krijgen van de beroeps- en gezondheidsrisico’s. 

Voor verzekerden die arbeidsongeschikt raken, is een snelle re-integratie belangrijk. Wij begeleiden hen daarbij actief en volgen de ontwikkelingen in de portefeuille nauwgezet. Waar nodig sturen wij bij.

Royementrisico

Wij lopen het risico dat het aantal royementen hoger is dan ingeschat. Jaarlijks wordt onderzoek gedaan naar het geobserveerde, onnatuurlijke verval binnen onze portefeuille. De uitkomsten van het onderzoek gebruiken we om de aannames rondom onnatuurlijk verval bij te stellen.

Kostenrisico

Wij lopen een kostenrisico wanneer de bedrijfskosten hoger uitvallen dan verondersteld bij de vaststelling van de verzekeringstechnische voorziening. Wij streven naar een structurele verlaging van de kostenratio. Daarbij sturen we op budgetten en identificeren wij besparingsmogelijkheden. Deze ambities zijn vastgelegd in het bedrijfsplan. Eenmaal per jaar toetsen we de gehanteerde kostenassumpties aan de gerealiseerde kosten en stellen deze zo nodig bij.

Herzieningsrisico

Dit risico gaat over de onzekerheid rond toekomstige uitkeringen. Deze uitkeringen kunnen hoger uitvallen door veranderingen in inflatie, wet- en regelgeving of door een verslechtering van de gezondheid van de verzekerde. Dit risico speelt vooral bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en in mindere mate bij de premievoorziening, waarin ook toekomstige uitkeringen zijn meegenomen. Wij beperken het risico van wijzigingen in wet- en regelgeving door gebruik te maken van een en-bloc-bepaling. Daarnaast zetten wij actief in op re-integratie, met als doel herstel te bevorderen en verzekerden te begeleiden naar passend werk.

Risico’s schadeverzekeringen

Premie- en reserverisico

Het premierisico is het risico dat de schadelast voor de lopende contracten hoger uitvalt dan verwacht. Het reserverisico betreft het risico dat de schadefrequentie en de omvang van de schades ongunstig afwijken.  

Wij beheersen deze risico's door de frequentie en omvang van schades te analyseren op basis van historische gegevens uit de portefeuille. Jaarlijks toetsen en actualiseren wij de gehanteerde parameters. Daarnaast kunnen wij de voorwaarden aanpassen.

Catastroferisico

Dit is het risico op schade van uitzonderlijke omvang als gevolg van een catastrofale gebeurtenis. De schadeportefeuille is vrijwel volledig gelegen in Nederland en kent een goede geografische spreiding. Binnen de branches brand en motorrijtuigen kan sprake zijn van concentraties van verzekeringsrisico's waarbij het stormrisico een belangrijke rol speelt. Voor deze risico's is een herverzekering afgesloten.

Operationeel risico

Operationeel risico betreft het risico op verstoringen in onze bedrijfsvoering als gevolg van menselijk handelen, tekortschietende processen, systemen, externe partijen of externe gebeurtenissen. Dit risico wordt beheerst door een samenhangend stelsel van interne regels, procedures, controles en uitwijkvoorzieningen.

Marktrisico

Als institutionele belegger lopen wij risico’s die samenhangen met de ontwikkelingen op de financiële markten. Ons beleggingsbeleid is gericht op een goede aansluiting tussen onze verplichtingen en de beleggingsportefeuille. Daarbij hebben wij er bewust voor gekozen het aantal beleggingscategorieën te beperken en geen gebruik te maken van afgeleide financiële instrumenten en gestructureerde producten.

Aandelen- en vastgoedrisico

Onder dit risico verstaan wij het risico dat de waarde van aandelen en onroerende zaken daalt door veranderende marktomstandigheden. Wij beperken dit risico door spreiding binnen de beleggingsportefeuille.

Renterisico

Het renterisico is het risico dat het eigen vermogen verandert als gevolg van schommelingen in de marktrente. Dit wordt veroorzaakt door waardeveranderingen van rentegevoelige balansposten, zoals vastrentende beleggingen en technische voorzieningen. Wij beheersen dit risico door de looptijd van de beleggingen zoveel mogelijk af te stemmen op de looptijd van de verplichtingen.

Concentratierisico

Het concentratierisico is het risico dat ontstaat wanneer een groot deel van het belegd vermogen is geconcentreerd bij één partij, sector of categorie. Onze beleggingsportefeuille bestaat hoofdzakelijk uit Europese aandelen en staatsobligaties en een in euro genoteerd bedrijfsobligatiefonds met een solide kredietwaardigheid.

De externe vermogensbeheerder handelt binnen het door ons vastgestelde mandaat, dat wij periodiek monitoren. In onderstaande tabel is de concentratie van de beleggingsportefeuille per land en instrument weergegeven.

Concentratie aandelen 2025 2024
Nederland 9% 10%
Andere EURO-landen 59% 55%
Overige 32% 35%
  100% 100%
Concentratie staatsobligaties 2025 2024
Nederland 24% 20%
Andere EURO-landen 76% 80%
  100% 100%
Concentratie bedrijfsobligatiefonds 2025 2024
Nederland 16% 17%
Andere EURO-landen 46% 46%
Overige 38% 37%
  100% 100%

Valutarisico

Het valutarisico is het risico dat de waarde van beleggingen verandert door wisselkoersschommelingen. Een deel van de effectenportefeuille bestaat uit aandelen van Europese ondernemingen die zijn genoteerd in vreemde valuta, met een totale waarde van € 84,3 miljoen. Alle overige beleggingen hebben geen direct valutarisico.

Tegenpartijrisico

Het tegenpartijrisico is het risico dat de tegenpartij haar financiële verplichtingen niet nakomt. Dit risico heeft vooral betrekking op hypotheekfondsen, overige leningen en vorderingen op herverzekeraars, en in beperkte mate op vorderingen op verzekeringsadviseurs en verzekeringnemers.

Het tegenpartijrisico op de hypotheekportefeuille is afgedekt met hypothecaire zekerheden op courante Nederlandse onroerende zaken, waarvan de waarde significant hoger is dan de verstrekte leningen. Voor overige leningen geldt een garantstelling van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Het risico op herverzekeraars beheersen wij door spreiding in het herverzekeringscontract en door een jaarlijkse beoordeling en selectie van de herverzekeringsmaatschappijen.

Liquiditeitsrisico

Het liquiditeitsrisico is het risico dat wij niet tijdig aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. Wij beheersen dit risico door het nauwlettend volgen van kasstromen, het aanhouden van een passende liquiditeitsbuffer en het opstellen van korte- en langetermijn liquiditeitsplanningen. Daarnaast hebben wij hoogwaardige obligaties en aandelen die snel liquide kunnen worden gemaakt.

Kapitaalmanagement

Het kapitaalmanagement richt zich op het sturen, beheersen en monitoren van de solvabiliteit. Wij streven ernaar te allen tijde te voldoen aan de geldende kapitaaleisen. Wij willen beschikken over een solide kapitaalbasis die onze organisatiebrede strategie ondersteunt.

Voor ons is het kapitaalmanagement een kernactiviteit om zekerheid te bieden aan verzekerden, medewerkers, toezichthouders en leveranciers. Deze ambitie vertaalt zich voor de twee entiteiten. 

Binnen de scope van dit beleid gelden de volgende doelstellingen:

  • De Coöperatie waarborgt de continuïteit van de Groep en vult zo nodig kapitaaltekorten van Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. aan en financiert nieuwe activiteiten.
  • Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. opereert als zelfstandige en onderneming en streeft naar een financieel gezonde bedrijfsvoering. Zij houdt voldoende kapitaal aan om, nu en in de toekomst, aan haar verplichtingen te kunnen voldoen, rekening houdend met realistische scenario’s en mogelijke ongunstige ontwikkelingen.

De Coöperatie streeft ernaar voortdurend over voldoende kapitaal te beschikken. Er vinden geen dividenduitkeringen of andere vormen van kapitaaluitstroom plaats. De mogelijkheden om extern kapitaal aan te trekken zijn beperkt. Kapitaalveranderingen ontstaan daarom door waardeveranderingen van de onderliggende deelnemingen en opbrengsten uit de eigen beleggingsportefeuille.

Het kapitaalbeleid en het risicomanagementbeleid van Klaverblad hangen nauw samen. Kapitaal is de buffer voor het opvangen van financiële risico’s.

Wij gebruiken de SCR-ratio op basis van de standaardformule van Solvency II om de toereikendheid van het kapitaal te beoordelen en waar nodig bij te sturen. Zowel het beschikbare als vereiste kapitaal beweegt mee met de risico’s in de beleggingsportefeuille en de samenstelling en omvang van verzekeringsverplichtingen.

Om mogelijke schokken en volatiliteit op te vangen, hanteren wij een interventieschema met bijbehorende beheersmaatregelen. De monitoring, rapportage en eventuele bijsturing van de solvabiliteit zijn geïntegreerd in de reguliere bedrijfsvoering. Afhankelijk van het niveau van de (verwachte) solvabiliteit nemen wij passende maatregelen. De beheersingsmaatregelen zijn toegelicht onder het hoofdstuk risicobeheersing. De solvabiliteitslimieten voor de Groep en Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. zijn hieronder weergegeven.

Bericht van de Raad van Commissarissen

Bericht van de Raad van Commissarissen

De raad van commissarissen van Klaverblad Verzekeringen heeft het genoegen u het jaar­­verslag over 2025 aan te bieden.

Algemeen

De bevindingen van de externe accountant, de daaruit voortvloeiende managementbrief en het accountantsverslag zijn door de raad van commissarissen besproken met de externe accountant en de directie. De raad nam kennis van het verslag van de directie over het boekjaar 2025. De raad adviseert de algemene ledenvergadering van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. om de jaarrekening over 2025 ongewijzigd vast te stellen. De raad adviseert de algemene ledenvergadering om aan de directeuren decharge te verlenen voor het door hen in 2025 gevoerde bestuur en aan de commissarissen voor het door hen in 2025 uitgeoefende toezicht.

Klaverblad in 2025

Begin 2025 heeft de raad besloten de statutaire directie uit te breiden met een Operationeel directeur om de organisatie slagvaardiger te maken en beter aan te sluiten op de groei en ambities van Klaverblad Verzekeringen. Per 1 september is Linn Musters gestart als Operationeel directeur. De ervaring die Linn meebrengt op het gebied van transformatie en digitalisering sluiten goed aan bij de ambities van Klaverblad.

In 2025 bereikte Klaverblad een historische mijlpaal: op 1 november bestond Klaverblad 175 jaar. Al 175 jaar doet Klaverblad waar ze goed in is: mensen helpen als het echt nodig is. Op verschillende momenten, met verzekeringsadviseurs en met medewerkers, is stil gestaan bij dit bijzondere moment.

Belangrijke aandachtspunten voor de raad dit jaar waren de groei, het versterken van het rendement, de voorbereidingen voor de overgang naar een nieuw administratiesysteem, de ontwikkelingen in het volmacht kanaal en de strategie 2030.  

De gerealiseerde groei bleef achter bij de verwachtingen. Dit kwam onder andere door beperkte mogelijkheden om productaanpassingen door te voeren en een hoger royement dan verwacht. Het rendement is in 2025 sterk verbeterd. Een structureel lagere schadefrequentie bij brandverzekeringen en relatief minder schade door weersinvloeden hebben tot deze verbetering geleid.

Er is het hele jaar hard gewerkt om over te kunnen gaan naar een nieuw administratiesysteem. Het nieuwe systeem is nodig om de werkprocessen efficiënter en meer geautomatiseerd te kunnen laten verlopen zodat onze slagkracht en snelheid vergroot worden. Het daarvoor benodigde IT landschap was diverse malen onderwerp van discussie. De overgang naar het nieuwe systeem heeft enige vertraging opgelopen en zal in 2026 in gebruik worden genomen.  

Het volmacht kanaal ontwikkelt zich positief. Er zijn in 2025 19 volmachten aangesteld en de nieuwe productie in het volmachtkanaal is op gang gekomen.  De raad volgde de prestaties, compliance en samenwerking met volmacht partners nauwgezet, gezien het strategische belang van dit kanaal.

In het kader van de langetermijnvisie heeft de directie gewerkt aan de verdere uitwerking en concretisering van de strategie 2030, met focus op duurzame groei, digitalisering, klantgerichtheid en toekomstbestendigheid van Klaverblad.

In 2025 heeft Klaverblad grote stappen gezet in de interne beheersing. Processen zijn op orde gebracht in lijn met de vereisten van de DORA-wetgeving en de richtlijnen van de DNB Good Practice Informatiebeveiliging.

Ondanks de aanzienlijke inspanningen die de verschillende projecten vergen, is de kwaliteit van de dienstverlening op een hoog niveau gebleven. Dit komt tot uiting in een hoge Net Promotor Score (NPS) en een grote tevredenheid onder de verzekeringsadviseurs met wie we samenwerken.

De raad is content dat met de vernieuwing van de directie de voortgang van de op de lange termijn gerichte ontwikkelingen en werkzaamheden binnen Klaverblad een verdere versnelling en verscherping mogelijk maken. De raad benadrukt hierbij het belang van accurate en tijdige executie van alle plannen. De raad is onder de indruk van het feit dat de Klaverbladmedewerkers gedurende dit intensieve jaar de dienstverlening naar de klanten op het hoge niveau hebben vastgehouden.

De raad kijkt tevreden terug naar de positieve financiële ontwikkelingen in 2025. Klaverblad heeft het boekjaar afgesloten met een winst van € 36 miljoen. Deze is vooral behaald door gestegen aandelenkoersen, maar ook de resultaten op AOV en schadeverzekeringen hebben bijgedragen tot de winst. De solvabiliteitspositie voldoet ruim aan de externe en interne eisen. De kosten zijn binnen de begroting gebleven.

Klaverblad is in een belangrijke fase van haar ontwikkeling naar een toekomstbestendige verzekeraar. Er worden grote stappen gemaakt in de beheersing van de bedrijfsvoering en de hervorming van het IT-landschap. Ook de ontwikkelingen in het volmacht kanaal dragen bij aan de toekomstbestendigheid.

"Klaverblad is in een belangrijke fase van haar ontwikkeling naar een toekomstbestendige verzekeraar"

De raad van commissarissen

A.P. Mijer-Nienhuis
J.M. Niessen
H.J. Dikkers
scherm
R. van Es

Samenstelling raad van commissarissen

De raad van commissarissen bestond in 2025 uit:

  • drs. A.P. Mijer-Nienhuis AAG RBA
  • drs. J.M. Niessen
  • drs. H.J. Dikkers
  • drs. R. van Es MSc (vanaf 10 april 2025)

Door de transitie van de interim CEO naar de nieuwe CEO in 2024 is een vacature in de raad langer open blijven staan. In 2025 is de vacature ingevuld en is de heer Van Es tijdens de jaarvergadering in april 2025 door de Algemene ledenvergadering benoemd tot commissaris voor een periode van vier jaar. De raad onderschrijft het belang van diversiteit in de directie en de raad van commissarissen, waaronder een - zo mogelijk - evenwichtige verdeling tussen mannen en vrouwen binnen deze organen. Met de komst van de heer Van Es bestaat de raad uit twee vrouwen en twee mannen en voldoet daarmee ruim aan de wet ‘Evenwichtige verhouding vrouwen en mannen in het bestuur en de raad van commissarissen’. 

Vergaderingen

Gedurende het verslagjaar waren er vier reguliere vergaderingen van de raad van commissarissen, waarbij telkens een deel van de vergadering buiten aanwezigheid van de directie plaatsvond. In dit deel werden de onderwerpen van de vergaderingen voor besproken en werd gesproken over onder andere de gang van zaken, de organisatie van Klaverblad, de invulling van de Operationeel directeur, het eigen functioneren en het functioneren van de directie. Na afloop van elke vergadering heeft de raad kort nabesproken hoe de vergaderingen waren verlopen.

Tijdens de reguliere vergaderingen is veelvuldig en constructief gesproken over strategische hoofdlijnen. De raad is gedurende het jaar door de directie geïnformeerd over de uitwerking van de strategie 2030. Andere onderwerpen die aan de orde zijn gekomen zijn kostenbeheersing, de achterstand in de groeidoelstellingen, de ontwikkelingen in het volmachtkanaal en het versterken van de interne beheersing en Informatiebeveiliging (DORA). Verder is een aantal keer stil gestaan bij de benodigde veranderingen in de bedrijfscultuur, het leiderschapsprogramma en de noodzakelijke veranderingen in het IT-landschap. Ook kwamen de gebruikelijke onderwerpen aan de orde zoals marktontwikkelingen, de brancheresultaten en bedrijfslasten, ontwikkelingen op het gebied van HR, de ORSA, het kapitaalbeleid, het bedrijfsplan, de ontwikkelingen rondom AOV en de FMA. Verder sprak de raad, zowel in als buiten aanwezigheid van de directie, met de externe accountant over zijn rapportage en met de sleutelfunctiehouders.

In april 2025 vond de jaarvergadering plaats, in aanwezigheid van de externe accountant. Hierbij kwamen het accountantsverslag, de jaarverslagen van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. en Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. en het actuarieel jaarrapport aan de orde. Aansluitend aan de jaarvergadering vond de Algemene ledenvergadering plaats. Hierin werden de jaarstukken door de algemene ledenvergadering vastgesteld.

Naast de reguliere vergaderingen en de jaarvergadering vonden er ook twee strategiesessies plaats met de raad van commissarissen en de directie. De strategiesessie in juli stond volledig in het teken van een toelichting door de directie op de strategie voor 2026-2030. De verkregen input van de raad heeft de directie gebruikt om de strategie verder aan te scherpen. Tijdens de strategiesessie in december heeft de directie de uitwerking aan de raad gepresenteerd en is het Bedrijfsplan goedgekeurd.

In verschillende vergaderingen zijn ook onderwerpen besproken die in relatie met toezichthouders aan de orde zijn. Zo is er aandacht besteed aan het programma OPIT in het kader van interne beheersing, AOV in combinatie met de FMA en de vernieuwing van de verzekeringsadministratie.

Naast de formele overleggen zijn er regelmatig individuele (en informele) contacten tussen commissarissen en directeuren over de ontwikkelingen binnen en buiten de organisatie. In ieder geval heeft de voorzitter van de raad regelmatig individueel overleg gehad met de voorzitter van de directie.

Aanwezigheid commissarissen bij vergaderingen
  Raad van
commissarissen
Auditcommissie Remuneratie-
commissie
A.P. Mijer-Nienhuis 7/7 4/4 2/2
J.M. Niessen 7/7 3/4 2/2
H.J. Dikkers 7/7 4/4 -
R. van Es 7/7 4/4 -

Auditcommissie

De auditcommissie bereidt eventuele besluitvorming van de raad voor en adviseert de raad van commissarissen over de financiële verslaggeving door Klaverblad, risicomanagement, compliance, actuarieel, audit en informatiebeveiliging. De auditcommissie bestond in 2025 uit de voltallige raad van commissarissen. In 2025 vonden er vier vergaderingen van de auditcommissie plaats. Bij de vergaderingen waren ook de directie, sleutelfunctiehouders (actuarieel/risk, compliance en interne audit), CISO en externe accountant aanwezig. Tijdens de vergaderingen is gesproken over de financiële cijfers, risicomanagement, de rapportages van de sleutelfuncties Compliance, Risicomanagement, Actuarieel en Interne audit en van Informatiebeveiliging.

In verband met de wettelijke roulatieplicht van externe accountants na tien jaar heeft in 2025 een zorgvuldig selectietraject plaatsgevonden, welke heeft geleid tot de selectie van een nieuw accountantskantoor die vanaf verslagjaar 2026 de wettelijke controle van Klaverblad zal uitvoeren. De nieuwe accountant, PricewaterhouseCoopers LLP, is door de Algemene vergadering op 11 september 2025 benoemd.

De voorzitter van de auditcommissie heeft op regelmatige basis individueel contact gehad met de directeur Financiën en risicomanagement en de manager Interne audit over de (financiële) ontwikkelingen in het bedrijf.

Remuneratie- en benoemingscommissie

De remuneratie- en benoemingscommissie bereidt eventuele besluitvorming van de raad voor en adviseert de raad over het beloningsbeleid, selectie en benoeming van directeuren en commissarissen. Daarnaast evalueren zij het functioneren van de directie en de raad.

In 2025 vergaderde de remuneratie- en benoemingscommissie twee keer. Tijdens de vergaderingen is gesproken over het beloningsbeleid, de zelfevaluatie van de raad van commissarissen, de benoeming van de Operationeel directeur, het functioneren van de directie en het PE-programma. Ook heeft de commissie gesprekken gevoerd met de directieleden in het kader van het jaarlijkse evaluatieproces. De remuneratiecommissie bestond in 2025 uit mevrouw Niessen (voorzitter) en mevrouw Mijer-Nienhuis.

Zelfevaluatie

Conform het reglement van de raad van commissarissen vindt de zelfevaluatie één keer in de drie jaar plaats onder externe begeleiding. Dit is in 2025 gebeurd. De commissarissen en directieleden hebben middels een vragenlijst en interviews input gegeven voor de zelfevaluatie. De commissarissen hebben in december een bijeenkomst gehad onder begeleiding van een extern bureau over het eigen functioneren alsmede de samenwerking met de directie. Na de interne bespreking van de raad heeft de raad een terugkoppeling gegeven aan de directie.  

Permanente educatie

De raad van commissarissen volgt een programma van permanente educatie dat jaarlijks opnieuw wordt vastgesteld. In 2025 volgden een aantal commissarissen hiervoor module(s) van het PE-programma Deskundigheidsbevordering van Nyenrode. Daarnaast vonden er intern kennissessies plaats. 

Overleg met de ondernemingsraad

Mevrouw Niessen woonde in 2025 twee artikel 24 vergaderingen bij. Tijdens deze vergaderingen is stilgestaan bij belangrijke thema’s voor de ondernemingsraad, zoals de vernieuwing van het admini­stratiesysteem, de cultuur en de financiële ontwikkelingen van Klaverblad.

Tot slot

De raad bedankt alle medewerkers en de directie voor hun grote inzet in 2025. Naast alle grote projecten die draaien werkt iedereen hard aan onze missie om mensen te helpen en aan het realiseren van onze doelen die cruciaal zijn voor onze financiële gezondheid en zelfstandigheid op de lange termijn. De raad is trots op de hoge dienstverlening die Klaverblad blijft bieden en wenst de medewerkers en de directie veel succes in 2026.

Zoetermeer, 10 april 2026

Namens de raad van commissarissen
A.P. Mijer-Nienhuis, voorzitter

Geconsolideerde jaarrekening 2025

Geconsolideerde balans

Geconsolideerde balans

Na resultaatbestemming

Activa

(Bedragen in duizenden euro’s)

  31-12-2025   31-12-2024
           
Immateriële vaste activa (1)          
Software   3.708     1.695
           
Beleggingen (2)          
Terreinen en gebouwen          
-        voor eigen gebruik 5.795     6.473  
-        overige terreinen en gebouwen 40.867     38.156  
Overige financiële beleggingen          
-        aandelen en participaties in beleggingsfondsen 520.246     481.714  
-        obligaties 215.223     213.929  
-        vorderingen uit hypothecaire leningen 591     829  
-        vorderingen uit andere leningen 11.884     13.725  
    794.606     754.826
           
Vorderingen (3)          
Vorderingen uit directe verzekering          
-        verzekeringnemers 2.747     1.434  
-        verzekeringsadviseurs 3.820     3.835  
Overige vorderingen 7.635     5.762  
    14.202     11.031
           
Overige activa (4)          
Materiële vaste activa 3.955     1.305  
Liquide middelen 15.499     12.322  
    19.454     13.627
           
           
           
Totaal activa   831.970     781.179

Passiva

(Bedragen in duizenden euro’s)

    31-12-2025   31-12-2024
             
Groepsvermogen (5)            
Wettelijke reserve   3.708     1.695  
Herwaarderingsreserve   9.781     8.383  
Overige reserves   519.853     487.278  
      533.342     497.356
             
Technische voorzieningen (6)            
Voor niet-verdiende premies en lopende risico’s     -143.214     -130.050
             
             
Voor te betalen schaden/uitkeringen            
-        bruto   365.420     354.659  
-        herverzekeringsdeel   3.822     3.932  
      361.598     350.727
      218.384     220.677
Overige voorzieningen (7)            
-        voor belastingen   46.975     34.417  
-        voor vitaliteitsverlofregeling   235     233  
-        voor regeling vervroegde uittreding (RVU)   220     302  
      47.430     34.952
             
Schulden (8)            
Schulden uit directe verzekering   17.837     16.081  
Schulden uit herverzekering   952     848  
Overige schulden   14.025     11.265  
      32.814     28.194
             
             
Totaal passiva     831.970     781.179

Geconsolideerde resultatenrekening

Technische rekening schadeverzekering

(Bedragen in duizenden euro’s)
  2025   2024
           
Verdiende premies eigen rekening (9.1)          
Brutopremies 270.507     253.336  
Uitgaande herverzekeringspremies 6.063     5.669  
  264.444     247.667  
Wijzigingen technische voorzieningen niet-verdiende premies en lopende risico’s 13.164     -31.443  
    277.608     216.224
           
           
Toegerekende opbrengst uit beleggingen (9.2 en 14)   -12.097     3.309
           
Schaden eigen rekening          
Schaden          
-        bruto (9.3) 153.496     146.562  
-        aandeel herverzekeraars (9.4) 407     16  
  153.089     146.546  
           
Wijziging voorziening voor te betalen schaden          
-        bruto (9.5) 10.761     15.777  
-        aandeel herverzekeraars (9.6) -110     943  
    163.960     161.380
           
Bedrijfskosten (9.7 en 10)   82.051     75.119
           
Resultaat technische rekening schadeverzekering   19.500     -16.966

Niet-technische rekening

(Bedragen in duizenden euro’s)

      2025   2024
           
Resultaat technische rekening schadeverzekering     19.500   -16.966
           
Opbrengst uit beleggingen (11)     21.004   20.348
           
Niet-gerealiseerde winst op beleggingen (12)     34.439   15.987
      74.943   19.369
           
Beleggingslasten (13)     1.160   1.077
           
Niet-gerealiseerd verlies op beleggingen (12)     20.151   5.191
           
Toegerekende opbrengst uit beleggingen overgeboekt naar technische rekening schadeverzekering (14)     -12.097   3.309
           
Andere baten (15)     5.000   -
           
Andere lasten (16)     22.185   20.972
           
Resultaat voor belastingen     48.544   -11.180
           
Belastingen (17)     12.558   -2.866
           
Resultaat na belastingen     35.986   -8.314

Geconsolideerd kasstroomoverzicht

(Bedragen in duizenden euro’s)

    2025     2024
           
Kasstroom uit operationele activiteiten          
           
Resultaat na belastingen   35.986     -8.314
-          afschrijving materiële vaste activa 456     205  
-          amortisatie en aangroei obligaties -823     -580  
-          niet-gerealiseerde resultaten op beleggingen -13.797     -10.316  
    -14.164     -10.691
    21.822     -19.005
           
Mutatie technische voorzieningen -2.293     46.277  
Mutatie voorziening voor belastingen 12.558     -7.293  
Mutatie overige voorzieningen -80     -185  
Mutatie voorzieningen   10.185     38.799
           
Toename vorderingen -3.171     -3.673  
Toename lopende rente -184     -41  
Mutatie schulden 4.620     -548  
Mutatie werkkapitaal   1.265     -4.262
           
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten   33.272     15.532
           
Kasstroom uit investerings- en beleggingsactiviteiten          
Investeringen in immateriële en materiële vaste activa -5.119     -2.988  
Aankopen in beleggingen -265.029     -153.017  
Desinvesteringen in immateriële en materiële vaste activa -     2.078  
Aflossingen en verkopen in beleggingen 240.053     137.179  
Totaal kasstroom uit investerings- en beleggingsactiviteiten   -30.095     -16.748
           
           
Mutatie liquide middelen   3.177     -1.216
           
           
Liquide middelen          
Stand per 31 december 15.499     12.322  
Stand per 1 januari 12.322     13.538  
Mutatie liquide middelen   3.177     -1.216

Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening

Algemene toelichting

Algemeen

Deze jaarrekening is op 10 april 2026 vastgesteld door de algemene vergadering en door de directie vervolgens vrijgegeven voor publicatie.

De in de jaarrekening genoemde bedragen luiden in duizenden euro’s, tenzij anders vermeld. Bij een aantal posten in de balans en resultatenrekening staat een genummerde verwijzing naar de overeenkomstig genummerde toelichtingen elders in de jaarrekening. De in de teksten opgenomen bedragen luiden in afgeronde hele euro’s.

Grondslagen voor de consolidatie

In de consolidatie zijn betrokken de jaarrekeningen van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. (KvK-nummer 27016035) als houdstermaatschappij en haar 100% deelnemingen te weten:

  • Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. (KvK-nummer 27026608)          
  • Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. (KvK-nummer 27257708)
  • Klaverblad Assurantiën B.V. (KvK-nummer 27257951)

Alle ondernemingen zijn gevestigd aan de Afrikaweg 2, 2713 AW Zoetermeer.

De financiële gegevens van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening zodat, gebruikmakend van artikel 2:402 BW, is volstaan met een verkorte winst- en verliesrekening in de enkelvoudige jaarrekening. De financiële gegevens van de groepsmaatschappijen zijn volledig in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen onder eliminatie van de onderlinge verhoudingen en transacties.

Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening

De jaarrekening is opgesteld volgens de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW.

Continuïteitsbeginsel

De jaarrekening is opgesteld in de veronderstelling dat de continuïteit van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. gewaarborgd is en Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. haar bedrijf in de afzienbare toekomst zal voortzetten.

Toelichting op het geconsolideerde kasstroomoverzicht

Het geconsolideerde kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen kasstromen uit operationele activiteiten en kasstromen uit investerings- en beleggingsactiviteiten. Ontvangen dividend, rente en huren zijn opgenomen onder kasstroom uit operationele activiteiten.

Kasstromen luidend in vreemde valuta worden omgerekend naar de functionele valuta door middel van de valutakoers op de dag dat de kasstroom plaatsvindt.

Gebruik van schattingen en veronderstellingen

Voor de opstelling van de jaarrekening is het nodig dat Klaverblad oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in de toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. De belangrijkste schattingen hebben betrekking op:

  •  waardering van verplichtingen in verband met verzekeringscontracten;
  •  schattingen bij de opname van de overige voorzieningen;
  • actuele waarde van minder liquide en niet-beursgenoteerde beleggingen.  

Belangrijkste schattingen en veronderstellingen zijn toegelicht in het hoofdstuk grondslagen voor waardering van activa en passiva bij de betreffende post.

Schattingswijziging

Klaverblad heeft in 2025 verschillende modelverbeteringen doorgevoerd in de actuariële bepaling van het vereist kapitaal voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en daarvan afgeleid de risicomarge, welke onderdeel is van de technische voorziening. Ook zijn verbeteringen doorgevoerd in de methodiek voor de bepaling van invaliderings- en vervalkansen welke worden gehanteerd in de bepaling van de best schatting van de voorziening. Het effect van deze aanpassingen bedraagt € 3,8 miljoen hogere technische voorziening voor niet-verdiende premie en lopende risico’s en een € 2,8 miljoen lager nettoresultaat en eigen vermogen. Het effect van de aanpassing voor toekomstige jaren is niet in te schatten.

Grondslagen voor waardering balansposten en resultaatbepaling

Algemeen

De waardering van de activa en passiva geschiedt, voor zover niet afzonderlijk toegelicht, tegen actuele waarde. Waar dit afwijkt, zal dit specifiek worden toegelicht. In de balans en winst- en verliesrekening zijn referenties opgenomen waarmee wordt verwezen naar de toelichting. Ook de in dit hoofdstuk tussen haakjes vermelde nummers verwijzen naar de corresponderende onderdelen in de toelichting.

Vreemde valuta

Omrekening van activa in vreemde valuta vindt plaats tegen de koersen per balansdatum. Valutakoersverschillen worden verantwoord in de resultatenrekening. Overige valutakoersverschillen komen in de resultatenrekening tot uitdrukking door transacties te verwerken tegen de koers op transactiedatum.

Saldering van activa en passiva

Financiële activa en verplichtingen worden in de balans gesaldeerd indien Klaverblad Verzekeringen een wettelijk afdwingbaar recht daartoe heeft en tevens de intentie heeft om vordering en verplichting op een netto basis of na verrekening op hetzelfde moment af te wikkelen.

Immateriële vaste activa (1)

Software

Uitgaven in verband met de ontwikkeling van software die intern wordt gebruikt en toekomstige economische voordelen genereert worden opgenomen als immateriële vaste activa en afgeschreven over de geschatte gebruiksduur.

Onder de software is opgenomen de personeelskosten voor ontwikkelen en implementatie van een nieuwe verzekeringsadministratie. De immateriële activa wordt gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Afschrijving van software wordt op lineaire basis berekend, afhankelijk van de geschatte gebruiksduur, vanaf de datum waarop ze in gebruik zijn genomen. De geschatte gebruiksduur voor software is tien jaar. Met restwaarde is geen rekening gehouden.

Beleggingen (2)

Terreinen en gebouwen (2.1)

De terreinen en gebouwen zijn gewaardeerd tegen actuele waarde. De landerijen zijn gewaardeerd op de getaxeerde verkoopwaarde bij onderhandse verkoop in verpachte staat. De gebouwen voor eigen gebruik en de overige gebouwen zijn gewaardeerd op de getaxeerde onderhandse verkoopwaarde onder voortzetting van de lopende huurovereenkomst. Investeringen en verbouwingen worden geactiveerd.

Als gebouwen deels voor eigen gebruik en deels als belegging worden aangehouden, dan vindt splitsing van de waarde plaats op basis van de verhouding van het werkelijke gebruik ten opzichte van de totaal verhuurbare vloeroppervlakte.

De waarde van de onroerende zaken wordt bepaald door kapitalisatie van de huurwaarde. De huurwaarden worden bepaald door vergelijking van aanbod en/of gerealiseerde transacties met soortgelijke objecten, onder meer rekening houdend met marktomstandigheden, economische omstandigheden, locatie en kwaliteit van het object. Hierbij is rekening gehouden met leegstand, verhuurkosten, kosten van instandhouding, aanpassing of renovatie, overdrachtsbelasting en notariskosten.

Gerealiseerde en niet-gerealiseerde waardeverschillen komen volledig ten gunste of ten laste van het resultaat van het boekjaar. De gerealiseerde waardeverschillen worden bepaald door de verkoopopbrengst te verminderen met de marktwaarde bij aanvang van het boekjaar.

Aandelen en participaties in beleggingsfondsen (2.2.1)

De aandelen zijn gewaardeerd op marktwaarde. Voor aandelen is de marktwaarde gebaseerd op de beurswaarde per balansdatum.

Het bedrijfsobligatiefonds wordt gewaardeerd op marktwaarde. De marktwaarde van het fonds geschiedt op de Net Asset Value. Dit is een optelsom van de beurswaarde van alle beleggingen in de beleggingsportfolio van het beleggingsfonds.

De waardering van het hypotheekfonds geschiedt op marktwaarde, welke wordt bepaald op basis van de Net Asset Value. De waarde van de hypotheken in het fonds wordt bepaald door de toekomstige contractuele kasstromen contant te maken, waarbij rekening wordt gehouden met vervroegde aflossingen. In de waardering wordt apart betrokken de waarde van de offerte, de boetevrije aflossing en de verhuisoptionaliteit.

Het mkb-leningenfonds wordt bij eerste waardering verantwoord tegen aankoopwaarde. Bij de vervolgwaardering wordt het gewaardeerd tegen reële waarde. Voor dit fonds is de reële waarde de intrinsieke waarde die blijkt uit de gecontroleerde fondsjaarrekeningen.

Overige beleggingsfondsen waarin wordt deelgenomen bestaan uit venture capital. De reële waarde hiervan wordt bepaald op basis van waarderingstechnieken waarbij gebruik gemaakt wordt van objectieve actuele marktdata.

Gerealiseerde en niet-gerealiseerde waardeverschillen (inclusief resultaten op vreemde valuta) komen volledig ten gunste of ten laste van het resultaat van het boekjaar. De gerealiseerde waardeverschillen worden bepaald door de verkoopopbrengst te verminderen met de marktwaarde bij aanvang van het boekjaar.

Obligaties (2.2.2)

De obligaties zijn gewaardeerd op marktwaarde inclusief eventueel lopende interest. Voor obligaties is de marktwaarde gebaseerd op de beurswaarde per balansdatum. De in het verslagjaar gerealiseerde en ongerealiseerde resultaten zijn in de resultatenrekening verwerkt.

Vorderingen uit hypothecaire leningen (2.2.3)

Vorderingen uit hypothecaire leningen worden gewaardeerd tegen actuele waarde. De actuele waarde wordt vastgesteld door te ontvangen rente en aflossingen contant te maken tegen de actuele rentevoet en rekening te houden met een kans op vervroegde aflossing. De in het verslagjaar gerealiseerde en ongerealiseerde resultaten zijn in de resultatenrekening verwerkt.

Vorderingen uit andere leningen (2.2.4)

Vorderingen uit andere leningen worden gewaardeerd tegen actuele waarde. De actuele waarde wordt vastgesteld door te ontvangen rente en aflossingen contant te maken tegen de actuele rentevoet en rekening te houden met een kans op vervroegde aflossing. De marktwaarde van onderhandse leningen is gebaseerd op discontering van kasstromen tegen een overheidsgerelateerde rentecurve. De in het verslagjaar gerealiseerde en ongerealiseerde resultaten zijn in de resultatenrekening verwerkt.

Vorderingen (3)

De vorderingen worden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, waar nodig onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid. De inschatting voor oninbaarheid wordt bepaald op basis van de ingeschatte kredietwaardigheid per individuele vordering.

Overige activa (4)

Materiële vaste activa (4.1)

Onder de materiële vaste activa zijn opgenomen de aanschaffingen van informatie verwerkende apparatuur, kantoormachines, -inventaris en -interieur en telecommunicatieapparatuur. De waardering geschiedt tegen aanschaffingskosten onder aftrek van afschrijving. De afschrijving geschiedt lineair in vijf jaar. Met restwaarde is geen rekening gehouden.

Liquide middelen (4.2)

De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Groepsvermogen (5)

Wettelijke reserve

Voor het nog niet afgeschreven deel van de ontwikkelde software wordt een wettelijke reserve gevormd ten laste van de overige reserves.

Herwaarderingsreserve

Voor ongerealiseerde positieve waardeveranderingen van op marktwaarde gewaardeerde niet-beursgenoteerde beleggingen, waarvan de ongerealiseerde resultaten in de winst- en verliesrekening worden verwerkt wordt een herwaarderingsreserve gevormd. De herwaarderingsreserve wordt gevormd uit de overige reserves. In dat geval worden balans en winst- en verliesrekening volledig opgesteld op basis van actuele waarden.

Voor een nadere toelichting op het groepsvermogen wordt verwezen naar het eigen vermogen in de enkelvoudige balans van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.

Technische voorzieningen (6)

Algemeen

De technische voorzieningen zijn gewaardeerd op basis van een contante waardemethode in lijn met de onder Solvency II gehanteerde principes. De voorziening wordt berekend door de verwachte toekomstige baten en lasten contant te maken op basis van een rentetermijnstructuur met toepassing van de UFR en volatiliteitsaanpassing (Solvency II curve - UFR (3,30%)). De toekomstige baten en lasten worden bepaald naar de aard van de technische voorziening en is hierna per technische voorziening beschreven. De discontering vindt alleen plaats voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.

De risicomarge zorgt ervoor dat de waarde van de technische voorziening gelijk is aan de marktwaarde. De risicomarge is berekend volgens methode 1 van de Richtsnoer 62 zoals vastgelegd in Richtsnoeren voor de waardering van technische voorzieningen. De risicomarge wordt op totaalniveau vastgesteld en vervolgens gealloceerd naar de verschillende homogene risicogroepen.

Bij de berekening van de risicomarge wordt rekening gehouden met de verzekeringstechnische schokscenario’s zoals deze onder de Solvency II regelgeving worden onderkend. Deze schokscenario’s resulteren in risicokapitalen die vervolgens worden geprojecteerd met behulp van risicodrijvers. Voor deze toekomstige risicokapitalen worden de kapitaalkosten bepaald met een kapitaalkostenpercentage van 6% (CoC). Om te komen tot de waarde van de risicomarge worden deze daarna contant gemaakt tegen de rentetermijnstructuur (Solvency II curve) met toepassing van de ultimate forward rate (UFR) zonder volatiliteitsaanpassing.

Voor niet-verdiende premies en lopende risico’s (6.1)

Schadeverzekeringen

De voorziening voor niet-verdiende premies en lopende risico’s voor schadeverzekeringen heeft een kortlopend karakter en betreft de in het boekjaar in rekening gebrachte premies inzake risico’s die op het daarop volgende boekjaar betrekking hebben. De beste schatting per branche wordt berekend door het niet-verdiende deel van de premie te vermenigvuldigen met de schaderatio plus de verwachte te ontvangen premies verminderd met de verwachte kosten.

Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen

De voorziening voor niet-verdiende premies en lopende risico’s voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen heeft een overwegend langlopend karakter en is de beste schatting van de waarde van de uitgaande en inkomende kasstromen van het polisbestand. Deze kasstromen worden geschat op basis van actuele parameters en contractgrensindelingen en worden contant gemaakt met de rentetermijnstructuur met toepassing van UFR en volatiliteitsaanpassing. De gebruikte parameters betreffen de in- en revalideringskansen (hierna invaliditeitskansen), de sterftekansen, kosten en vervalkansen. 

De invaliditeits- en de vervalkansen zijn gebaseerd op de waarnemingen in de AOV-portefeuille. Voor de schatting van de invaliditeitskansen wordt daarnaast gebruik gemaakt van de ervaringscijfers uit studies van de verzekeringsbedrijfstak. Klaverblad Verzekeringen hanteert hiervoor de kansen van het kansenstelsel AOV2009. Voor de kosten wordt gebruikt gemaakt van het kostenniveau uit de (meerjaren)begroting. Voor de sterftekansen is gebruik gemaakt van op basis van ervaringscijfers gecorrigeerde AG 2024 sterftekansen, met uitzondering van de eerste drie ziektejaren omdat deze impliciet al meegenomen worden in de revaliderings- en vervalkans.

Voor te betalen schaden/uitkeringen (6.2)

Schadeverzekeringen

De voorziening voor de te betalen schaden is vastgesteld voor de per balansdatum gemelde maar nog niet afgewikkelde schaden. Tevens is rekening gehouden met de reeds plaatsgevonden maar nog niet aangemelde schaden. De kasstroomprognoses voor de berekening van de voorziening voor te betalen schaden omvatten uitkeringen en kosten die met deze gebeurtenissen samenhangen.

De beste schatting voor te betalen schaden gebeurt deels door hantering van gemiddelde bedragen per schade en is deels post voor post bepaald. De schadevoorzieningen worden vastgesteld op basis van feiten die op het moment van vaststelling bekend zijn. De schadevoorzieningen worden voortdurend bijgesteld als onderdeel van een continu proces, op basis van feitelijk schadeverloop, afgewikkelde claims en nieuw gemelde schaden. Door middel van de staartfactor wordt een weging toegepast voor grote schades uit voorgaande jaren.

Voor de beste schatting van de te verwachten kosten voor behandeling van schaden wordt gebruik gemaakt van het verwachte kostenniveau volgens de (meerjaren)begroting (2024: idem). De voorziening voor lopende schadegevallen met een lange uitloop is bepaald met behulp van uitloopdriehoeken. Voor lopende schadegevallen met een korte uitloop is de voorziening berekend als een percentage van de schadevoorziening.

Voor toekomstige bedrijfskosten wordt uitgegaan van de verwachte bedrijfskosten volgens de (meerjaren)begroting (2024: idem). De toerekening van de bedrijfskosten naar schadejaren geschiedt op basis van het verwachte aantal schadehandelingen per schadejaar, waarbij per schadejaar een wegingsfactor is toegekend.

Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen

De beste schatting voor te betalen uitkeringen van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen bevat de waarde van de kasstromen van schades op basis van actuele parameters en contractgrenzen tot eindleeftijd. Deze kasstromen worden geschat op basis van actuele parameters en worden contant gemaakt met de rentetermijnstructuur met toepassing van UFR en volatiliteitsaanpassing. De belangrijkste parameters betreffen de revalideringskansen, de sterftekansen en kosten. Nadere duiding van de parameters is eerder benoemd onder voorziening voor niet-verdiende premie en lopende risico’s.

Aandeel herverzekeraar in technische voorzieningen

De technische voorzieningen herverzekering voor schaden is een beste schatting aan de hand van normen die worden afgeleid van de herverzekeringscontracten die voor de betreffende branches gelden.

Overige voorzieningen (7)

Voorziening voor vitaliteitsverlofregeling (7.2)

Volgens de cao voor de verzekeringsbranche heeft elke werknemer die zeven jaar of langer in dienst is onder bepaalde voorwaarden recht op twee maanden vitaliteitsverlof. Gedurende deze twee maanden ontvangt de werknemer respectievelijk 70% en 40% van zijn brutosalaris inclusief sociale premies. Klaverblad heeft een voorziening opgenomen waarbij rekening is gehouden met de kans dat werknemers gebruik maken van de regeling. De voorziening betreft de nominale waarde van de in de toekomst uit te keren bedragen. Het percentage van de werknemers dat gebruik maakt van de regeling is ingeschat op 12,5%.

Voorziening regeling vervroegde uittreding (RVU) (7.3)

Werknemers mogen drie jaar voor hun AOW-gerechtigde leeftijd onder voorwaarden, op grond van een tijdelijke aanpassing in de Wet op de loonbelasting, met ingang van 1 januari 2021 eerder stoppen met werken, zonder dat dit fiscaal als een RVU belast wordt. De regeling is een uitvloeisel van het pensioenakkoord van 2019. Klaverblad heeft een voorziening opgenomen waarbij rekening is gehouden met de voorwaarden om gebruik te mogen maken van de regeling en de kans dat werknemers gebruik maken van de regeling. De voorziening betreft de nominale waarde van de in de toekomst uit te keren bedragen. Het percentage van de werknemers dat gebruik maakt van de regeling is ingeschat op 33% op basis van huidige ervaringscijfers.

Schulden (8)

De schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Vennootschapsbelasting (3, 7, 16)

De over het boekjaar verschuldigde of terug te vorderen vennootschapsbelasting is gebaseerd op de belastbare winst over het boekjaar, na eventuele correcties voor voorgaande jaren.

Latente belastingvorderingen en -verplichtingen zijn opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waardering van de activa en passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en in deze jaarrekeningen gevolgde waarderingsgrondslagen anderzijds. De berekening van de latente belastingvorderingen en -verplichtingen geschiedt tegen de op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven of tegen de in komende jaren geldende tarieven, voor zover reeds bij wet vastgesteld.

Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waartegen de tijdelijke verschillen kunnen worden afgezet. De latente belastingvorderingen en -verplichtingen worden gesaldeerd wanneer een wettelijk afdwingbaar recht tot verrekening van directe belastingvorderingen met directe belastingschulden bestaat en de latente belastingposten betrekking hebben op dezelfde fiscale autoriteit.

Grondslagen voor bepaling van het resultaat

Algemeen

Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de in rekening gebrachte premies en overige baten en de betaalde schaden en uitkeringen en andere lasten over het jaar, rekening houdend met lopende herverzekeringsovereenkomsten. De opbrengsten en kosten worden toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Verliezen worden verantwoord zodra zij voorzienbaar zijn.

Verdiende premies eigen rekening (9.1)

Brutopremies

Het bruto premie-inkomen bestaat uit de premies die door de polishouders zijn verschuldigd aan Klaverblad Verzekeringen voor afgesloten verzekeringscontracten onder aftrek van verleende kortingen.

Herverzekeringspremies

De herverzekeringspremies omvatten de premies van herverzekeringscontracten. Deze worden naar evenredigheid van de looptijd van het contract als last opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Wijziging technische voorzieningen niet-verdiende premies en lopende risico’s

De premie voor schadeverzekeringen wordt als opbrengst opgenomen gedurende de looptijd van het contract naar evenredigheid van de verstreken verzekeringstermijn rekening houdend met de schadejaarratio. De wijziging in de technische voorzieningen voor niet-verdiende premies en lopende risico’s wordt tevens onder het premie-inkomen verantwoord.

Schaden eigen rekening (9.3, 9.4, 9.5, 9.6)

De schaden eigen rekening betreft de in het boekjaar gemelde en uitgekeerde schade. Voor de wijziging van de technische voorziening verwijzen wij naar de grondslagen voor waardering van balansposten en resultaatbepaling.

Toegerekend resultaat op beleggingen (11, 12, 13, 14)

Onder opbrengsten uit beleggingen worden begrepen:

  • huuropbrengsten uit beleggingen in terreinen en gebouwen;
  • interest op beleggingen in vastrentende waarden;
  • dividenden uit beleggingen in aandelen;
  • amortisatie van agio/disagio op vastrentende beleggingen;
  • gerealiseerde resultaten bij verkoop van beleggingen.

Resultaten behaald bij de verkoop van terreinen en gebouwen, aandelen en vastrentende waarden worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord.

Het resultaat uit beleggingen wordt gealloceerd aan de technische voorzieningen en aan het eigen vermogen. Het deel dat is gealloceerd aan het eigen vermogen wordt toegerekend aan de niet-technische rekening. De allocatie van het beleggingsresultaat aan de niet-technische rekening vindt plaats via directe toerekening vanuit de tegenover het eigen vermogen aangehouden beleggingsportefeuille. De beleggingsresultaten worden toegerekend aan de technische en niet-technische rekening naar rato van de omvang van de technische voorzieningen en het eigen vermogen en naar de aard van de belegging.

Bedrijfskosten (10)

De bedrijfskosten betreffen kosten van personeel, diensten van derden, automatisering, marketing, huisvesting, acquisitie en dergelijke. De kosten zijn toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Door middel van de Activity Based Costing-methodiek zijn bedrijfskosten toegerekend aan de technische rekening. De sleutels voor verdeling van de bedrijfskosten zijn in het boekjaar geactualiseerd en passen bij de bijbehorende activiteiten.

De kosten voor het behandelen van claims en uitkeringen zijn gepresenteerd onder de schaden eigen rekening. De bedrijfskosten van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. en Klaverblad Assurantiën B.V. zijn niet in de technische rekening opgenomen maar zijn onder de ‘andere lasten’ in de geconsolideerde winst- en verliesrekening verantwoord.

Beleggingslasten (12)

De beleggingslasten omvatten lasten met betrekking tot vermogensadvies, beleggingsadministratie alsmede gerealiseerd verlies uit beleggingstransacties. De beleggingslasten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.

Andere baten en lasten (15, 16)

De andere baten en lasten bestaan uit de bedrijfskosten van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. en Klaverblad Assurantiën B.V., incidentele opbrengsten of kosten die niet aan het technisch resultaat zijn toegewezen en waardevermindering van het immaterieel vast actief. 

Toelichting op de geconsolideerde balans

1. Immateriële vaste activa

Onder de immateriële vaste activa zijn opgenomen de investeringen voor het ontwikkelen en implementatie van een verzekeringsadministratie (software). Het immaterieel vast actief is nog niet in gebruik genomen. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname.
Het verloop is als volgt: 2025 2024
Aanschaffingswaarde per 1 januari 1.695 2.076
Investeringen 2.013 1.695
Waardevermindering  -  2.076
Aanschaffingswaarde per 31 december 3.708 1.695
De activering van het immaterieel vast actief omvat ontwikkeling van software behorend bij het toekomstige verzekeringsadministratiesysteem.

2. Beleggingen

2.1. Terreinen en gebouwen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik 5.795 6.473
Overige terreinen en gebouwen    
-        gebouwen 22.155 21.202
-        landerijen 18.712 16.954
  46.662 44.629
Alle terreinen en gebouwen zijn getaxeerd door externe taxateurs per 31 december 2025. De aanschaffingswaarde van de terreinen en gebouwen per einde boekjaar bedraagt € 74.827.000 (2024: € 74.203.000).
Het verloop van de terreinen en gebouwen gedurende het boekjaar is als volgt:
  Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik Overige terreinen en gebouwen  
2025 Gebouwen Landerijen Totaal
Stand per 1 januari 2025 6.473 21.202 16.954 44.629
Bestemmingswijziging -  -  -  - 
Investeringen 276 348 -  624
Herwaarderingen -954 605 1.758 1.409
Stand per 31 december 2025 5.795 22.155 18.712 46.662
  Terreinen en gebouwen voor eigen gebruik Overige terreinen en gebouwen  
2024 Gebouwen Landerijen Totaal
Stand per 1 januari 2024 8.777 20.518 15.430 44.725
Bestemmingswijziging -2.702 2.702 -  - 
Investeringen 41 72 -  113
Herwaarderingen 357 -2.090 1.524 -209
Stand per 31 december 2024 6.473 21.202 16.954 44.629

2.2. Overige financiële beleggingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Aandelen en participaties in beleggingsfondsen 520.246 481.714
Obligaties 215.223 213.929
Vorderingen uit hypothecaire leningen 591 829
Vorderingen uit andere leningen 11.884 13.725
  747.944 710.197

2.2.1. Aandelen en participaties in beleggingsfondsen

Het verloop van de aandelen en participaties in beleggingsfondsen gedurende het boekjaar is als volgt:
2025 Aandelen Bedrijfs-
obligatie-
fonds
Hypotheek-
fonds
Mkb-
leningen-
fonds
Overige beleggings- fondsen Totaal
Stand per 1 januari 239.780 117.765 109.083 14.396 690 481.714
Aankopen 102.347 5.000 2.367 476 525 110.715
Verkopen 102.939  -   -   -   -  102.939
Herwaarderingen 29.502 3.352 -2.176 169 -91 30.756
Stand per 31 december 268.690 126.117 109.274 15.041 1.124 520.246
2024 Aandelen Bedrijfs-
obligatie-
fonds
Hypotheek-
fonds
Mkb-
leningen-
fonds
Overige beleggings- fondsen Totaal
Stand per 1 januari 256.849 109.850 103.153 -  -  469.852
Aankopen 62.951 3.000 2.254 14.440 825 83.470
Verkopen 86.910 -  -  -  -  86.910
Herwaarderingen 6.890 4.915 3.676 -44 -135 15.302
Stand per 31 december 239.780 117.765 109.083 14.396 690 481.714

Aandelen

De kostprijs van de aandelen per einde boekjaar bedraagt € 195.464.000 (2024: € 184.722.000).

Bedrijfsobligatiefonds

Klaverblad participeert in een Europees bedrijfsobligatiefonds met een portefeuille van uitsluitend bedrijfsobligaties. Het fonds heeft de structuur van een fonds voor gemene rekening met een open-end karakter.

Hypotheekfonds

De herwaarderingen zijn na aftrek van beleggingskosten in het fonds van € 491.000 (2024: € 478.000).

Klaverblad participeert in een Nederlands hypotheekbeleggingsfonds met een portefeuille van uitsluitend Nederlandse non-NHG hypotheken. De particuliere Nederlandse woonhuizen dienen als onderpand. Het hypotheekbeleggingsfonds heeft de structuur van een fonds voor gemene rekening met een open-end karakter, met dien verstande dat de mate waarin participanten in en uit kunnen treden te allen tijde afhankelijk is van de hypothekenproductie respectievelijk de beschikbare liquide middelen.

Mkb-leningenfonds

Er is iedere maand een mogelijkheid tot verkoop aan het fonds tot een maximum van 10% van het fondsvermogen, voor zover de vrij beschikbare liquiditeiten binnen het fonds dit toelaten. De verkrijgingsprijs bedraagt € 14.916.000 (2024: € 14.440.000).

Overige beleggingsfondsen

Het overige beleggingsfonds heeft betrekking op een fonds welke investeert in duurzame voedselsystemen. De verkrijgingsprijs bedraagt € 1.350.000 (2024: € 825.000).

2.2.2. Obligaties 

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 213.929 203.022
Aankopen 153.690 65.434
Verkopen 136.869 49.970
Amortisatie en aangroei 823 580
Herwaarderingen -16.534 -5.085
Mutatie lopende rente 184 -52
Stand per 31 december 215.223 213.929
De kostprijs van de obligaties per einde boekjaar bedraagt € 247.418.000 (2024: € 232.570.000). De nominale waarde van de obligaties per einde boekjaar bedraagt € 284.075.000 (2024: € 250.342.000). De obligaties hebben een gewogen gemiddelde resterende looptijd van 11,4 jaar (2024:­ 12,1 jaar). De gemiddelde rentevoet bedraagt 1,1% (2024: 1,0%).

2.2.3. Vorderingen uit hypothecaire leningen

De vorderingen uit hypothecaire leningen betreffen aan (ex-)personeel, assurantieadviseurs en derden verstrekte leningen waarvoor als zekerheid het zakelijk recht van hypotheek is gevestigd op in Nederland gelegen onderpanden.

In het boekjaar vonden er geen executoriale verkopen plaats. Er zijn geen indicaties dat contractueel overeengekomen kasstromen niet zullen worden ontvangen.
Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 829 1.102
Verstrekkingen -  - 
Aflossingen 245 299
Waardeverandering 7 26
Stand per 31 december 591 829
De nominale waarde bedraagt einde boekjaar € 612.000 (2024: € 857.000). De gemiddelde looptijd tot contractuele herziening van de hypothecaire leningen bedraagt 2,2 jaar (2024: 2,4 jaar) en de gemiddelde rentevoet 2,3% (2024: 2,9%).

2.2.4. Vorderingen uit andere leningen 

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 13.725 9.350
Verstrekkingen -  4.000
Aflossingen -  - 
Mutatie lopende rente -  93
Waardeverandering -1.841 282
Stand per 31 december 11.884 13.725
De nominale waarde bedraagt einde boekjaar € 20.500.000 (2024: € 20.500.000). De vorderingen hebben een gewogen gemiddelde resterende looptijd van 21,3 jaar (2024: 22,3 jaar). De gemiddelde rentevoet bedraagt 1,0% (2024: 1,0%). De verstrekkingen zijn onder garantie van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw.

2.2.5. Overzicht waarderingsmethoden beleggingen

De waarderingsmethoden van de beleggingen zijn hieronder samengevat:
2025 Genoteerde marktprijzen Onafhankelijke
taxatie
Netto contante
waarde berekening
Andere methode Totaal
Terreinen en gebouwen -  46.662 -  -  46.662
Aandelen 268.690 -  1.124 250.432 520.246
Obligaties 215.223 -  -  -  215.223
Vorderingen uit hypothecaire leningen -  -  591 -  591
Vorderingen uit andere leningen -  -  11.884 -  11.884
  483.913 46.662 13.599 250.432 794.606
2024 Genoteerde marktprijzen Onafhankelijke
taxatie
Netto contante
waarde berekening
Andere methode Totaal
Terreinen en gebouwen  -  44.629 -  -  44.629
Aandelen 239.780 -  690 241.244 481.714
Obligaties 213.929 -  -  -  213.929
Vorderingen uit hypothecaire leningen -  -  829 -  829
Vorderingen uit andere leningen -  -  13.725 -  13.725
  453.709 44.629 15.244 241.244 754.826

3. Vorderingen

3.1. Vorderingen uit directe verzekeringen

Op de vorderingen uit directe verzekering is een voorziening voor dubieuze vorderingen op assurantieadviseurs van € 74.000 (2024: € 89.000) in mindering gebracht. Verliezen wegens oninbaarheid zijn ten laste van de voorziening gebracht.

3.2. Overige vorderingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Vennootschapsbelasting 3.781 1.823
Buitenlandse dividendbelasting 1.817 1.919
Betaalde waarborgsommen 55 55
Overige vooruitbetaalde kosten en vorderingen 1.982 1.965
  7.635 5.762
De looptijd van de overige vorderingen is korter dan een jaar.

4. Overige activa

4.1. Materiele vaste activa

Onder de materiële vaste activa zijn opgenomen de aanschaffingen van informatie verwerkende apparatuur, kantoormachines, -inventaris en -interieur en telecommunicatieapparatuur.
Het verloop is als volgt: 2025 2024
Aanschaffingswaarde per 1 januari 6.763 5.500
Investeringen 3.106 1.293
Desinvesteringen 2.231 30
Aanschaffingswaarde per 31 december 7.638 6.763
     
Cumulatieve afschrijving per 1 januari 5.458 5.281
Afschrijving verslagjaar 456 205
Afschrijving desinvesteringen 2.231 28
Cumulatieve afschrijving per 31 december 3.683 5.458
     
Boekwaarde per 31 december 3.955 1.305

4.2 Liquide middelen

De liquide middelen staan ter vrije beschikking.

5. Groepsvermogen

Voor een nadere specificatie van het groepsvermogen wordt verwezen naar de enkelvoudige jaarrekening van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.

5.1. Solvabiliteit

De SCR is het eigen vermogen dat Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. (groep) en Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. op basis van wettelijke eisen moet aanhouden.

De jaarrekening is opgesteld in lijn met de bepalingen van BW2 Titel 9. Volgens deze bepalingen is­ discontering van kortlopende schadevoorzieningen niet toegestaan. Voor Solvency II berekeningen is discontering verplicht. Daarnaast zijn in de jaarrekening uitgaven geactiveerd onder de immateriële vaste activa welke in de Solvency II balans in mindering wordt gebracht op het eigen vermogen. Dit leidt tot een verschil tussen het eigen vermogen volgens de balans in de jaarrekening en de Solvency II balans.

Voor de berekening van de SCR wordt gebruik gemaakt van het standaard model. Voor de gevoeligheidsanalyse van de solvabiliteitsratio wordt verwezen naar het hoofdstuk 5.2.
Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. (groep) 2025 2024
Eigen vermogen volgens de jaarrekening 533.342 497.356
Waarderingsverschil immateriële vaste activa -3.708 -1.695
Waarderingsverschil schadevoorzieningen 10.124 8.563
Belastingeffect -1.656 -1.771
Solvency II vermogen 538.102 502.453
     
SCR 206.114 189.333
SCR ratio 261% 265%
Interne norm 200% 200%
Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. 2025 2024
Eigen vermogen volgens de jaarrekening 229.850 210.435
Waarderingsverschil schadevoorzieningen 10.124 8.563
Belastingeffect -2.612 -2.209
Solvency II vermogen 237.362 216.789
     
SCR 151.806 146.203
SCR ratio 156% 148%
Interne norm 140% 140%
In het monitoren van de solvabiliteit wordt de SCR ratio afgezet tegen de normering vanuit de toezichthouder (externe norm, 100%) en tegen een interne normering. Deze interne normering is strenger dan de externe normering. Het onderschrijden van de interne norm leidt tot mitigerende maatregelen. De mate waarin de interne norm onderschreden wordt, bepaalt de urgentie en reikwijdte van de maatregelen. Per balansdatum voldoen de SCR ratio’s van Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. en Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. ruimschoots aan de interne norm die beschreven is in het kapitaalbeleid.

De solvabiliteitscijfers zijn op het moment van het vaststellen van de jaarrekening ingediend bij de Nederlandsche Bank. Er kunnen echter nog wijzigingen plaatsvinden op basis van eventuele aanwijzingen van de toezichthouder.

5.2. Gevoeligheidsanalyse

De gevoeligheidsanalyse laat zien wat de effecten op het eigen vermogen zijn van wijzigingen in financiële parameters en voor diverse verzekeringstechnische risico’s. Voor het effect van elke gevoeligheidsfactor worden alle overige aannames gelijk verondersteld. In de praktijk zal dit waarschijnlijk niet het geval zijn. In de tabel hierna zijn de gevoeligheden weergegeven per balansdatum.
  Eigen vermogen
(Solvency II)
SCR SCR-ratio
Gerapporteerd 538.102 206.114 261%
       
SII rentecurve -/-1,0%-punt (100bp) 531.422 211.644 251%
SII rentecurve +/+1,0%-punt (100bp) 537.602 202.664 265%
       
Aandelen -/-20% 498.229 188.674 264%
Vastgoed -/-10% 534.640 205.394 260%
       
Kosten -/-10% 547.925 205.697 266%
Kosten +/+10% 528.141 206.692 256%
CPI-Inflatie -/-1,0%-punt, kosteninflatie verandert mee 552.105 204.023 271%
Inflatie +/+1,0%-punt, kosteninflatie verandert mee 536.446 208.634 257%
       
Invalideringskansen -/-10% 571.645 208.856 274%
Invalideringskansen +/+10% 502.714 206.080 244%
Revalideringskansen -/-10% 507.561 204.860 248%
Revalideringskansen +/+10% 566.096 208.034 272%
       
LAC-DT light model 538.102 225.557 239%
Geen LAC-DT 538.102 256.537 210%
Geen FMA 458.558 293.306 156%
In het LAC-DT light model worden voor de onderbouwing van de fiscale compensatie onder Solvency II enkel de ‘zekere’ elementen toegepast. Deze bestaan uit de achterwaartse verliesverrekening en de latente belastingverplichting.

6. Technische voorzieningen

6.1. Voor niet-verdiende premies en lopende risico’s

Het verloop is als volgt:     2025 2024
Stand per 1 januari     -130.050 -161.493
Mutatie     -13.164 31.443
Stand per 31 december     -143.214 -130.050
De samenstelling is als volgt:     2025 2024
Arbeidsongeschiktheid     -156.424 -144.023
Motorrijtuigen WA     7.244 6.730
Motorrijtuigen overig     1.605 524
Brand     3.070 4.965
Aansprakelijkheid     1.803 1.816
Rechtsbijstand     -611 -512
Ongevallen     169 477
Overige     -70 -27
      -143.214 -130.050

6.2. Voor te betalen schaden en uitkeringen

Het verloop is als volgt:     2025 2024
Stand per 1 januari     350.727 335.893
Mutatie     10.871 14.834
Stand per 31 december     361.598 350.727
De samenstelling is als volgt: Bruto Herverzekering Eigen rekening
2025
Eigen rekening
2024
Arbeidsongeschiktheid 207.836 -  207.836 201.597
Motorrijtuigen WA 85.648 3.250 82.398 81.010
Motorrijtuigen overig 1.055 9 1.046 1.542
Brand 22.174 563 21.611 20.910
Aansprakelijkheid 30.101 -  30.101 28.741
Rechtsbijstand 10.278 -  10.278 9.474
Ongevallen 8.149 -  8.149 7.345
Overige 179 -  179 108
  365.420 3.822 361.598 350.727
De voorziening heeft een overwegend langlopend karakter.

7. Overige voorzieningen

7.1. Voor belastingen

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 34.417 41.710
Mutatie 12.558 -7.293
Stand per 31 december 46.975 34.417
De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Fiscaal lagere waardering beleggingen 22.220 18.072
Voorwaartse verliesverrekening vennootschapsbelasting -5.173 -3.543
Fiscaal hogere waardering overige activa -40 -42
Fiscaal hogere waardering technische voorzieningen 29.762 19.736
Fiscaal hogere waardering calamiteitenreserve 206 194
  46.975 34.417
Voor fiscale verliesverrekening is een latente belastingvordering opgenomen. De voorziening voor belastingen heeft een overwegend langlopend karakter.
 

7.2. Voor vitaliteitsverlofregeling

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 233 173
Dotatie 51 124
Onttrekking 49 64
Stand per 31 december 235 233
In de cao voor het verzekeringsbedrijf is een afspraak opgenomen inzake vitaliteitsverlof en duurzame inzetbaarheid. De werknemer kan in overleg met de werkgever vakantiedagen inzetten om het salaris in de periode van vitaliteitsverlof aan te vullen en/of om de verlofperiode uit te breiden tot maximaal drie maanden. De aanvulling kan tot maximaal het huidige salaris van de werknemer. De voorziening voor de vitaliteitsverlofregeling is gebaseerd op de beste schatting van de in de toekomst uit te keren bedragen voor vitaliteitsverlof.

7.3. Voor regeling vervroegde uittreding (RVU)

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 302 547
Mutatie 24 -103
Onttrekking 106 142
Stand per 31 december 220 302
In de cao voor het verzekeringsbedrijf is een afspraak opgenomen inzake regeling vervroegde uittreding (RVU) welke voortvloeit uit het pensioenakkoord van 2019. De werknemer kan mits die voldoet aan de voorwaarden eerder stoppen met werken.

8. Schulden

8.1. Overige schulden

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Loonheffing en premies sociale verzekeringen 1.954 1.915
Assurantiebelasting 3.563 3.339
Omzetbelasting  -  42
Crediteuren 1.538 587
Transitorische posten en diverse schulden 6.970 5.382
  14.025 11.265
Het totale bedrag aan schulden is binnen een jaar verschuldigd.

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

Beleggingen

Het in depot gehouden bedrag inzake reeds gepasseerde hypotheekaktes op nieuwbouwwoningen en verbouwingen bedraagt € 24.000 (2024­ € 24.000).

Verplichting inzake herverzekering terrorismeschaden

Uit hoofde van het deelnemen in de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. bestaat er voor Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. een voorwaardelijke verplichting tot het uitkeren van terreurschaden voor een totaal bedrag van maximaal € 651.000 (2024: € 629.000). Er heeft zich in dit verslagjaar geen terreurschade voorgedaan.

Herverzekeringspremies

De herverzekeringspremie 2026 op basis van de in 2025 afgesloten herverzekeringscontracten voor catastrofe events en incidentele grote schades bedraagt € 5,9 miljoen (2024: € 6,3 miljoen) (bedrag indicatief, afhankelijk van ontwikkeling portefeuille).

Verplichtingen uit hoofde van leasecontracten

De verplichtingen uit hoofde van autoleasing bedragen in totaal € 1.371.000 (2024: € 912.000). Hiervan vervalt binnen een jaar € 400.000 (2024: €­ 338.000) en tussen de twee en vijf jaar € 971.000 (2024: € 574.000). De in het verslagjaar ten laste van het resultaat verwerkte leasekosten bedragen € 740.000 (2024: € 701.000).

De verplichtingen uit hoofde van leasing van printers bedraagt in totaal € 47.000 (2024: €­ 1.000). Hiervan vervalt binnen een jaar € 9.000 (2024: € 1.000) en tussen de twee en vijf jaar € 38.000 (2024: nihil)

Systemen en onderhoud

Voor het beschikbaar stellen van ict-systemen en het onderhoud daarvan zijn contracten afgesloten van € 11,0 miljoen, waarvan € 5,9 miljoen (2024: € 8,6 miljoen) betrekking heeft op 2025. Dit betreft een inschatting van de afname op basis van de afgesloten overeenkomsten. De contracten hebben betrekking op software (licenties), infrastructuur (server en storage) en sourcing (uitbesteding).

Verbouwing kantoorgebouw

Klaverblad verbouwt haar kantoorgebouw. Voor de verbouwing zijn aanneemovereenkomsten met verschillende partijen afgesloten. Zoals contractueel afgesproken zijn er bedragen verschuldigd naar voortgang van het geleverd werk zoals vastgelegd in de aanneemovereenkomst. De contracten hebben een totale aanneemsom van € 1.742.000 (2024: € 1.958.000) inclusief omzetbelasting.

Fiscale eenheid

Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. vormt met haar 100% deelnemingen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting en - met uitzondering van Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. - voor de omzetbelasting. Op grond daarvan is Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. hoofdelijk aansprakelijk voor de belastingschulden van de fiscale eenheid.

Klaverblad Verzekeringen hanteert de fiscale regels voor alle van toepassing zijnde belastingen waar Klaverblad Verzekeringen onder valt en zij heeft geen specifieke afspraken gemaakt met de Belastingdienst welke afwijken van de geldende wet- en regelgeving.

De wettelijke borg Waarborgfonds Motorverkeer

Door de werking van artikel 24a lid 1 van de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen staan verzekeraars en de Staat in beginsel ongelimiteerd borg voor de verplichtingen van het Waarborgfonds Motorverkeer (WBF). Het WBF kan daarmee ten allen tijde en per direct verhoogde bijdragen opleggen aan verzekeraars en de Staat wanneer het kunnen voldoen aan wettelijke verplichtingen dat vereist.

Verbonden partijen

Intercompany transacties

Tussen de groepsmaatschappijen van Klaverblad Verzekeringen vinden reguliere intercompany transacties plaats op het gebied van huur en kosten.

Verbonden partijen

Tussen Klaverblad Verzekeringen en haar directie en commissarissen vinden marktconforme transacties plaats. Hiervoor wordt verwezen naar de bezoldiging bestuurders en commissarissen in de toelichting op de bedrijfskosten..

Toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

9. Specificatie brancheresultaten schadebedrijf 

  Ongevallen en ziekte   Brand   Aansprakelijkheid
  2025 2024   2025 2024   2025 2024
Brutopremies 68.654 67.157   95.648 92.283   23.342 21.223
Uitgaande herverzekeringspremies 11 16   4.488 4.234   4 5
Wijzigingen technische voorzieningen niet-verdiende premies en lopende risico’s 12.709 -30.066   1.895 2.254   13 265
Verdiende premie eigen rekening (9.1) 81.352 37.075   93.055 90.303   23.351 21.483
                 
Toegerekende opbrengst uit beleggingen (9.2) -15.458 -2.948   515 1.235   693 1.223
                 
Bruto schaden (9.3) 33.964 32.686   46.062 46.549   12.805 10.593
Aandeel herverzekeraars (9.4) -  -    399 16   -  - 
Wijziging voorziening voor te betalen schaden bruto (9.5) 7.043 21.354   599 -289   1.360 2.779
Aandeel herverzekeraars (9.6) -  -    -102 -7   -  - 
Schaden eigen rekening 41.007 54.040   46.364 46.251   14.165 13.372
                 
Bedrijfskosten (9.7) 8.817 9.348   35.626 33.870   10.109 8.535
Resultaat technische rekening schadeverzekering 16.070 -29.261   11.580 11.417   -230 799
  Rechtsbijstand   Motorrijtuigen WA   Motorrijtuigen overig
  2025 2024   2025 2024   2025 2024
Brutopremies 19.405 18.105   37.780 32.449   21.919 19.064
Uitgaande herverzekeringspremies 3 4   684 575   807 798
Wijzigingen technische voorzieningen niet-verdiende premies en lopende risico’s 99 232   -514 -4.690   -1.081 474
Verdiende premie eigen rekening (9.1) 19.501 18.333   36.582 27.184   20.031 18.740
                 
Toegerekende opbrengst uit beleggingen (9.2) 215 347   1.901 3.318   32 121
                 
Bruto schaden (9.3) 11.554 9.980   32.999 33.978   14.179 11.156
Aandeel herverzekeraars (9.4) -  -    -  -    8 - 
Wijziging voorziening voor te betalen schaden bruto (9.5) 804 -6   1.388 -8.318   -504 385
Aandeel herverzekeraars (9.6) -  -     -  950   -8 - 
Schaden eigen rekening 12.358 9.974   34.387 24.710   13.675 11.541
                 
Bedrijfskosten (9.7) 6.616 5.293   12.689 10.853   6.729 6.061
Resultaat technische rekening schadeverzekering 742 3.413   -8.593 -5.061   -341 1.259
        Overige varia   Totaal Schadebedrijf
        2025 2024   2025 2024
Brutopremies       3.759 3.055   270.507 253.336
Uitgaande herverzekeringspremies       66 37   6.063 5.669
Wijzigingen technische voorzieningen niet-verdiende premies en lopende risico’s       43 88   13.164 -31.443
Verdiende premie eigen rekening (9.1)       3.736 3.106   277.608 216.224
                 
Toegerekende opbrengst uit beleggingen (9.2)       5 13   -12.097 3.309
                 
Bruto schaden (9.3)       1.933 1.620   153.496 146.562
Aandeel herverzekeraars (9.4)       -  -    407 16
Wijziging voorziening voor te betalen schaden bruto (9.5)       71 -128   10.761 15.777
Aandeel herverzekeraars (9.6)       -  -    -110 943
Schaden eigen rekening       2.004 1.492   163.960 161.380
                 
Bedrijfskosten (9.7)       1.465 1.159   82.051 75.119
Resultaat technische rekening schadeverzekering       272 468   19.500 -16.966
Onder brutopremies, die nagenoeg geheel vanuit Nederland zijn behaald, zijn tevens de aan de verzekeringnemers doorberekende premieopslagen en bijkomende kosten opgenomen. Deze opslagen en kosten bedragen € 9.000 (2024: € 17.000).

De toegerekende opbrengst uit beleggingen bestaat vooral uit ongerealiseerde resultaten van de langlopende staatsobligaties. De rente is in 2025 gestegen. De stijging van de rente leidt tot een lagere voorziening voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Per saldo heeft de rentewijziging, door de eerder genoemde opgelopen spread, een positief effect op het resultaat van medisch.

Uitloopresultaten 

De uitloopresultaten betreffen de in het boekjaar betaalde schaden over voorgaande jaren en de mutaties in de voorzieningen over deze voorgaande jaren, onder aftrek van herverzekeringen.

Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen is vanwege de ‘similar to life’-methodiek uitgesloten van het uitloopresultaat omdat het resultaat afhankelijk is van de renteontwikkeling.
        2021  
Uitloopresultaat 2025 2024 2023 2022 en ouder Totaal
Ongevallen 526 255 182 -378 585
Motorrijtuigen WA -1.489 -1.240 1.217 -140 -1.652
Motorrijtuigen overig 149 -51 -19 -53 26
Brand 1.878 191 108 -1.213 964
Aansprakelijkheid 380 205 124 -353 356
Rechtsbijstand -98 -231 -128 -506 -963
Overige -27  -   -   1  -26
  1.319 -871 1.484 -2.642 -710
        2020  
Uitloopresultaat 2024 2023 2022 2021 en ouder Totaal
Ongevallen -434 -191 75 -164 -714
Motorrijtuigen WA 845 -960 -320 2.810 2.375
Motorrijtuigen overig -236 3 -32 -46 -311
Brand 98 -36 -60 -148 -146
Aansprakelijkheid 280 -1.029 109 787 147
Rechtsbijstand 332 61 -218 -40 135
Overige -49 -3 -4 - -56
  836 -2.155 -450 3.199 1.430

Het positieve uitloopresultaat motorrijtuigen WA is het gevolg van gunstigere afwikkeling van grotere letselschades.

10. Bedrijfskosten

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Acquisitiekosten    
-          betaalde provisie 45.639 42.866
-          overige acquisitiekosten 20.297 18.945
Beheerskosten en afschrijvingen op bedrijfsmiddelen 18.662 16.558
Schadebehandelingskosten 21.794 20.734
  106.392 99.103
Overgeheveld naar schaden en uitkeringen eigen rekening -21.794 -20.734
Overgeheveld naar andere lasten -2.547 -3.250
  82.051 75.119
De toerekening van de bedrijfskosten aan de technische rekening is als volgt: 2025 2024
Acquisitiekosten 65.936 61.811
Beheerskosten en afschrijvingen op bedrijfsmiddelen 16.115 13.308
  82.051 75.119
De bedrijfskosten zijn door middel van een kostenallocatiemethodiek toegerekend aan schadeverzekeringen en vervolgens aan de activiteiten acquisitie, beheer en schadebehandeling.

10.1. Personeelskosten

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Salarissen 31.697 29.540
Premies sociale verzekering 3.338 3.045
Pensioenlasten 4.900 4.740
Overige personeelskosten 23.663 21.640
Doorberekende schadelasten -10.053 -8.806
  53.545 50.159
Het gemiddeld aantal medewerkers, herrekend op fulltime basis, bedraagt 389 (2024: 370).

De eigen bijdrage is in mindering gebracht op de pensioenpremie. De pensioenlasten hebben betrekking op het pensioencontract van de medewerkers van Klaverblad Verzekeringen waarvan de regeling is ondergebracht bij een pensioenverzekeraar. De hoogte van de premie is bepaald op basis van de in de uitvoeringsovereenkomst afgesproken uitgangspunten. De overige personeelskosten bestaat voor het grootste deel uit inhuur van tijdelijk personeel, die zijn ingehuurd voor de strategische projecten.

10.2. Bezoldiging statutaire directie

  2025 2024
Periodiek betaalde beloningen 1.364 803
Beloning van gewezen bestuurders -  185
     
Het maandsalaris per 31 december    
Algemeen directeur 28 27
Directeur Financiën en risicomanagement 26 25
Operationeel directeur 20 - 
Directeur Commercie 19 18
De salarissen van de statutaire directie zijn in het boekjaar aangepast met de reguliere CAO-verhoging.

De toename van de periodiek betaalde beloningen is gelegen in de wijziging en toename van de samenstelling van de directie.

10.3. Bezoldiging commissarissen

De beloning op jaarbasis is als volgt: 2025 2024
Voorzitter 40 40
Leden 30 30
Onkostenvergoeding 1 1

10.4. Honoraria accountant

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Onderzoek van de jaarrekening 580 638
Andere controleopdrachten 12 12
  592 650
Het honorarium betreft de in het verslagjaar verantwoorde kosten. Deze heeft betrekking op de geschatte kosten van de controle van het boekjaar en eventueel na verrekening van voorgaand boekjaar. Naast de wettelijke controle van de jaarrekening heeft EY Accountants B.V. de volgende diensten geleverd:
• Controle van de openbare ‘Quantitative Reporting Templates’ ten behoeve van De Nederlandsche Bank;
• Assurance rapport bij de opgave aan het Waarborgfonds.

11. Opbrengst uit beleggingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
         
Opbrengsten uit andere beleggingen        
-          terreinen en gebouwen eigen gebruik -96   414  
-          overige terreinen en gebouwen 1.411   891  
-          opbrengsten uit aandelen en participaties in beleggingsfondsen 10.969   11.535  
-          rente obligaties 3.345   3.235  
-          amortisatie en aangroei obligaties 823   580  
-          overige beleggingen 1.939   1.839  
Directe opbrengsten uit beleggingen   18.391   18.494
         
Gerealiseerde winst op beleggingen   2.613   1.854
    21.004   20.348
De opbrengsten uit terreinen en gebouwen zijn na aftrek van exploitatiekosten. De opbrengst van terreinen en gebouwen voor eigen gebruik bestaan uit huuropbrengst € 774.000 (2024: € 1.388.000) en exploitatiekosten € 870.000 (2024: € 974.000).

12. Niet-gerealiseerd resultaat op beleggingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Terreinen en gebouwen 1.409 -209
Aandelen en participaties in beleggingsfondsen 31.247 15.782
Obligaties  -16.534 -5.085
Hypothecaire leningen 7 26
Andere leningen  -1.841 282
  14.288 10.796

13. Beleggingslasten

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Kosten beheer van beleggingen 1.160 1.077

14. Toerekening beleggingsresultaat technische- en niet technische rekening

De beleggingsresultaten zijn als volgt toe te rekenen aan de technische- en niet-technische rekening.
  2025 2024
Opbrengst uit beleggingen (11) 21.004 20.348
Niet-gerealiseerd resultaat op beleggingen (12) 14.288 10.796
Beleggingslasten (13) -1.160 -1.077
Beleggingsresultaat 34.132 30.067
     
Beleggingsresultaat technische rekening schadeverzekering -12.097 3.309
Niet-technische rekening 46.229 26.758
  34.132 30.067

15. Andere baten

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Schadevergoeding 5.000  - 

16. Andere lasten

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Bedrijfskosten Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. en Klaverblad Assurantiën B.V. 2.547 3.250
Incidentele kosten niet toe te rekenen aan technisch resultaat 19.638 15.646
Waardevermindering immaterieel vast actief -  2.076
  22.185 20.972
De incidentele kosten niet toe te rekenen aan technisch resultaat betreffen uitgaven voor de implementatie van een nieuwe verzekeringsadministratie en kosten van interne transformaties.

Bij de ontwikkeling van software behorend bij het toekomstige verzekeringsadministratiesysteem is in boekjaar 2024 noodgedwongen voor een andere oplossing gekozen waardoor een deel van de investeringen niet meer bruikbaar is. Voor het onbruikbare deel is een waardevermindering toegepast.

17. Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsvoering

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Vennootschapsbelasting  -  4.427
Mutatie latente vennootschapsbelasting 12.558 -7.293
  12.558 -2.866
Bij de bepaling van de vennootschapsbelasting is uitgegaan van het geldende belastingregime.

De aansluiting tussen het wettelijke en het effectieve belastingpercentage is als volgt:
  2025 2024
Resultaat voor belastingen 48.544 -11.180
     
Wettelijk belastingpercentage 25,8% 25,8%
     
Wettelijke belastingbedrag 12.524 -2.898
Permanente verschillen 34 32
Effectief belastingbedrag 12.558 -2.866
     
Effectief belastingpercentage 25,9% 25,6%
Het effectieve belastingpercentage wijkt af van het wettelijk tarief door de beperkte verrekening van fiscale verliezen.

18. Gebeurtenissen na balansdatum

Er hebben geen gebeurtenissen na balansdatum plaatsgevonden.

Enkelvoudige jaarrekening 2025

Enkelvoudige balans en resultatenrekening

Enkelvoudige balans en resultatenrekening

Na resultaatbestemming

Activa

(Bedragen in duizenden euro’s)
    31-12-2025     31-12-2024
Immateriële vaste activa (1)          
Software   3.708     1.695
           
Beleggingen (2)          
Terreinen en gebouwen 18.712     16.954  
Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen 266.838     245.522  
Overige financiële beleggingen          
-        aandelen en participaties in beleggingsfondsen 212.598     202.354  
-        obligaties 41.239     40.258  
-        vorderingen uit hypothecaire leningen  -      143  
    539.387     505.231
           
Vorderingen (3)          
Vorderingen uit directe verzekering          
-        verzekeringsadviseurs 3.623     3.892  
Overige vorderingen 8.700     4.866  
    12.323     8.758
           
Overige activa (4)   6.492     3.415
           
Totaal activa   561.910     519.099

Passiva

(Bedragen in duizenden euro’s)
    31-12-2025     31-12-2024
Eigen vermogen (5)          
Wettelijke reserve 3.708     1.695  
Herwaarderingsreserve 9.781     8.383  
Overige reserves 519.853     487.278  
    533.342     497.356
           
Overige voorzieningen (6)          
-        voor belastingen 12.881     9.730  
-        voor vitaliteitsverlofregeling 235     233  
-        voor regeling vervroegde uittreding (RVU) 220     302  
    13.336     10.265
           
Schulden (7)   15.232     11.478
           
Totaal passiva   561.910     519.099

Enkelvoudige resultatenrekening

(Bedragen in duizenden euro’s)
    2025     2024
           
Resultaat deelneming na belastingen (2.2)   21.316     -16.787
           
Overige resultaten na belastingen   14.670     8.473
           
Resultaat na belastingen   35.986     -8.314

Toelichting op de enkelvoudige jaarrekening

Grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

Beleggingen (2)

Voor de algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening, de grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat en voor de toelichting op de activa en passiva en de resultaten, wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening en de geconsolideerde balans, voor zover hierna niet anders is vermeld.

Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen (2.2)

Deelnemingen worden - voor zover er sprake is van overwegende zeggenschap - gewaardeerd op nettovermogenswaarde. Dit is het aandeel in het eigen vermogen van de desbetreffende onderneming, bepaald op basis van de grondslagen zoals vermeld in de toelichting op de geconsolideerde balans.

Toelichting op de enkelvoudige balans

1. Immateriële vaste activa

Voor een toelichting op de immateriële vaste activa wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

2. Beleggingen

2.1. Terreinen en gebouwen

Voor een toelichting op de terreinen en gebouwen wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

2.2. Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen

Alle 100% directe deelnemingen, zijnde Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V., Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. en Klaverblad Assurantiën B.V. zijn statutair gevestigd te Zoetermeer.
Het verloop is als volgt: Klaverblad
Schadeverzekerings-
maatschappij N.V.
Klaverblad
Exploitatie
Bedrijf B.V.
Klaverblad
Assurantiën B.V.
Totaal
Stand per 1 januari 210.435 33.420 1.667 245.522
Resultaat deelneming 19.415 123 1.778 21.316
Stand per 31 december 229.850 33.543 3.445 266.838

2.3. Overige financiële beleggingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Aandelen en participaties in beleggingsfondsen 212.598 202.354
Obligaties 41.239 40.258
Vorderingen uit hypothecaire leningen -  143
  253.837 242.755

2.3.1. Aandelen en participaties in beleggingsfondsen

Het verloop van de aandelen en participaties in beleggingsfondsen gedurende het boekjaar is als volgt:
2025 Aandelen Bedrijfs-
obligatie-
fonds
Hypotheek-
fonds
Mkb-
leningen-
fonds
Overige
beleggings-
fondsen
Totaal
Stand per 1 januari 112.604 28.935 45.729 14.396 690 202.354
Aankopen 46.602  -  992  476  525 48.595
Verkopen 51.619  -   -   -   -  51.619
Herwaarderingen 13.286 816 -912 169 -91 13.268
Stand per 31 december 120.873 29.751 45.809 15.041 1.124 212.598
2024 Aandelen Bedrijfs-
obligatie-
fonds
Hypotheek-
fonds
Mkb-
leningen-
fonds
Overige
beleggings-
fondsen
Totaal
Stand per 1 januari 134.799 27.727 43.243 -  -  205.769
Aankopen 31.378 -  946 14.440 825 47.589
Verkopen 56.810  -   -   -   -  56.810
Herwaarderingen 3.237 1.208 1.540 -44 -135 5.806
Stand per 31 december 112.604 28.935 45.729 14.396 690 202.354

Aandelen

De kostprijs van de aandelen per einde boekjaar bedraagt € 88.465.000 (2024: € 87.660.000).

Bedrijfsobligatiefonds

Klaverblad participeert in een gesloten bedrijfsobligatiefonds met een portefeuille van uitsluitend bedrijfsobligaties. Het fonds heeft de structuur van een fonds voor gemene rekening met een open-end karakter.

Hypotheekfonds

De herwaarderingen van het hypotheekfonds zijn na aftrek van beleggingskosten in het fonds van € 206.000 (2024: € 200.000).

Klaverblad participeert in een Nederlands hypotheekbeleggingsfonds met een portefeuille van uitsluitend Nederlandse non-NHG hypotheken. De particuliere Nederlandse woonhuizen dienen als onderpand. Het hypotheekbeleggingsfonds heeft de structuur van een fonds voor gemene rekening met een open-end karakter, met dien verstande dat de mate waarin participanten in en uit kunnen treden te allen tijde afhankelijk is van de hypothekenproductie, respectievelijk de beschikbare liquide middelen.

Mkb-leningenfonds

Er is iedere maand een mogelijkheid tot verkoop aan het fonds tot een maximum van 10% van het fondsvermogen, voor zover de vrij beschikbare liquiditeiten binnen het fonds dit toelaten. De verkrijgingsprijs bedraagt € 14.916.000 (2024: € 14.400.000).

Overige beleggingsfondsen

Het overige beleggingsfonds heeft betrekking op een fonds welke investeert in duurzame voedselsystemen. De verkrijgingsprijs bedraagt € 1.350.000 (2024: € 825.000).

2.3.2. Obligaties

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 40.258 39.240
Aankopen 40.423 13.991
Verkopen 39.959 13.721
Herwaarderingen 469 752
Mutatie lopende rente 48 -4
Stand per 31 december 41.239 40.258
De kostprijs van de obligaties per einde boekjaar bedraagt € 42.293.000 (2024: € 41.747.000). De nominale waarde van de obligaties per einde boekjaar bedraagt € 42.900.000 (2024: € 41.900.000). De obligaties hebben een gewogen gemiddelde resterende looptijd van 2,7 jaar (2024: 2,4 jaar). De gemiddelde rentevoet bedraagt 0,5% (2024: 0,2%).

2.3.3. Vorderingen uit hypothecaire leningen

De vorderingen uit hypothecaire leningen betreffen aan een assurantieadviseur verstrekte lening waarvoor als zekerheid het zakelijk recht van hypotheek is gevestigd op in Nederland gelegen onderpand.

In het boekjaar vonden er geen executoriale verkopen plaats. Er zijn geen indicaties dat contractueel overeengekomen kasstromen niet zullen worden ontvangen.
Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 143 214
Aflossingen 142 72
Waardeverandering -1 1
Stand per 31 december  -  143
De leningen zijn ultimo 2025 volledig afgelost.

3.  Vorderingen

3.1. Vorderingen uit directe verzekeringen

Voor een toelichting op de vorderingen uit directe verzekeringen wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

3.2. Overige vorderingen

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Rekening courant Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. 2.109 - 
Rekening courant Klaverblad Assurantiën B.V. -  87
Vennootschapsbelasting 3.781 1.823
Buitenlandse dividendbelasting 916 1.001
Omzetbelasting 30 - 
Betaalde waarborgsommen 55 55
Overige vooruitbetaalde kosten en vorderingen 1.809 1.900
  8.700 4.866
Over de vorderingen op groepsmaatschappijen is geen interest verschuldigd en er zijn geen zekerheden gesteld. De looptijd van de overige vorderingen is overwegend korter dan een jaar.

4. Overige activa

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Materiële vaste activa 3.955 1.263
Liquide middelen 2.536 2.152
  6.492 3.415
Voor een nadere toelichting van de overige activa wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

5. Eigen vermogen

Het verloop en de samenstelling van het eigen vermogen is als volgt:
2025 Wettelijke
reserve
Herwaar-
derings-
reserve
Overige
reserves
Totaal
Stand per 1 januari 2025 1.695 8.383 487.278 497.356
Netto resultaat boekjaar - - 35.986 35.986
Toevoeging / onttrekking 2.013 1.398 -3.411 -
Stand per 31 december 2025 3.708 9.781 519.853 533.342
2024 Wettelijke
reserve
Herwaar-
derings-
reserve
Overige
reserves
Totaal
Stand per 1 januari 2024 2.076 7.252 496.342 505.670
Netto resultaat boekjaar - - -8.314 -8.314
Toevoeging / onttrekking -381 1.131 -750 -
Stand per 31 december 2024 1.695 8.383 487.278 497.356
Voor het nog niet afgeschreven deel van de ontwikkelde software is een wettelijke reserve ten laste van de overige reserves gevormd.

De herwaarderingsreserve is gevormd uit hoofde van herwaarderingen van gebouwen en terreinen. Voor de herwaarderingen is een voorwaardelijke belastingverplichting gevormd tegen het toekomstige belastingtarief van 25,8% (2024: 25,8%).

Voorstel bestemming van het resultaat over het verslagjaar 2025

Na vaststelling van de jaarrekening over 2025 door de algemene vergadering zal het resultaat van € 35.986.000 toegevoegd worden aan de overige reserves. Daarnaast wordt per saldo € 3.411.000 aan de overige reserves onttrokken door een dotatie aan wettelijke reserve ter grootte van €­ 2.013.000 en een dotatie van € 1.398.000 aan de herwaarderingsreserve. Voorgaande is als zodanig in de jaarrekening verwerkt.

6. Overige voorzieningen

6.1. Voor belastingen

Het verloop is als volgt: 2025 2024
Stand per 1 januari 9.730 8.937
Mutatie 3.151 793
Stand per 31 december 12.881 9.730
De voorziening voor belastingen heeft een overwegend langlopend karakter.

6.2. Voor vitaliteitsverlofregeling

Voor een toelichting op de voorziening voor vitaliteitsverlofregeling wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

6.3. Voor regeling vervroegde uittreding (RVU)

Voor een toelichting op de voorziening voor regeling vervroegde uittreding wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

7. Schulden

7.1. Overige schulden

De samenstelling is als volgt: 2025 2024
Schulden uit directe verzekering 4.439 4.240
Overige schulden    
-          rekening courant Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. -  224
-          rekening courant Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. 81 113
-          rekening courant Klaverblad Assurantien B.V. 1.346 - 
-          loonheffing en premies sociale verzekeringen 1.233 1.202
-          omzetbelasting -  68
-          crediteuren 1.371 253
-          overige 6.762 5.378
  15.232 11.478
Over de schulden aan groepsmaatschappijen is geen interest verschuldigd en er zijn geen zekerheden gesteld. Het totale bedrag aan schulden is binnen een jaar verschuldigd.

Zoetermeer, 10 april 2026

Directie
mr. A.D.C.P. van Herel
J.H.M. van Irsen MSc MBA
drs. L.C.A.J. Musters MSc
drs. C.P.G. Réz

Commissarissen
drs. A.P. Mijer-Nienhuis AAG RBA
drs. H.J. Dikkers
drs. R. van Es MSc
drs. J.M. Niessen

Overige gegevens

Statutaire regeling omtrent de bestemming van het resultaat

Artikel 12 van de statuten van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. bepaalt: “Indien de winst- en verliesrekening een voordelig saldo toont, zal dit saldo aan de algemene reserve toegevoegd worden; een nadelig saldo zal daaraan onttrokken worden.

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Aan: de leden en raad van commissarissen van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.

Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2025

Ons oordeel

Wij hebben de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening voor het boekjaar geëindigd op 31 december 2025 van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. te Zoetermeer gecontroleerd.

Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. per 31 december 2025 en van het resultaat over 2025 in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW.

De jaarrekening bestaat uit:

  • de geconsolideerde en enkelvoudige balans per 31 december 2025;
  • de geconsolideerde en enkelvoudige resultatenrekening over 2025;
  • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.

De basis voor ons oordeel

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening.

Wij zijn onafhankelijk van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags-en beroepsregels accountants (VGBA).

Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Informatie ter ondersteuning van ons oordeel

Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moet in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.

Ons inzicht in de coöperatie

Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. (hierna de coöperatie of, samen met de geconsolideerde deelnemingen, Klaverblad Verzekeringen of de groep) is hoofdzakelijk actief op het gebied van schade-en inkomensverzekeringen. De activiteiten worden in Nederland uitgevoerd.

Wij hebben de materialiteit bepaald en de risico’s geïdentificeerd en ingeschat dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten, om in reactie op deze risico’s de controlewerkzaamheden te bepalen ter verkrijging van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Materialiteit

Materialiteit
€10 miljoen (2024: € 9,9 miljoen).
Toegepaste benchmark 2% van het groepsvermogen per 31 december 2025 (2024: 2%).
Nadere toelichting Wij beschouwen het groepsvermogen en de solvabiliteit van de coöperatie, alsmede het vermogen te kunnen voldoen aan verplichtingen aan polishouders en anderen, als de belangrijke indicatoren voor de gebruikers van de jaarrekening. De wijze waarop wij de materialiteit hebben bepaald, is consistent met voorgaand boekjaar.

Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn.

Wij zijn met de raad van commissarissen overeengekomen dat wij aan de raad tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven € 500.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve redenen relevant zijn.

Reikwijdte van de groepscontrole

Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. staat aan het hoofd van Klaverblad Schadeverzekerings-maatschappij N.V., Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V. en Klaverblad Assurantiën B.V. De financiële informatie van deze groep is opgenomen in de jaarrekening.

Wij zijn verantwoordelijk voor het plannen en uitvoeren van de groepscontrole om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsonderdelen binnen de groep als basis voor het vormen van een oordeel over de jaarrekening. Tevens zijn wij verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op, de beoordeling en de evaluatie van de controlewerkzaamheden die in het kader van de groepscontrole zijn uitgevoerd. Wij dragen de volledige verantwoordelijkheid voor onze controleverklaring.

Op basis van ons inzicht in de groep en haar omgeving, het van toepassing zijnde verslaggevingsstelsel en het interne beheersingssysteem van de groep, hebben wij risico’s op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening en de belangrijke posten en toelichtingen geïdentificeerd en ingeschat. Op basis van deze risico-inschatting hebben wij de aard, timing en omvang van de uitgevoerde controlewerkzaamheden bepaald, inclusief de entiteiten of bedrijfsonderdelen binnen de groep (groepsonderdelen) waar controlewerkzaamheden worden uitgevoerd. Daarbij hebben wij rekening gehouden met de aard van de relevante gebeurtenissen en omstandigheden die aanleiding gaven tot de geïdentificeerde risico's op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening, het verband dat deze risico’s hebben met groepsonderdelen alsmede de materialiteit of de financiële omvang van groepsonderdelen ten opzichte van de groep.

Wij hebben zelf de controlewerkzaamheden uitgevoerd met betrekking tot de financiële informatie van de significante groepsonderdelen Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A., Klaverblad Schadeverzekeringsmaatschappij N.V. en Klaverblad Exploitatie Bedrijf B.V.

Dit resulteerde in een dekking van circa 100% van het resultaat vóór belastingen, circa 100% van het groepsvermogen en circa 100% van de totale activa.

Voor Klaverblad Assurantiën B.V. hebben wij specifieke werkzaamheden en analytische procedures uitgevoerd ter bevestiging dat onze risicoanalyse en de reikwijdte van de groepscontrole gedurende de controle passend bleven.

Door bovengenoemde werkzaamheden bij (groeps)onderdelen, gecombineerd met aanvullende werkzaamheden op groepsniveau, hebben wij voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de groep verkregen om een oordeel te geven over de jaarrekening.

Opdrachtteam en gebruikmaken van het werk van specialisten

Wij hebben zorggedragen dat het opdrachtteam over de juiste kennis en vaardigheden beschikt die nodig zijn voor de controle van een verzekeringsgroep actief op het gebied van schade-en inkomensverzekeringen. Wij hebben in het opdrachtteam specialisten opgenomen op het gebied van IT-audit, forensische specialisten en belastingspecialisten. Wij hebben onze actuariële specialisten ingezet bij de controlewerkzaamheden op de bepaling van de technische voorzieningen en eigen deskundigen ingeschakeld voor de controle van de waardering van terreinen en gebouwen en andere niet-(beurs)genoteerde beleggingen.

Onze focus op fraude en het niet-naleven van wet- en regelgeving

Onze verantwoordelijkheid

Hoewel wij niet verantwoordelijk zijn voor het voorkomen van fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving en van ons niet verwacht kan worden dat wij het niet-naleven van alle wet- en regelgeving ontdekken, is het onze verantwoordelijkheid om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening als geheel geen afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.

Onze controleaanpak met betrekking tot frauderisico’s

Wij hebben de risico’s geïdentificeerd en ingeschat op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude. Wij hebben tijdens onze controle inzicht verkregen in de coöperatie en haar omgeving, de componenten van het interne beheersingssysteem, waaronder het risico-inschattingsproces en de wijze waarop de directie inspeelt op frauderisico’s en het interne beheersingssysteem monitort en de wijze waarop de raad van commissarissen toezicht uitoefent, alsmede de uitkomsten daarvan. Wij verwijzen naar de paragraaf Governance en risicomanagement in het bestuursverslag, waarin de risicoanalyse van de directie is opgenomen na overweging van mogelijke frauderisico’s.

Wij hebben de opzet en de relevante aspecten van het interne beheersingssysteem en in het bijzonder de frauderisicoanalyse geëvalueerd alsook bijvoorbeeld het integriteitsbeleid, de klokkenluidersregeling en de incidentenregistratie. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd van interne beheersmaatregelen gericht op het mitigeren van frauderisico’s. Als onderdeel van ons proces voor het identificeren van frauderisico’s, hebben wij frauderisicofactoren overwogen met betrekking tot frauduleuze financiële verslaggeving, oneigenlijke toe-eigening van activa en omkoping en corruptie in nauwe samenwerking met onze forensische specialisten. Wij hebben geëvalueerd of deze factoren een indicatie vormden voor de aanwezigheid van het risico op afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude.

In onze controle bouwen wij een element in van onvoorspelbaarheid. Ook hebben wij de uitkomst van andere controlewerkzaamheden beoordeeld en overwogen of er bevindingen zijn die aanwijzing geven voor fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving.

Wij houden rekening met het risico dat het management interne beheersmaatregelen kan doorbreken, aangezien dit risico in alle organisaties aanwezig is. Vanwege dit risico hebben wij onder meer geëvalueerd of de keuze en toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving door de coöperatie en met name voor subjectieve waarderingsvraagstukken en complexe transacties, zoals toegelicht in de Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening onder “Gebruik van schattingen en veronderstellingen”, een indicatie vormen voor frauduleuze financiële verslaggeving. Ook hebben wij data-analyse gebruikt om journaalposten met een verhoogd risico te signaleren en te toetsen, evenals andere aanpassingen gemaakt in het proces van financiële verslaggeving. Wij hebben de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) beoordeeld van bijzondere transacties, waaronder die met verbonden partijen.

Zoals beschreven in ons kernpunt van de controle “Schattingen gehanteerd bij de bepaling van de technische voorzieningen”, hebben wij vanwege het risico dat management interne beheersmaatregelen kan doorbreken, onder meer oordeelsvorming en

schattingen beoordeeld op tendenties die mogelijk een risico vormen op een afwijking van materieel belang als gevolg van fraude.

Wij hebben geen frauderisico geïdentificeerd ten aanzien van de opbrengstenverantwoording, in aanvulling op het risico dat het management interne beheersmaatregelen kan doorbreken.

Wij hebben kennisgenomen van de beschikbare informatie en hebben om inlichtingen gevraagd bij leden van de directie, de sleutelfuncties interne audit, compliance, risicomanagement en actuarieel, de afdeling veiligheidszaken en de raad van commissarissen.

Uit de door ons geïdentificeerde frauderisico’s, ontvangen inlichtingen en andere beschikbare informatie volgen geen specifieke aanwijzingen voor fraude of vermoedens van fraude met een mogelijk materieel belang voor het beeld van de jaarrekening.

Onze controleaanpak met betrekking tot het risico van niet voldoen aan wet- en regelgeving

Wij hebben passende controlewerkzaamheden verricht inzake de naleving van de bepalingen van de relevante wet- en regelgeving die van directe invloed zijn op de verantwoorde bedragen en toelichtingen in de jaarrekening. Daarnaast hebben wij de omstandigheden ingeschat met betrekking tot het risico van niet-naleven van wet- en regelgeving waarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze van materiële invloed kunnen zijn op de jaarrekening, op basis van onze ervaring in de sector, door afstemming met de directie, het kennisnemen van de systematische integriteitsrisicoanalyse (SIRA), het lezen van notulen, het kennisnemen van rapporten van interne audit, compliance en risicomanagement afdelingen en de afdeling veiligheidszaken en het uitvoeren van gegevensgerichte werkzaamheden gericht op transactiestromen, jaarrekeningposten en toelichtingen.

Wij hebben verder kennisgenomen van correspondentie met toezichthouders en zijn alert gebleven op indicaties voor een (mogelijke) niet-naleving gedurende de controle. Ten slotte hebben wij schriftelijk de bevestiging ontvangen dat alle bekende gebeurtenissen van niet-naleving van wet- en regelgeving met ons zijn gedeeld.

Onze controleaanpak met betrekking tot de continuïteitsveronderstelling

Zoals toegelicht in de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening onder “Continuïteitsbeginsel”, is de jaarrekening opgemaakt op basis van de continuïteitsveronderstelling. Bij het opmaken van de jaarrekening heeft de directie een specifieke beoordeling gemaakt van de mogelijkheid van de coöperatie om haar continuïteit te handhaven en de activiteiten voort te zetten voor de voorzienbare toekomst.

Wij hebben de specifieke beoordeling met de directie besproken en professioneel-kritisch geëvalueerd. Wij hebben overwogen of de specifieke beoordeling van de directie op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, alle relevante gebeurtenissen en omstandigheden bevat waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de coöperatie haar bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten, waarbij wij ons ook hebben gericht op de vraag of de coöperatie kan blijven voldoen aan de wettelijke solvabiliteitsvereisten voor een verzekeringsgroep. Hiertoe hebben wij onder andere kennisgenomen van de Own Risk & Solvency Assessment (ORSA). Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen.

Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen materiële onzekerheden ten aanzien van de continuïteit of het hanteren van de continuïteitsveronderstelling door de directie geïdentificeerd. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een coöperatie haar continuïteit niet langer kan handhaven.

De kernpunten van onze controle

In de kernpunten van onze controle beschrijven wij zaken die naar ons professionele oordeel het meest belangrijk waren tijdens onze controle van de jaarrekening. De kernpunten van onze controle hebben wij met de raad van commissarissen gecommuniceerd, maar vormen geen volledige weergave van alles wat is besproken.

In vergelijking met voorgaand jaar, hebben wij geen relevante wijzigingen aangebracht in de kernpunten van onze controle.

Schattingen gehanteerd bij de bepaling van de technische voorzieningen
Risico

Klaverblad Verzekeringen heeft een significante post technische voorzieningen van in totaal € 218 miljoen (na aftrek herverzekeringsdeel) per 31 december 2025. Zoals toegelicht in de waarderingsgrondslagen voor de technische voorzieningen, in sectie “Technische voorzieningen” (5) van de Grondslagen voor waardering balansposten en resultaatbepaling in de geconsolideerde jaarrekening, zijn de technische voorzieningen gewaardeerd op basis van een contante waardemethode in lijn met de onder Solvency II gehanteerde principes.

De technische voorzieningen worden bepaald door de verwachte toekomstige baten en lasten contant te maken op basis van een rentetermijnstructuur (Solvency II curve), verhoogd met een risicomarge. Als gevolg hiervan is de waardering van de technische voorzieningen gevoelig voor de gehanteerde(actuariële) veronderstellingen en andere schattingselementen. Wij houden hierbij rekening met het risico dat management interne beheersingsmaatregelen kan doorbreken. Wij hebben de schattingen gehanteerd door de directie bij de bepaling van de technische voorzieningen als kernpunt van onze controle aangemerkt.

Belangrijke veronderstellingen die door de directie worden gehanteerd zijn onder andere:

  • voor de voorziening voor niet-verdiende premies en lopende risico’s voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen: het verwachte verval in de portefeuille, de contractgrens van de polissen en de in- en revalideringskansen;
  • voor de voorziening voor te betalen schaden/uitkeringen voor schadeverzekeringen: de verwachte maar nog niet aangemelde schaden, alsmede voor toekomstige kosten.

Zoals toegelicht in de sectie “Schattingswijziging” in de toelichting op de jaarrekening, heeft Klaverblad Verzekeringen per 31 december 2025 verbeteringen doorgevoerd in de methodiek voor de bepaling van invaliderings- en vervalkansen welke worden gehanteerd in de bepaling van de beste schatting van de technische voorziening voor niet-verdiende premies en lopende risico’s. De schattingswijziging heeft een totale impact (verhoging) van € 3,8 miljoen op de technische voorzieningen voor niet-verdiende premies en lopende risico’s per 31 december 2025.

Klaverblad Verzekeringen heeft een nadere toelichting op de technische voorzieningen opgenomen in noot 6 van de geconsolideerde jaarrekening.

Onze controleaanpak

Onze werkzaamheden bestonden onder andere uit het evalueren of de door Klaverblad Verzekeringen gehanteerde grondslagen voor de waardering van de technische voorzieningen in overeenstemming zijn met Titel 9 Boek 2 BW en Richtlijn voor de Jaarverslaggeving (RJ) 605 “Verzekeringsmaatschappijen” en of deze grondslagen en de gehanteerde modellen en veronderstellingen bij de bepaling van de schadevoorziening consistent zijn toegepast of, in het geval van (schattings)wijzigingen, of deze in de gegeven omstandigheden passend zijn.

Wij hebben onze actuariële specialisten ingezet bij de controlewerkzaamheden op de bepaling van de technische voorzieningen, inclusief de wijzigingen in de daarbij gehanteerde veronderstellingen.

Onze belangrijkste controlewerkzaamheden met betrekking tot de technische voorzieningen hadden betrekking op:

  • het evalueren van de opzet en het bestaan van interne beheersingsmaatregelen die door Klaverblad Verzekeringen zijn uitgevoerd op de bepaling van de technische voorzieningen;
  • het vaststellen van de juistheid en volledigheid van de basisgegevens die door Klaverblad Verzekeringen zijn gebruikt, waaronder uitgekeerde claims aan de hand van schadedossiers;
  • het evalueren van de aanvaardbaarheid van de gehanteerde methoden en veronderstellingen, inclusief de hierin doorgevoerde wijzigingen in 2025, voor de waardering van de technische voorzieningen. Wij hebben de veronderstellingen getoetst aan de hand van his torische informatie, sectorinformatie, professionele oordeelsvorming en het verrichten van back -testing;
  • het professioneel-kritisch evalueren van de verwerking van de genoemde wijzigingen in de gehanteerde veronderstellingen bij de bepaling van de technische voorzieningen als schattingswijziging in de jaarrekening;
  • het beoordelen op redelijkheid van de intern opgestelde analyses van de uitkomsten van de technische voorzieningen en het verloop tussen perioden;
  • het toetsen van de totstandkoming en het evalueren van de gevoeligheidsanalyses aan de hand van de onderliggende berekeningen;
  • het kennisnemen van de werkzaamheden en rapportages van de Actuariële Functie.

Ten slotte hebben wij geëvalueerd of de toelichting op de technische voorzieningen voldoet aan de vereisten van Titel 9 Boek 2 BW en RJ605.

Belangrijke observaties

Wij hebben geen materiële afwijkingen geconstateerd ten aanzien van de schattingen gehanteerd bij de bepaling van de technische voorzieningen per 31 december 2025.

Waardering en toelichting van beleggingen zonder genoteerde marktprijzen
Risico

De beleggingen zijn een significante post op de balans van Klaverblad Verzekeringen. Voor een groot deel van de beleggingen is de marktwaarde te verifiëren met transacties die tot stand zijn gekomen op de financiële markten (genoteerde marktprijzen). Er zijn ook beleggingen die worden gewaardeerd op basis van andere methoden waarbij de inherente waarderingsonzekerheid hoger is. Deze hangt samen met de beschikbaarheid en toepasbaarheid van marktgegevens en de mate van subjectiviteit van veronderstellingen gebruikt in de waardering.

Bij Klaverblad Verzekeringen betreffen dit de terreinen en gebouwen, de participaties in beleggingsfondsen, Mkb-leningen-fonds en de vorderingen uit hypothecaire en andere leningen.

Klaverblad Verzekeringen heeft de waarderingsgrondslagen voor de beleggingen beschreven onder “Beleggingen (1)” in de Grondslagen voor waardering balansposten en resultaatbepaling en heeft een nadere toelichting opgenomen in noot 2 van de geconsolideerde jaarrekening. Uit deze toelichting blijkt dat per 31 december 2025 voor een bedrag van € 47 miljoen is belegd in terreinen en gebouwen, € 109 miljoen is belegd in een hypotheekfonds, voor € 126 miljoen in een bedrijfsobligatiefonds, voor € 15 miljoen Mkb-leningen-fonds, voor € 1 miljoen in een overig beleggingsfonds en voor € 12 miljoen in vorderingen uit hypothecaire en andere leningen.

Het in het kader van onze jaarrekeningcontrole in aanmerking genomen risico is dat de beleggingen zonder genoteerde marktprijzen niet juist gewaardeerd zijn. Wij hebben de waardering van beleggingen zonder genoteerde marktprijzen derhalve aangemerkt als kernpunt van onze controle.

Onze controleaanpak

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder andere, het evalueren van de geschiktheid van de door Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. toegepaste waarderingsgrondslagen met betrekking tot de waardering van beleggingen in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW en Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (RJ) 213 “Vastgoedbeleggingen” en RJ 290 “Financiële instrumenten”.Tevens hebben wij beoordeeld of de waarderingstechnieken en inputgegevens die zijn gehanteerd in de bepaling van de reële waarde passend zijn en consistent zijn toegepast.

Wij hebben verder de volgende controlewerkzaamheden uitgevoerd op de waardering van de beleggingen zonder genoteerde marktprijzen per 31 december 2025:

  • Voor de posities in terreinen en gebouwen hebben wij de interne beheersingsmaatregelen rond het taxatieproces onderzocht. Met gebruikmaking van eigen vastgoedspecialisten hebben wij voor een selectie van objecten de onafhankelijke taxaties en daarbij gehanteerde uitgangspunten getoetst op basis van marktgegevens.
  • Voor de waardering van het hypotheekfonds hebben wij de opgenomen nettovermogenswaarde getoetst met de gecontroleerde nettovermogenswaarde per 31 december 2025 door de externe accountant van het fonds. Verder hebben wij vastgesteld of de gekozen waardering sgrondslagen en de belangrijkste uitgangspunten daarbij aansluiten op de grondslagen van Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.
  • Voor de waardering van het bedrijfsobligatiefonds hebben wij de opgenomen nettovermogenswaarde getoetst door kennis te nemen van de opgave van de nettovermogenswaarde van het fonds per 31 december 2025, door de waardering van de onderliggende beursgenoteerde obligaties te toetsen aan de hand van externe bronnen, en door back-testing uit te voeren aan de hand van de door de externe accountant gecontroleerde jaarrekening van het bedrijfsobligatiefonds voor het boekjaar geëindigd per 30 september 2025.
  • Voor de waardering van de Mkb-leningen-fonds hebben wij de opgenomen nettovermogenswaarde getoetst door kennis te nemen van de opgave van de nettovermogenswaarde per 31 december 2025 van de bewaarder, en door back-testing uit te voeren aan de hand van de door de externe accountant gecontroleerde jaarrekening voor het boekjaar geëindigd per 31 december 2024 van het Mkb-leningen-fonds.
  • Voor de waardering van de vorderingen uit hypothecaire en andere leningen, alsmede het belang in een overig beleggingsfonds, hebben wij met behulp van actuarieel specialisten de waardering getoetst via een onafhankelijke, eigen berekening en hierbij de uitgangspunten vergeleken met uitgangspunten gehanteerd in de markt. Daarnaast hebben wij onderzoek gedaan naar(waarderings)informatie die beschikbaar is gekomen na balansdatum tot aan de datum van onze controleverklaring.

Ten slotte hebben wij geëvalueerd of de toelichting op de beleggingen voldoet aan de vereisten van Titel 9 Boek 2 BW.

Belangrijke observaties

Wij hebben geen materiële afwijkingen geconstateerd ten aanzien van de waardering van de beleggingen zonder genoteerde marktprijzen per 31 december 2025.

Betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking
Risico

Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A. is voor de continuïteit van de bedrijfsprocessen en voor het opmaken van de jaarrekening sterk afhankelijk van de betrouwbaarheid en beschikbaarheid van haar geautomatiseerde systemen. Effectieve algemene IT-beheersmaatregelen met betrekking tot wijzigingsbeheer, logische toegangsbeveiliging, infrastructuur en bedrijfsvoering, ondersteunen de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking en de effectieve werking van de geautomatiseerde beheersmaatregelen.
Klaverblad Verzekeringen is als verzekeringsgroep (inherent) onderhevig aan hogere risico’s op cyberincidenten.

Op basis van het bovenstaande hebben wij de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking aangemerkt als kernpunt van onze controle.

Wij verwijzen naar de paragraaf Governance en risicomanagement van het bestuursverslag.

Onze controleaanpak

Wij hebben met inzet van IT-audit professionals, die integraal onderdeel uitmaken van het controleteam, de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking onderzocht voor zover dit relevant is in het kader van de jaarrekeningcont role. Onze controle is niet primair gericht op het geven van een oordeel over de continuïteit en de betrouwbaarheid van de geautomatiseerde gegevensverwerking door Coöperatie Klaverblad Verzekeringen U.A.

Verder hebben wij de volgende werkzaamheden uitgevoerd:

  • het evalueren van de opzet en het toetsen van de effectieve werking van de algemene IT - beheersmaatregelen voor de voornaamste IT-processen. Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd voor de IT-applicaties binnen de reikwijdte van onze jaarrekeningcontrole en voor het onderliggende besturingssysteem en omvatten tevens databasemanagement en tooling ter ondersteuning van de IT-processen;
  • het bepalen en uitvoeren van gegevensgerichte werkzaamheden in geval de effectieve werking van de algemene IT-beheersmaatregelen niet kon worden vastgesteld;
  • het toetsen van interne beheersmaatregelen op applicatieniveau met betrekking tot het verwerken van data, invoer van gegevens en interfaces voor zover relevant voor de financiële verslaglegging.

Onze controle is niet gericht op het doen van een uitspraak omtrent cybersecurity. Wij hebben echter wel werkzaamheden uitgevoerd om inzicht te verkrijgen in de procedures, interne beheersmaatregelen en rapportages die Klaverblad Verzekeringen uitvoert met betrekking tot cybersecurity.

Belangrijke observaties

Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden, hebben wij voldoende en geschikte informatie verkregen omtrent de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking van IT - systemen die relevant zijn in het kader van de jaarrekeningcontrole.

Naleving vereisten van SBR Regelgevende Technische Standaard, inclusief XBRL-markering, niet gecontroleerd

Wij hebben de naleving van de vereisten van de Regelgevende Technische Standaard van het SBR-domein Handelsregister, waaronder de aangebrachte eXtensible Business Reporting Language (XBRL) markeringen, niet onderzocht en brengen daarover geen oordeel tot uitdrukking.

Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie

Het jaarverslag omvat andere informatie naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij.

Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie:

  • met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat;
  • alle informatie bevat die op grond van Titel 9 Boek 2 BW is vereist voor het bestuursverslag en de overige gegevens.

Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in Titel 9 Boek 2 BW en de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.

De directie is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het bestuursverslag en de overige gegevens in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW.

Beschrijving van verantwoordelijkheden voor de jaarrekening

Verantwoordelijkheden van de directie en de raad van commissarissen voor de jaarrekening

De directie is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW. In dit kader is de directie verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die de directie noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. Bij het opmaken van de jaarrekening moet de directie afwegen of de coöperatie in staat is om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten. Op grond van genoemd verslaggevingsstelsel moet de directie de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de directie het voornemen heeft om de coöperatie te liquideren of de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. De directie moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de coöperatie haar bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening.

De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de coöperatie.

Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening

Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel.

Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten ontdekken.

Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.

Wij hebben deze accountantscontrole professioneel-kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. De sectie Informatie ter ondersteuning van ons oordeel hierboven, bevat een informatieve samenvatting van onze verantwoordelijkheden en de uitgevoerde werkzaamheden als basis voor ons oordeel.

Onze controle bestond verder onder andere uit:

  • het in reactie op de ingeschatte risico’s uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de coöperatie;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door de directie en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan;
  • het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen;
  • het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.

Communicatie

Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.

Wij bevestigen aan de raad van commissarissen dat wij de relevante ethische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd. Wij communiceren ook met de raad over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Wij bepalen de kernpunten van onze controle van de jaarrekening op basis van alle zaken die wij met de raad van commissarissen hebben besproken. Wij beschrijven deze kernpunten in onze controleverklaring, tenzij dit is verboden door wet-of regelgeving of in buitengewoon zeldzame omstandigheden wanneer het niet vermelden in het belang van het maatschappelijk verkeer is.

Amsterdam, 10 april 2026

EY Accountants B.V.

w.g. J.G. Kolsters RA ACA

Bijlage VSME verwijzingstabel

VSME Omschrijving Artikel Hoofdstuk in jaarverslag (Sub)paragraaf in jaarverslag
         
Basis module        
B1 Rapportage grondslag 24 (a t/m e) Duurzaamheid Algemene informatie / grondslagen rapportage
B2 Praktijken, beleid en toekomstige initiatieven naar een duurzame economie 14-16, 26-28 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse
  Cooperatieve specifieke rapportage 15 Niet van toepassing  
B3 Energie consumptie 29, 18-25 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  GHG emissies 30, 26-45 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  GHG emissies scope 3 50-53, 150-151 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  GHG emissie intensiteit / omzet 31 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
B4 Verontreiniging van lucht, water en bodem 32, 46-69 Niet van toepassing  
B5 Biodiversiteit 33, 70-73 + 34, 74-76 Niet van toepassing  
B6 Wateronttrekking 35, 77-93 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  Water consumptie 36, 77-90 Niet van toepassing  
B7 Circulaire economie 37, 94 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  Hoeveelheid afval 38 (a), 38 (b), 95-107 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  Massa-flow relevante materialen 38 (C ), 108-109 Niet van toepassing  
B8 Personeelsbestand - Algemene kenmerken 39(a), 110-117 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
    39(b), 110-117 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
    39 (a), 110-117 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
    40, 118 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
B9 Personeelsbestand - Gezondheid en veiligheid 41 (a, b), 119-126 Medewerkers Vitale medewerkers
B10   42(a), 127-128 Medewerkers Salarisstructuur en gelijk loon
    42(d) Medewerkers Opleiding en ontwikkeling van medewerkers
B11 Veroordelingen en boetes voor corruptie en omkoping 43, 141-144 Niet van toepassing  
         
Uitgebreide module        
C1 Strategie, bedrijfsmodel en duurzaamheid - gerelateerde initiatieven 47 (a), (b) en (c), 148 Directieverslag Onze ambitie en meerjarenstrategie naar 2030
  Elementen uit de strategie die gerelateerd zijn aan duurzaamheid 47(d) Duurzaamheid Inleiding
C2 Beschrijving van praktijken, beleid en toekomstige initiatieven 48, 149 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse
  Meest senior niveau verantwoordelijkheid implementatie duurzaamheid 49, 149 Duurzaamheid Algemene informatie / duurzaamheidsvisie
C3 Belangrijkste activiteiten die bijdragen aan behalen targets 54 (e ), 159 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
  Transitieplan voor ondernemingen die in high impact sectoren opereren 55, 160-163 Niet van toepassing  
C4 Klimaatrisico's 57 (a t/m d), 58, 164-166 Duurzaamheid Dubbele materialiteitsanalyse / Milieu / Klimaat
C5 Aanvullende (algemene) kenmerken van het personeelsbestand 59, 167-169 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
    60, 170-172 Medewerkers Algemene kenmerken van ons personeelsbestand
C6 Aanvullende informatie over het personeelsbestand - mensenrechtenbeleid en - processen 61(a, b, c), 173 Medewerkers Gedragscode
C7 Ernstige negatieve mensenrechtenincidenten 62 (a, b, c), 174 Medewerkers Gedragscode
C8 Inkomsten uit bepaalde sectoren 63 (a t/m d), 175-176 Niet van toepassing  
  Uitsluiting van EU-referentiebenchmarks 64, 177 (a t/m d) Niet van toepassing  
C9 Genderdiversiteitsverhouding in het bestuursorgaan 5, 178-180 Medewerkers Genderverdeling
         
         
         
Indentificatie van de rapporterende instelling      
Coöperatie Klaverblad Verzekeringen LEI: 724500NG5LS38CD4KY79
Classificatie NACE-code 65.12 Schadeverzekeraars